Meer efficiency moet geld opleveren

Het kabinet wil de efficiency bij de overheid sterk verbeteren door de rijkstaken kritisch te bezien. Deze 'grote-efficiency' operatie moet al in 1991 75 miljoen gulden opbrengen, oplopend tot 300 miljoen in 1994. De Miljoenennota gaat uitvoerig in op de wenselijkheid het overheidsapparaat efficienter te maken. Verbetering van de 'grote-efficiency' kan betekenen dat de overheid taken volledig afstoot. Ook moeten de werkzaamheden die overheidsorganenen voor elkaar verrichten (intermediaire taken) worden verminderd. Daarnaast kan een herschikking van taken tussen verschillende ministeries aan de orde komen.

Topambtenaren moeten voor het eind van dit jaar concrete voorstellen op tafel leggen. Departementen mogen 60 procent van de door hen bereikte besparingen zelf houden; dit als prikkel om de efficiency te verbeteren. De overige 40 procent van de opbrengst is onder andere bestemd voor de politie en rechterlijke macht.

De 'kleine-efficiency' moet worden verbeterd door vergroting van de produktiviteit binnen de bestaande organisatiestructuur van de overheid, bijvoorbeeld door automatisering. De besparingen mogen voor verbetering van de arbeidsvoorwaarden worden benut.

Het kabinet denkt ook aan verdere aanpassing en differentiatie van de beheersregels binnen de rijksoverheid. Zo moet de mogelijkheid worden bezien overheidsdiensten met een sterk bedrijfsmatig karakter om te vormen tot zelfstandige 'agencies', zoals Groot-Brittannie die kent. In dit verband zal het proces van decentralisatie en verzelfstandiging van overheidstaken worden voortgezet.

Om de efficiency bij de overheid te verbeteren, zal ook het subsidiestelsel onder de loupe worden genomen. Een 'geintegreerd' subsidiebeleid moet de effectiviteit, doelmatigheid, controleerbaarheid en fraudebstendigheid van subsidieregelingen vergroten. Voor de begroting van volgend jaar is al besloten het totaal aan subsidies met 1 procent te korten.

Het kabinet wil ook onderzoeken of de door steeds meer overheidsinstellingen toepaste lease-constructies bij investeringen wel doelmatig zijn.

Volgens het kabinet is het niet zinvol alle initiatieven te laten opgaan in een grote operatie. De ministers van financien, justitie en binnenlandse zaken moeten een belangrijke stimulerende en coordinerende rol spelen. Maar de primaire verantwoordelijkheid voor concrete beleidsmaatregelen blijft bij de afzonderlijke ministers liggen.