Verzekeraars tegen lagere aftrek lijfrente

ROTTERDAM, 17 sept. De Nederlandse Vereniging van Levensverzekeraars (NVL) vindt het voorstel van de regeringsfracties PvdA en CDA om de aftrekbaarheid van lijfrentepremies terug te brengen van het huidige maximum van 17.116 gulden tot maximaal 6.000 gulden niet aanvaardbaar. De NVL meent dat dit voorstel niet overeenstemt met de behoefte die in Nederland bestaat voor het treffen van adequate aanvullende oudedagsvoorzieningen.

De beide regeringspartijen stellen zich op het standpunt dat een pensioenvoorziening niet meer mag bedragen dan 70 procent van het laatstgenoten salaris en dat voor noodzakelijke aanvullingen volstaan kan worden met de voorgestelde lijfrenteaftrek van maximaal 6.000 gulden. Het voorstel, dat vorige week werd ingediend, voorziet in de mogelijkheid van een extra lijfrenteaftrek voor mensen met een vrij beroep of met sterk wisselende inkomsten en voor personen die een forse pensioenbreuk hebben opgelopen.

Volgens de NVL is op het moment dat zich dergelijke situaties voordoen de financiering van een pensioenaanvulling veel kostbaarder. 'Zulke situaties doen zich altijd op oudere leeftijd voor. Bovendien zou een dergelijke regeling in strijd zijn met het streven naar eenvoudige wetgeving', aldus L. J. Beugelsdijk, voorzitter van de NVL. Daarnaast constateren de levensverzekeraars bij het publiek een groeiende onzekerheid over de toekomstige AOW-uitkeringen, omdat niet zeker is of op termijn door de vergrijzing van de bevolking de AOW betaalbaar zal blijven.

De NVL is bereid te praten over de hoogte van de maximum-aftrek, maar vindt dat aan het bestaande maximum in ieder geval niet mag worden getornd. Beugelsdijk zegt een maximum van ongeveer 25.000 gulden reeeler te vinden dan het huidige maximum.