Pirelli hoger op flauwe beurs in Amsterdam

ROTTERDAM, 18 sept. Pirelli steeg vanmorgen bijna een procent op een verder slecht gestemd Damrak. Tokio was bijna 2 procent lager.

AMSTERDAM De Amsterdamse effectenbeurs lag er vanmorgen weer stil bij. Wall Street noch de dollar of de beurs in Londen en Tokio kon richting aan de markt geven. Over een breed front zakten de aandelenkoersen wat verder af. De stemmingsindex stond laat in de ochtend op 100,2 en dat was 0,6 punt beneden het slot van gisteren. Ook veel obligaties gaven fractioneel lagere noteringen te zien.

Van de grote aandelenfondsen waren er slechts enkele hoger. Het ging daarbij, net als bij de meeste verliezen, om dubbeltjes, maar die verbeteringen dreigden al snel weer te verdwijnen. Zo was Stork even een dubbeljes beter op f 49,40, maar al snel ging het naar f 49,20. Koninklijke Olie vormde met een f 1 hogere koers op f 144,40 een uitzondering in de markt. Koninklijke blijft profiteren van de Golf-crisis die tot hogere olieprijzen leidt. Hunter Douglas moest een gulden afstaan op f 63 en Borsumij eenzelfde bedrag op f 74,50. Tot de hogere lokale fondsen behoorde Pirelli met een vooruitgang van twee dubbeltjes op f 23,20. Hoewel nog niet duidelijk is hoe het verder zal gaan met de fusiebesprekingen met de Duitse Continental, zien beleggers in een overneming van Conti wel brood voor de net als de hele bandenindustrie moeizaam draaiende Pirelli. Samas was f 1,30 beter op f 77,30, Twentsche Kabel f 3,20 op f 144 en Simac twee kwartjes op f 15,60. Het commissionairshuis Van der Moolen, net als andere lijdend onder het gebrek aan handel op de beurzen, moest bijna een gulden inleveren op f 26,50. Flexovit zakte f 1 naar f 90, De Telegraaf f 2 naar f 81,50 en verenfabrikant Weweler f 2,60 naar f 47,20. Op de optiebeurs was de handel kalm; men wachtte op de Troonrede en enkele economische cijfers uit de Verenigde Staten. De omzet bedroeg 8600 contracten.

NEW YORK - Het Dow Jones-gemiddelde vandertig industriele aandelen boekte gisteren een bescheiden stijging van 3,22 punten tot 2.567,33. Wel sloten er in totaal meer fondsen lager dan hoger, namelijk 763 tegen 672. De omzet was met 111 miljoen aandelen nog een stuk magerder dan het bescheiden totaal van 134 miljoen op vrijdag.

De stijging van de olieprijzen bracht het Dow Jones-gemiddelde kort na de opening op een verlies van negentien punten. Er volgde echter al snel een herstel en gedurende de rest van de dag bleef het koersgemiddelde dicht bij het slotniveau van afgelopen vrijdag. Volgens handelaren is er de laatste tijd zo veel verkocht dat de koersen zelfs bij een forse stijging van de olieprijs nauwelijks meer verder omlaag kunnen. Anderzijds was er te weinig omzet om voor een duidelijke opgaande lijn te zorgen. Beleggers hielden hun kruit droog met het oog op de vandaag te publiceren cijfers over de Amerikaanse economie.

TOKIO - Op de beurs van Tokio zijn de koersen voor devierde achtereenvolgende dag omlaag gegaan. Het Nikkei-gfemiddelde van de 225 belangrijkste fondsen sloot vandaag op 23.308,31 yenm, een verlies van 480,78 yen (1,97 procent). Daarmee heeft de Japanse beurs in 1990 een nieuw dieptepunt behaald. Gisteren zakte de markt al met 531,86 punten.

Aanvankelijk zakte de toonaangevende Japanse barometer vandaag met 932 yen. Daarna kon het verlies wat verkleind worden. De omzetten lagen nog steeds onder het gemiddelde. Vandaag werden ongeveer 400 miljoen aandelen verhandeld tegenover 306 miljoen gisteren.

Vooral de sterke stijging van de olieprijzen en de onzekerheid op de onroerend goedmarkt waren verantwoordelijk voor het gebrek aan vertrouwen onder de beleggers. 'De hogere olieprijzen zorgen voor inflatie-angst. Daardoor gaan de rentetarieven omhoog en wordt stagflatie (een recessie met inflatie) mogelijk', zegt een handelaar, 'Wij zitten vast in een vicieuze cirkel'. Veel beleggers bleven, net als op de Europese beurzen, aan de zijlijn staan. 'In vergelijking met een maand geleden is niets veranderd', verzucht een andere handelaar, 'Alles wordt overschaduwd door de crisis in het Midden-Oosten. Beheerders van beleggingen blijven aan de kant staan'.