Onder strikte voorwaarden; V-raad gaat akkoord met noodhulp Irak

NEW YORK, 14 sept. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft vannacht met dertien stemmen voor en twee tegen (Cuba en Jemen) ingestemd met de levering van voedsel aan Irak en bezet Koeweit voor humanitaire gevallen, mits dit wordt gedistribueerd via de VN of andere dergelijke organen. Irak had eerder laten weten niet met deze voorwaarde in te stemmen.

Volgens de resolutie moet de secretaris-generaal van de VN met de hulp van internationale hulporganisaties bepalen of en zo ja waar in Irak en Koeweit wanhopige behoefte aan voedsel bestaat. Als het sanctiecomite van de VN, dat toeziet op het handelsembargo tegen Irak, op grond daarvan besluit dat er dringend behoefte aan levensmiddelen bestaat, kan het met een leverantie instemmen. Het sanctiecomite gaf India vervolgens toestemming 'een schip met levensmiddelen te sturen om in de onmiddellijke behoeften van Indiase staatsburgers in Koeweit en Irak te voorzien'.

Op de verspreiding van deze levensmiddelen 10.000 ton voor de 150.000 Indiers die ter plaatse vastzitten zijn uitdrukkelijk de voorwaarden van de Veiligheidsraad van toepassing. Het schip zal over drie of vier dagen Koeweit bereiken, en men wacht af wat de Iraakse autoriteiten dan zullen doen. De voorzitter van het sanctiecomite, de Finse Marjetta Risa, heeft niet uitgesloten dat de distributie kan gebeuren onder toezicht van Indiase diplomaten, in samenwerking met hetzij diplomaten van andere nationaliteiten hetzij de Iraakse Rode Halve Maan. Het sanctiecomite drong ook aan op noodhulp aan andere buitenlandse staatsburgers 'in moeilijke omstandigheden'.

De resolutie van de Veiligheidsraad is het resultaat van een Indiaas en Filippijns verzoek hun in Irak en Koeweit gestrande burgers te mogen voeden. Irak heeft gezegd in het licht van het handelsembargo dat overigens nadrukkelijk humanitaire leveranties uitsluit de honderdduizenden buitenlanders niet te kunnen voeden en heeft de eigen regeringen daarvoor verantwoordelijk gesteld. Tegelijk maken de Iraakse autoriteiten het de buitenlanders steeds moeilijker Irak en Koeweit te verlaten.

Irak heeft laten weten wat betreft de voedselvoorziening prioriteit te geven aan zijn strijdkrachten. Diezelfde strijdkrachten moeten volgens Bagdad zorgen voor de distributie van van buitenaf aangeleverde levensmiddelen.

De Amerikaanse VN-ambassadeur, Thomas Pickering, zei gisteren dat internationaal toezicht op de voedselleveranties daarom ook nodig is, omdat Irak van plan is 'niet aan de behoeftigen maar aan de begerigen het plunderende leger dat het naar Koeweit heeft gestuurd eerste prioriteit te geven'.

'Laten we eerlijk zijn', zei Pickering ook, 'er is voedsel in Irak en Koeweit. Maar de Iraakse autoriteiten hebben besloten de meest kwetsbare elementen van de civiele gemeenschap te beroven en hen naar de rand van uithongering te drijven.'

Ook de voortzitter van het sanctiecomite liet zich gisteren, voor de stemming, in deze zin uit.

De Veiligheidsraad verwierp eerder vannacht een ontwerp-resolutie van Cuba, volgens welke toegang tot levensmiddelen en medische hulp een fundamenteel mensenrecht is dat zelfs VN-sancties overtreft. Deze resolutie gaf zo'n brede definitie van humanitaire omstandigheden dat bijna onbeperkte voedselleveranties zouden zijn mogelijk geworden. Alleen Cuba, Jemen en China stemden voor deze resolutie; de Verenigde Staten, Canada, Groot-Brittannie, Frankrijk en Finland stemden tegen en de rest onthield zich van stemming. China was het enige land dat voor beide resoluties stemde. (Reuter, AP, AFP)