Amsterdammers wassen te duur

Drie van de vier gezinnen in Amsterdam wast te duur, meldt het waterleidingbedrijf van de gemeente Amsterdam. Het baseert die conclusie op een enquete die het Bureau Onderzoek en Statistiek van de gemeente hield.

De meeste Amsterdammers denken nog steeds dat hun water erg hard is (veel kalkzouten bevat). Ze gebruiken daarom onthardingsmiddelen als Calgon (een zeoliet, een kleiachtig mineraal dat als een moleculaire zeef werkt en de kalk in zijn interne holtes kan opnemen) en doseren het wasmiddel zoals op de zijkant van het pak staat aangegeven voor hard-water gebieden. Hoog dus. Maar sinds september 1987 levert het waterleidingbedrijf zacht water. Het bedrijf had er nog wel een grote voorlichtingscampagne aan gewijd, maar de mensen zijn het blijkbaar weer vergeten. Voor die tijd had het water een hardheid van 12 graden 'Duitse hardheid', nu is het niveau 8,4 graden. Voor extra onthardingsmiddelen (ter bescherming van het verwarmingselement) of extra doseringen wasmiddel is dus geen aanleiding meer. De laagst aanbevolen dosering op de zijkant van het pak wasmiddel kan worden gevolgd en alles bij elkaar kan dat per gezin zo'n 70 gulden per jaar schelen.

Het waterleidingbedrijf van Amsterdam wijt het te dure wassen niet alleen aan het wegzakken van de kennis. Ook de informatie op de pakken laat te wensen over. In plaats van drie kolommen met doseermogelijkheden worden tegenwoordig nog maar twee kolommen vermeld en de geconcentreerde en ingedikte wasmiddelen hebben een hoop mensen in verwarring gebracht. Met het oude bekertje wordt altijd te veel gebruikt, waarschuwt de waterleiding.

J. Geitenbeek van Benkiser (Phileda-zemen, (C,)a va seul-schoenpoets en Calgon) zegt dat de Amsterdamse waterleiding in principe gelijk heeft. 'Wij adviseren Calgon voor water van meer dan 10 graden DH. Maar ik wil er wel bij aantekenen dat het water in de wasmachine door straatvuil op de kleren harder kan worden dan het leidingwater dat erin ging. En verder dit: de wasmiddelfabrikanten adviseren in harde gebieden een hogere dosering, want hun middelen bestaan voor zo'n 20 tot 30 procent uit ontharders. Maar behalve die ontharders gaat er bij een hogere dosering natuurlijk ook een hoop andere middelen mee. Vroeger fosfaten, nu fosfaatvervangers. En dat is nergens voor nodig. Je kunt je afvragen of een lage dosering wasmiddel en een beetje Calgon niet veel beter is.' De ontharding van het Amsterdamse drinkwater geschiedt in twee korrelreactor-installaties, een in Driemond en een bij Zandvoort. In korrelreactoren (10 bij Zandvoort, 6 bij Driemond) wordt het nog harde leidingwater aan de onderkant in een ketel gebracht waar granaatzand in zwevende toestand wordt gehouden. Een nauwkeurig afgemeten toevoeging natronloog zorgt ervoor dat het calcium op het zand in korrels neerslaat en aan de bovenkant van de ketel wordt het zachte water afgetapt. Het ook in het water aanwezige magnesium wordt er niet uitgehaald het is een stof die mensen goed kunnen gebruiken en er is dus geen reden het te verwijderen.

Als een drinkwaterbedrijf gaat ontharden, mag het niet lager gaandan 8 graden DH. Er zijn vage aanwijzingen dat in gebieden met hard water minder hart-en vaatziekten voorkomen. Een Amerikaans onderzoek zou dat hebben uitgewezen. Een herhaling van het onderzoek in Nederland leverde geen positieve resulaten op, maar voor alle zekerheid laat men er maar wat calcium inzitten. Overigens komt ook zonder ontharding veel zachter water voor: in Den Ham in Overijssel is het drinkwater 2 graden DH. Limburg is in Nederland verreweg het hardst: 17 graden. Behalve in Amsterdam werken ook de Friese waterleidingbedrijven met onthardingsinstallaties. Alleen bestaat het afvalprodukt daar niet uit nette korrels, maar uit 'kalkmelk', een slibachtige substantie waar weinig emplooi voor is. De Amsterdamse korrels worden aan de grinttegelindustrie verkocht.

    • Warna Oosterbaan