Deetman legt beschuldiging rapport naast zich neer

ROTTERDAM, 17 sept. Oud-minister Deetman (onderwijs) is nooit verantwoordelijk geweest voor de invoering van het financieringssysteem in het basisonderwijs, het zogeheten Londo-stelsel.

Deetman zegt dat in een reactie op het bericht dat de minister in 1988 heeft verzuimd overschrijdingen in het basisonderwijs in de begroting op te nemen.

Volgens Deetman is sinds het einde van de jaren zeventig de staatssecretaris van onderwijs verantwoordelijk geweest voor het project dat tot een goedkoper en rechtvaardiger financieringsstelsel in het basisonderwijs moest leiden. Wel heeft Deetman in 1988 intern druk uitgeoefend om zo snel mogelijk een definitief inzicht te krijgen in de daadwerkelijke uitgaven voor het basisonderwijs, zo verklaart hij.

Uit een vorige week aan de Tweede Kamer gezonden rapport over de overschrijdingen van de kosten voor materiaal en gebouwen in het basisonderwijs blijkt dat al in 1988 bekend was dat die kosten hoger waren dan tot dat moment werd aangenomen.

Deetman meldde de hogere kosten echter pas in de loop van 1989 aan de Tweede Kamer. Hoewel de onderzoekers zeggen dat de precieze omvang van de overschrijdingen pas later bekend werden, had daar volgens hen in de begroting voor 1989 al rekening mee kunnen worden gehouden.

Deetmans laatste staatssecretaris die voor het Londo-stelsel verantwoordelijk was, N. J. Ginjaar-Maas (VVD), was niet bereikbaar voor commentaar. Haar fractiegenoot en onderwijsspecialist J. Franssen meent dat Deetman de schuld niet op zijn staatssecretaris kan afschuiven. Als minister blijft hij verantwoordelijk voor de begroting, aldus Franssen.