'Buitenland betrokken bij opstand Roemenie'

BOEKAREST, 12 sept. De Roemeense revolutie van december vorig jaar is mede aangesticht door buitenlandse infiltranten. Dat heeft gisteren, op de openingsdag van zijn proces in Boekarest, generaal Iulian Vlad gezegd, in december de chef van de Securitate.

Vlad zei dat voor 17 december, toen in Timisoara de revolutie begon, bij de Roemeense geheime dienst steeds meer berichten binnenkwamen over buitenlanders die Roemenie illegaal binnenkwamen om er zich met subversieve activiteiten bezig te houden. 'We waren op de hoogte van plannen ten aanzien van Roemenie, van de vele illegale grensoverschrijdingen via de westelijke grenzen van Roemenie. De naam van dat spel was destabilisatie, ondermijning en sabotage', aldus Vlad. Hij gaf geen bijzonderheden over de nationaliteit van de infiltranten. Timisoara ligt dicht bij de grenzen met Joegoslavie en Hongarije. President Ceausescu was van de infiltraties op de hoogte, niet alleen door de informatie van de Securitate, maar ook 'uit andere bronnen, zoals het ministerie van buitenlandse zaken'. Vlad staat voor het Hooggerechtshof terecht op beschuldiging van deelname aan genocide. Hij zou Securitate-eenheden opdracht hebben gegeven in de eerste fase van de revolutie op demonstranten te schieten. De generaal verklaarde zich onschuldig: hij had dergelijke opdrachten niet gegeven maar zich integendeel bij de revolutie aangesloten. Op 22 december had hij opdracht gegeven de deuren van het hoofdkwartier van de partij in Boekarest voor demonstranten te openen. Vlad gaf af op de in december ten val gebrachte Ceausescu, die hij omschreef als 'een dictator die zijn volk licht, warmte en voedsel onthield'.

Hij noemde de Securitate 'niet het meest geliefde kind van de Ceausescu's, maar een noodzakelijk kwaad dat ze moesten gebruiken'. Vlad zei over de gebeurtenissen in Timisoara dat die op gang werden gebracht door relschoppers en niet door de mensen die een paar dagen later tegen het regime opstonden. Het hoofd van de plaatselijke Securitate werd door de gebeurtenissen, het geweld en de plunderingen in zijn stad in verwarring gebracht. Op 17 december, aldus Vlad, werden driehonderd winkels geplunderd en in brand gestoken en werden soldaten en politiemannen op straat aangevallen en afgeranseld. 'Dat had niets te maken met de volksopstand tegen Ceausescu.' (Reuter)