Twee doden bij nieuw politiek geweld in provincie Kosovo

BELGRADO, 14 sept. Bij een botsing tussen Albanese inwoners van Kosovo en de politie zijn gisteren twee mensen om het leven gekomen en twee gewond.

Het was voor het eerst sinds de rellen van januari en februari dat in Kosovo bij politiek geweld weer doden zijn gevallen.

Volgens Albanese oppositieleiders in de hoofdstad van Kosovo, Pristina, werden twee jonge Albanezen doodgeschoten tijdens een vijf uur durend vuurgevecht in het dorp Podujevo, waar de politie gisteren razzia's hield, op zoek naar wapens. Volgens een mededeling van de Servische politie werden de politiemannen in Pudojevo onder vuur genomen vanuit een huis en een aantal schuilplaatsen eromheen. Twee politiemannen werden gewond en dertig inwoners van Pudojevo zijn gearresteerd. Er werd een grote hoeveelheid wapens in beslag genomen, zo meldde later het persbureau Tanjug.

Albanese leden van het door de Servische autoriteiten ontbonden parlement van Kosovo hebben tijdens een geheime bijeenkomst op 7 september hun provincie van Servie afgescheiden en tot zevende republiek van Joegoslavie uitgeroepen. Dat is gisteren bekendgemaakt door Tanjug. Volgens het persbureau was de bijeenkomst van de 111 Albanese parlementariers 'illegaal', aangezien het parlement en de regering van Kosovo twee dagen eerder waren ontbonden.

De begin september aangenomen verklaring is een bevestiging van een soortgelijke verklaring die door alle leden van het parlement met uitzondering van de etnisch Servische en Macedonische leden op 2 juli was aangenomen. Die verklaring van juli was voor de Servische autoriteiten aanleiding in Kosovo in te grijpen. De verklaring van 7 september voorziet in een verlenging van de zittingstermijn van het parlement en van de regering van Kosovo tot na vrije verkiezingen.

Het Joegoslavische ministerie van buitenlandse zaken heeft gisteren de Servische autoriteiten gevraagd alsnog terug te komen op de recente uitwijzing van een delegatie van de Internationale Helsinki Federatie. De vier leden tellende delegatie werd tijdens een bezoek aan Kosovo gearresteerd en het land uitgezet, met het consigne drie jaar lang niet naar Joegoslavie terug te keren.

Tijdens een persconferentie zei gisteren een woordvoerder van het Joegoslavische ministerie dat de uitwijzing zou moeten worden geannuleerd en dat al de in beslag genomen documenten en geneesmiddelen aan de Internationale Helsinki Federatie zouden moeten worden teruggeven. (AP, AFP)