Meer geld voor opvang van stroom asielzoekers

De toegenomen stroom asielzoekers naar Nederland drukt zwaar op de begroting van Ontwikkelingssamenwerking. De stijging van de begroting met bijna 417 miljoen gulden wordt voor een aanzienlijk deel hiervoor bestemd. De opvang van asielzoekers uit de Derde wereld in Nederland vraagt in 1991 van Ontwikkelingssamenwerking een bedrag van maximaal 420 miljoen gulden (71/2 procent van de totale begroting). Dit jaar is dat bedrag 226 miljoen. Zowel de fracties van het CDA als de PvdA in de Tweede Kamer willen dat aan deze 'vervuiling van de begroting' op termijn een einde komt.

De rest van de 417 miljoen gulden stijging zal worden gebruikt voor nieuwe speerpuntprogramma's zoals milieu en ontwikkeling met als motto 'de aarde kan haar longen niet missen', stedelijke armoedebestrijding, vrouwen en ontwikkeling en onderzoek en technologie. In de begroting worden over die nieuwe programma's weinig mededelingen gedaan, omdat minister Pronk later deze week een nota uitbrengt aan de Tweede Kamer waarin hij het nieuwe beleid presenteert. Dat boekwerk omvat meer dan 500 pagina's. De nieuwe speerpunten moeten volgens de toelichting op de begroting nieuwe impulsen geven aan duurzame armoedebestrijding.

Aan internationale organisaties en regionale banken zal in 1991 55 miljoen gulden meer worden overgemaakt. Het totaal aan bestedingen via internationale organisaties is voor 1991 begroot op 1,3 miljard gulden. Ook zullen de Nederlandse particuliere medefinancieringsorganisaties op een groei van hun fondsen voor ontwikkeling kunnen rekenen met 35 miljoen gulden tot een totaal bedrag van 366 miljoen gulden.

Minister Pronk verwacht dat de hulpinspanning van Oosteuropese landen zal afnemen, omdat de politieke en economisch herstructureringsprocessen in die landen alle aandacht opeisen. Hij wil na overleg bepaalde hulpprogramma's van Oosteuropese landen in de Derde wereld overnemen. Ook wordt gedacht aan het medefinancieren van opleidingen en training in Oost-Europa voor personeel uit ontwikkelingslanden. Voorlopig is voor de opvang van het wegvallen van Oosteuropese hulp een bedrag van 25 miljoen gulden gereserveerd op de begroting.

De herstructurering van de Financieringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden vraagt in 1991 30 miljoen gulden extra tot een bedrag van 176 miljoen gulden. Ook zal het programma van zachte leningen voor export van Nederlandse produkten worden verhoogd tot een totaal bedrag van 219 miljoen gulden. In de toekomst wil Ontwikkelingssamenwerking beter er op toezien dat het niet alleen bij leveranties blijft van Nederlandse produkten, maar dat ook aandacht wordt besteed aan opleiding van gebruikers en het opzetten van een onderhoudssysteem. In het verleden is gebleken dat zestig procent van de hulpgoederen met zachte leningen aangeschaft niet of onvoldoende werd gebruikt.