Amnesty: dit jaar al 500 executies in China

ROTTERDAM, 13 sept. Sinds begin dit jaar zijn in de Volksrepubliek China al meer dan 500 mensen die ter dood waren veroordeeld terechtgesteld. Dit zegt de internationale organisatie voor de rechten van de mens, Amnesty International, vandaag in een rapport. 'De geexecuteerde gevangenen behoorden tot de, voor zover bij Amnesty bekend, 1.100 mensen die de afgelopen twaalf maanden ter dood zijn veroordeeld', aldus het rapport. De organisatie sluit niet uit dat het werkelijke aantal ter dood veroordeelden veel groter is.

Onder de 1.100 zijn ook mensen die in de lente van 1989 waren betrokken bij de democratische beweging, door de autoriteiten consequent betiteld als 'contra-revolutionaire opstand'. De Chinese rechtbanken hebben van de autoriteiten de rechterlijke macht is niet onafhankelijk de opdracht gekregen zware straffen op te leggen en op steeds meer misdrijven staat de doodstraf, zo zegt Amnesty. Volgens sommige Chinese functionarissen wil het bewind met deze maatregelen het misdaadcijfer terugdringen voor eind september de Aziatische Spelen in Peking beginnen en China een 'schone' indruk wil maken.

Sinds 1983 is de repressie in China niet meer zo groot geweest, aldus Amnesty. In dat jaar werd een grote campagne gevoerd tegen de misdaad; tussen de 5.000 en 10.000 mensen werden toen terechtgesteld. Amnesty International noemt de huidige situatie in China zorgwekkend, te meer daar de juridische procedures 'ver onder de internationale normen' liggen. Processen zijn veelal een formaliteit; de uitspraak staat van te voren vast. Mogelijkheden tot beroep of gratie bestaan vrijwel niet. Bijna alle doodvonnissen die dit jaar zijn uitgesproken, zijn opgelegd tijdens spoedzittingen waarbij de verdachten nauwelijk de gelegenheid hadden zich te verdedigen.