Italiaanse joint venture Enimont chemie mislukt

ROME, 13 sept. De samenwerking tussen de Italiaanse staatsholding Eni en het bedrijf Montedison gaat niet door.

De chemische joint venture Enimont, een van de tien grootste chemische bedrijven ter wereld zou worden, is definitief mislukt. Gisteren werd bekendgemaakt dat een van de twee partners het aandeel van de ander zal kopen. Binnen twee weken zal de staatsholding Eni (Ente Nazionale Idrocarburi) zijn aandeel van veertig procent in Enimont tegen een nader te bepalen prijs aanbieden aan Montedison.

Raul Gardini, de president van de Ferruzzi-groep waarvan Montedison deel uitmaakt, heeft twee weken de tijd om op het aanbod te reageren. Hij kan het aannemen en daarmee Enimont volledig privatiseren, hij kan ook besluiten zijn aandeel voor het genoemde bedrag te verkopen aan Eni. Opzet van het scheidingsakkoord is Enimont intact te laten. De joint venture was gevormd om de krachten in de versnipperde chemische sector te bundelen. Gardini heeft steeds gezegd dat zijn doel was Enimont vrijwel volledig in handen te krijgen. Dat zou echter ook betekenen dat hij een enorme schuldenlast moet overnemen. Op de Milanese beurs ging gistermiddag het gerucht dat Gardini had besloten zijn aandeel in Enimont te verkopen. De waarde van het belang van veertig procent dat zowel Eni als Montedison hebben in Enimont, zal worden vastgesteld door de bank Goldman Sachs. Een ruwe schatting gaat uit van ongeveer 2,5 biljoen lire, ongeveer vier miljard gulden. Een laatste verzoeningspoging tussen Gardini en Gabriele Cagliari, de president van Eni, is gisteravond mislukt. Na een gesprek van twee uur tussen Gardini, Cagliari en de minister van Staatsdeelneming, Franco Piga, gaf Montedison een communique uit waarin het bedrijf 'ervan nota neemt dat in de huidige omstandigheden de hypothese van samenwerking met Eni niet realiseerbaar is, vooral wegens meningsverschillen over de industriele strategie in de chemische sector.'

Vrijwel direct nadat Enimont vorig jaar is opgericht, ontstonden problemen. Gardini heeft steeds gezegd dat Eni bij de planning voor de joint venture elementen invoerde die voor een gewone onderneming veel minder belangrijk zijn dan voor een staatsbedrijf, zoals het effect op de werkgelegenheid van de noodzakelijke herstructurering van Enimont. Montedison had vorig jaar de effectieve controle over de dagelijkse gang van zaken bij Enimont verworven nadat bondgenoten elf procent van de twintig procent aandelen die op de markt waren geplaatst, hadden gekocht. Eni kon met zijn aandeel van veertig procent veel strategische beslissingen tegenhouden.

    • Marc Leijendekker