Kandidaat Hooggerechtshof VS wil zich niet blootgeven

WASHINGTON, 18 september Aan het eind van drie zware dagen van hoorzittingen voor de commissie van justitie van de Senaat bekende David Souter, kandidaat voor het Amerikaanse Hooggerechtshof, dat 'niet elk moment zo goed bij mij in de smaak viel als sommige momenten'.

Maar van die bekentenis had deze vlekkeloze, intelligente bureaucraat zich snel hersteld door met bitterzoete glimlach te zeggen dat hij deze zittingen over het geheel genomen heel nuttig vond.

Met zijn vogelachtige profiel, de kaken op elkaar geklemd, wachtte hij de vragen af. Zo nu en dan kwam er een stijve glimlach, soms ook een grapje. De emotie bleef afgemeten. Gedurende uren van nauwgezet onderzoek maar soms ook van loos gewauwel over zijn verleden en zijn 'juridische filosofie', viel Souter niet eenmaal uit zijn rol. Hij bleef gedisciplineerd. Geduldig luisterde hij naar senatoren die graag hun kennis over de Constitutie etaleerden, listig ontweek hij hun pogingen om bekentenissen uit te lokken over dringende vragen van deze tijd zoals abortus.

Voorzichtig en beleefd probeerde hij hen te corrigeren als ze juridische fouten maakten. De meeste senatoren van de commissie van justitie hebben zelf een juridische loopbaan achter de rug als advocaat of als gekozen officier van justitie van een deelstaat. Sommige senatoren wilden werkelijk weten hoe Souter na zijn benoeming als een van de negen opperrechters zou beslissen over positieve discriminatie, abortus, de begrenzing van politie-optreden, vrijheid van meningsuiting en burgerrechten. In vroeger tijden maakten senatoren nooit gebruik van hun recht op een hoorzitting bij een dergelijke benoeming. Nu het hoogste hof een grotere rol speelt in de samenleving, roept de voorzitter van de commissie van justitie evenwel de ene vragenronde na de andere af, zodat de ondervraagde soms meerdere malen de zelfde vraag moet beantwoorden. 'O, is dat al gevraagd?' zegt de van een andere zitting teruggekeerde senator dan onschuldig. Zo nu en dan prees Souter een van zijn ondervragers. Onaangedaan zat hij erbij, toen senator Edward Kennedy al bladerend door de dossiers over Souters loopbaan 'harteloos' uitriep. De kwaliteiten en de temperamenten van de ondervragers verschilden onderling. Senator Strom Thurmond las zijn vragen voor als een schoolmeester. Kennedy beschuldigde. Commissievoorzitter Joseph Biden zette zijn vallen met een nonchalante maar verraderlijke vrolijkheid. Souter liep er niet in. Nog steeds weet het publiek weinig van hem. De kandidaat bevestigde het beeld dat Amerika van hem had: iemand die zijn leven lang zijn huiswerk af had. Hij had in Washington zijn intrek genomen in de kamer van zijn trotse vriend en voormalige juridische baas uit New Hampshire, senator Warren Rudman. Samen kampeerden ze afgelopen week in bedden boven elkaar. Verleden donderdagavond had Rudman in een restaurant een feestmaal georganiseerd om het gladde verloop van de eerste dag van de hoorzittingen te vieren. Souter wilde meedoen, mits hij na anderhalf uur weg mocht om verder te lezen en te werken.

Slechts een keer antwoordde hij een vraag met: 'ik weet het niet'. Ook bleek tijdens de hoorzitting dat Souter zich geruisloos conformeert aan zijn professionele omgeving. Als beheerder van de portefeuille justitie voor de staat New Hampshire had hij het gebruik van een lees- en schrijftest verdedigd voor stemgerechtigden. Met deze testen in de staat New Hampshire was absoluut niet gediscrimineerd, zo verzekerde hij donderdag voor de Senaat. Ook had hij indertijd voor de rechter verdedigd dat op Goede Vrijdag de vlag op officiele gebouwen halfstok moest. De verdediging van deze gedwongen kerstening is in tegenspraak met de strekking van een anekdote eerder die middag. Souter had toen beschreven dat hij aangedaan was door het verhaal van een joodse vriend die in zijn jeugd bij het schoolgebed apart werd gezet. Achteraf kon hij ook niet achter de halfstok-beslissing staan, al was ze wel verdedigbaar, zei hij voor de Senaat. Souter is niet zo conservatief als Robert Bork, wiens voordracht door Ronald Reagan in 1987 door de Senaat werd afgewezen. Souter is niet afkerig van conservatieve mikpunten als 'positieve discriminatie'.

Hij is geen 'constructionist' in de meest stricte zin, iemand die alleen de tekst van de Grondwet interpreteert.

Toch mishaagde hij progressieven door te verklaren dat de doodstraf niet verboden is door de Constitutie. Hij durfde alleen te reppen over een recht op voortplanting voor gehuwden. Een recht op anticonceptie wilde hij niet aannemen. Over abortus wilde hij zich niet uitlaten. Zijn morele oordeel over deze kwestie die niemand in Amerika onverschillig laat, zou zijn rechterlijke oordeel niet beinvloeden maar het zou wel die schijn wekken, antwoordde hij.

De ontwijkingen van Souter waren voor lobbygroepen al het sein om zich op volle kracht tegen hem te verzetten. De machtige National Organization for Women en de pro-abortuslobby gaan een snelle noodcampagne voeren. 'Er staan te veel levens van vrouwen op het spel als abortussen weer illegaal worden', zei de voorzitster van de vrouwenorganisatie, Patricia Ireland, gisteren. Volgende week dinsdag is er een grootscheepse landelijke actie die een vloed van boze brieven in de kantoren van senatoren moet laten stromen. Maar veel senatoren zijn Souter vriendelijk gezind, zo bleek de afgelopen dagen.

    • Maarten Huygen