Beter milieu eist andere mentaliteit

Nu de periode van de 'grote nota's' achter de rug is, wil minister Alders met het milieubeleid overgaan van woorden naar daden. Daarbij gaat het hem, zo schrijft hij in zijn begroting, niet alleen om technologische maatregelen, maar ook om structurele gedragsveranderingen. Alders herhaalt in dat verband dat het milieu naast de terugdringing van het financieringstekort en de sociale vernieuwing de derde pijler van het kabinetsbeleid vormt. Volgens de minister kan nog niet worden aangegeven of het tot nu toe gevoerde beleid al meetbare resultaten heeft opgeleverd. Wel meent hij dat het draagvlak in de samenleving steeds groter wordt om de gewenste trendbreuk te bereiken. Alle betrokken groepen (provincies, gemeenten, bedrijfsleven) zouden daar constructief aan willen meewerken. Om ervoor te zorgen dat het milieubeleid met zijn meer dan tweehonderd actiepunten overzichtelijk blijft, is er op het ministerie een programma-coordinatiebureau opgericht en zal de samenwerking tussen het Rijk en de lagere overheden worden versterkt. Minister Alders constateert zorgelijk dat de instanties die met het toezicht op de naleving van milieuwetten zijn belast en milieudelicten moeten opsporen, steeds meer overbelast dreigen te raken. Onderzocht wordt daarom of het bedrijfsleven en de burgers niet op andere manieren tot verantwoord milieugedrag kunnen worden gebracht, bijvoorbeeld met financiele prikkels en produkteisen.

Van de 12,5 miljard gulden die in 1991 voor milieumaatregelen zijn uitgetrokken wordt 36 procent besteed aan afvalverwerking en bodemsanering, 16 procent aan het tegengaan van verspreiding van milieugevaarlijke stoffen en ruim 13 procent aan de strijd tegen de verzuring. Verder is 4,3 miljard gulden uitgetrokken voor acties tegen onder meer overbemesting, verdroging en geluid- en stankoverlast. Plannen om de verspilling van grondstoffen tegen te gaan moeten nog worden ontwikkeld. Minister Alders heeft daar nog geen geld voor uitgetrokken. Van alle kosten wordt 39 procent (bijna 5 miljard gulden) door de doelgroepen gedragen. Voor rekening van het Rijk komen het grootste deel van de kosten tegen verandering van het klimaat en vuilverwerking, de subsidies voor energiebesparing en de uitgaven voor de ondersteunende- en handhavingsmaatregelen.

Uit het feit dat Nederland in de tweede helft van 1991 het voorzitterschap van de EG krijgt, put minister Alders de hoop dat dan in Europees verband de uitvoering mogelijk wordt van een aantal milieuthema's waaraan hij veel belang hecht. Volgens Alders zouden besluiten in Brussel niet per se unaniem genomen hoeven worden, maar zou, net zoals op diverse terreinen al het geval is, ook op milieugebied met een gekwalificeerde meerderheid moeten kunnen worden volstaan. Praktisch zou dat betekenen dat voorstellen van de meer milieubewuste landen, waaronder Denemarken, de Bondsrepubliek en Nederland, een grotere kans van slagen hebben. De ontwikkelingen in Oost-Europa leiden ertoe dat de milieusamenwerking met diverse vroegere Oostbloklanden wordt uitgebreid. Over de uitbreiding van de milieusamenwerking met Oosteuropese landen ontvangt de Tweede Kamer van minister Alders binnenkort nadere plannen.