Spaanse schepen onder felle kritiek naar Golf

MADRID, 12 sept. Een grote meerderheid van het Spaanse parlement heeft gisteren haar goedkeuring gehecht aan het sturen van oorlogsschepen naar de Golf. De meeste fracties toonden zich echter uiterst ontevreden over het late tijdstip waarop premier Gonzalez verantwoording heeft willen afleggen over het al drie weken geleden genomen besluit. Verscheidene woordvoerders erkenden bovendien dat de eensgezindheid in het parlement niet helemaal representatief is voor de stemming onder de bevolking, waar vooral veel weerstand bestaat tegen het zenden van ruim tweehonderd dienstplichtige militairen naar een gebied waar oorlog dreigt. Vier van de vijf grote partijen drongen dan ook aan op een fundamenteel debat over de dienstplicht in de nabije toekomst, waarbij volgens Verenigd Links en het centrum-liberale CDS ook over de vorming van een beroepsleger moet worden gesproken.

Alleen Verenigd Links en een aantal kleine, regionale partijen verzetten zich gisteren ronduit tegen de deelname van Spanje aan de blokkade in de Golf. Volgens Gonzalez heeft Spanje echter evenals de andere landen van de Europese Gemeenschap de plicht om een actieve bijdrage te leveren aan het handhaven van de internationale orde. Hij kondigde verder aan dat de Spaanse regering samen met andere overheden, 'liefst in EG-verband', bij de Veiligheidsraad om aanvullende maatregelen tegen Irak zal vragen als blijkt dat de huidige economische sancties onvoldoende effect sorteren. De premier zei het afgelopen weekeinde tijdens een bezoek aan Zweden dat Spanje ook bereid is grondtroepen naar het Midden-Oosten te sturen in het kader van een VN-vredesmacht.

Hooggeeerde dichter

Een tiental actiegroepen en politieke partijen, waaronder het door de communisten gedomineerde Verenigd Links, heeft inmiddels de krachten gebundeld om buitenparlementaire actie te voeren tegen wat wordt beschouwd als 'een breuk met de Spaanse traditie om zich niet te mengen in internationale conflicten'.

Enkele prominente Spanjaarden, onder wie de oude en hooggeeerde dichter Rafael Alberti, hebben de bemanning van de inmiddels in de Golf gearriveerde schepen opgeroepen tot muiterij en desertie. Een inderhaast gevormd comite van ouders van dienstplichtigen is onder het motto 'Geef ons onze zonen terug' een proces tegen de regering begonnen. Zij beschuldigen Gonzalez van 'onbehoorlijk bestuur' en 'wederrechterlijke vrijheidsberoving'. Volgens de premier hoort op een oorlogsschip nu eenmaal een bemanning en bestaat die bemanning nu eenmaal altijd voor een deel uit dienstplichtigen. Verscheidene politieke partijen en ook de jongerenafdeling van zijn eigen socialistische PSOE zijn dat niet met hem eens. Er wordt op gewezen dat sommigen van de betrokken matrozen pas enkele weken onder de wapenen zijn en nog nooit hebben gevaren. Anderen zouden over enkele weken afzwaaien. Verscheidene maten zijn voorts de zwemkunst niet meester. In de haast van het vertrek is er bovendien ook met de uitrusting hier en daar iets misgegaan. Zo zijn er niet voldoende bedden voor alle 496 opvarenden. Naar de mening van de critici zou het uitzenden van dienstplichtigen op basis van vrijwilligheid moeten gebeuren, net als in Nederland. Daarnaast wijst men er op dat premier Gonzalez ten tijde van de campagne voor het NAVO-referendum in 1986 beloofd zou hebben dat dienstplichtige militairen nooit buiten de landsgrenzen zouden hoeven vechten.

Tegen de achtergrond van de grote weerstand tegen het NAVO-lidmaatschap (veertig procent van de bevolking stemde destijds tegen) kan veel van de huidige buitenparlementaire kritiek worden begrepen. Degenen die destijds waarschuwden dat Spanje voortaan naar het pijpen van de Verenigde Staten zou moeten dansen, halen nu hun gelijk. De PSOE betoogde zowel toen als nu dat het land zich uit het door Franco bewerkstelligde isolement diende te bevrijden en dat het NAVO-lidmaatschap eerder als een consequentie van de begeerde integratie in Europa moest worden gezien. Hoeveel enthousiasme de Spanjaarden in het algemeen ook voor de Europese eenwording koesteren, een niet onaanzienlijk deel van de spraakmakende gemeente noemt nu in beschouwingen en commentaren de prijs van betrokkenheid bij een oorlog in het Midden-Oosten veel te hoog. Gonzalez keerde zich gisteren in het parlement expliciet tegen dit soort publikaties door er op te wijzen dat 'gepubliceerde opinies niet altijd de publieke opinie zijn'.

Bagatelliseren

Zelf heeft hij echter in eerste aanleg die publieke opinie negatief beinvloed door pogingen het belang van de hele operatie te bagatelliseren. De premier raadpleegde aanvankelijk alleen zijn ministers van defensie en buitenlandse zaken over zijn besluit en verscheen pas dagen later even in het televisiejournaal om uit te leggen dat de Spaanse schepen een 'vredesmissie' gingen uitvoeren in verband met een 'regionaal conflict'. Een regeringswoordvoerder verzekerde bovendien dat deze missie geen extra kosten met zich mee zou brengen. Inmiddels heeft de minister van defensie gezegd dat het avontuur ongeveer 400 miljoen peseta's (ruim zeven miljoen gulden) per maand gaat kosten. Om te beklemtonen dat er niet zoveel bijzonders aan de hand was, kwam geen van de betrokken bewindslieden afscheid nemen toen het fregat Santa Maria en de korvetten Descubierta en Cazadora twee weken geleden wegvoeren uit de havens van Rota en Cartagena. Alleen koning Juan Carlos zond van zijn vakantieadres een kattebelletje waarin hij de hoop uitsprak dat de bemanningen 'met goed gevolg hun opdracht zouden volbrengen'.