Inspectiedienst voor visserij moet 10 procent inkrimpen

Het personeelsbestand van de Algemene Inspectiedienst (AID) van het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij zal de komende vijf jaar met circa tien procent worden ingekrompen. De AID is belast met de controle op onder andere de naleving van de visserijvoorschriften. Braks schrijft verder in zijn begroting dat de vissersvloot op zo kort mogelijke termijn fors moet worden ingekrompen. Om vaart te zetten achter deze operatie wordt de saneringspremie met vijftig procent verhoogd. Over de agrarische sector meldt de minister dat het de Nederlandse boeren in de afgelopen jaren qua inkomensontwikkeling vooral in vergelijking met hun Europese collega's beter is gegaan dan ooit. Bovendien daalt hun aantal minder hard dan elders. Een en ander betekent voor Braks niet dat er een al te grote schep extra kan worden gedaan op de bescherming van natuur en milieu in de agrarische sector.

Van de bijna 13 miljard gulden die minister Alders en hij in 1991 aan milieubeheer willen uitgeven, komt circa negen procent voor rekening van de landbouw. Volgens Braks wordt er een evenwichtig landbouw-milieubeleid uitgestippeld dat gefaseerd, stapje-voor-stapje, wordt uitgevoerd. Hij meent dat de Structuurnota landbouw en het Natuurbeleidsplan die het komend jaar door de Tweede Kamer besproken zullen worden, als ook het onlangs gepubliceerde meerjarenplan over vermindering van het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen het bewijs leveren van de evenwichtigheid die hij voorstaat. Het komend jaar zullen uiteindelijk de Groote Peel (in Brabant) als ook het Witterveld (Drenthe) en het Zwarte Meer (bij Kampen) onder de Natuurbeschermingswet worden gebracht. Verder krijgen Zuid-Kennemerland, Dwingelderveld en het natuurgebied de Weerribben (Overijssel) de status van nationaal park. Ook zal worden gewerkt aan een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden en in Nederland aan het begin van de realisering van een ecologische hoofdstructuur waardoor er een aaneenkoppeling van natuurgebieden moet ontstaan. Ten aanzien van de akkerbouw herinnert Braks eraan dat voor de herstructurering daarvan voor de jaren 1990-1994 een bedrag van 450 miljoen is uitgetrokken en dat daarvoor nu op regionale schaal diverse plannen worden ontwikkeld. Belangrijke gevolgen evenals grote spanningen verwacht hij van de politieke en economische integratie in de wereld en van de samenwerking met Oost-Europese landen, in het bijzonder met de DDR. Als in oktober de beide Duitslanden worden samengevoegd, zullen diverse Europese landbouwregelingen moeten worden aangepast. Als een even belangrijk gegeven voor de Nederlandse landbouw ziet de minister de uitkomsten van de GATT-onderhandelingen over de liberalisering van de agrarische wereldhandel die in december van dit jaar in Brussel moeten worden afgesloten. De uitkomsten van dit ministersoverleg zullen van grote betekenis zijn voor de agrarische export van Nederland en voor het landbouwbeleid in de komende jaren.

    • Natuurbeheer En Visserij