Sommige bewegingen moet je kunnen lezen als een tekst

AMSTERDAM, 11 sept. Voor de buitenwereld lijkt de artistiek leidster van De Rotterdamse Dansgroep soms een ongemakkelijke tante. Tijdens een conflict met enkele dansers in 1986 over haar stijl van leidinggeven, liet zij door het bestuur niet buitenspel zetten, maar stapte naar de rechter, die haar in haar functie herstelde. Kathy Gosschalk (48) is een doordouwer. 'Natuurlijk heb ik ook andere karaktertrekken', zegt de choreografe. 'Naarmate ik ouder word, krijg ik meer begrip voor de fouten van jonge dansers. Als zij nu de verkeerde coulissen inlopen, denk ik: die kinderen zijn nog groen. Je moet veel uitleggen. Mijn woorden kies ik zorgvuldiger dan vroeger, al is mijn humor nogal cynisch en kunnen alleen ingewijden die echt waarderen.' Het theater zit Kathy Gosschalk in het bloed. Op haar zesde zong zij smartlappen op straat en speelde toneeltje in een Amsterdams pakhuis. Haar dansopleiding kreeg ze bij het gezelschap Scapino. Later vertrok zij naar het Nederlands Dans Theater, waar haar toneeltalent opviel. Op haar dertigste stopte zij vervolgens met dansen en om bij verschillende gezelschappen te acteren. Maar omdat haar 'dagen niet gevuld waren', begon zij na drie jaar les te geven op de Rotterdamse Dansacademie, tot 1975, toen de gemeente haar vroeg de leiding op zich te nemen van Werkcentrum Dans, de voorloper van De Rotterdamse Dansgroep.

Regelmatig maakt zij voor het moderne dansgezelschap nieuwe choreografieen. De laatste jaren echter is zij op zoek naar een bewegingsvorm die 'bijna werkt als een tekst'.

Haar nieuwe ballet Beroemde Kinderen, dat woensdag in Amsterdam in premiere gaat, noemt zij daarom een theater-dansstuk.

Kathy Gosschalk: 'De toon van Beroemde Kinderen is droeviger geworden dan mijn bedoeling was. Toch is het geen preek geworden. Het centrale thema is de vrouw en haar rol in de wereld: als moeder, kind en kleinkind. Die rol is maatschappelijk bepaald. Dat heeft altijd verzet opgeroepen; ook in de middeleeuwen waren er geemancipeerde types. Marguerite Duras schrijft in haar verhalenbundel Het materiele leven over het verschil tussen een man die het huishouden doet en een huisvrouw: zonder dat de een het nu slechter doet dan de ander, lijkt dat zorgende lijkt bij ons in de genen te zitten. 'Jaren heb ik gevochten tegen die aangeboren drang, maar dat heb ik inmiddels opgegeven.' Het repetoire van De Rotterdamse Dansgroep geeft een beeld van recente stromingen in de hedendaagse dans. Veel jonge Nederlandse choreograven zijn er begonnen, zoals Hans Tuerlings, Ton Simons en Ed Wubbe. Bij de buitenlanders die er gastchoreografieen maakten ligt het accent op Amerikaanse post-modernen als Merce Cunningham, Randy Warshaw en Stephen Petronio. Maar volgens Gosschalk gebeurt daar op het ogenblik 'niets opwindends', terwijl zij ook niet dol is op de 'theatrale chic' van de Fransen, of het 'bloedeloze' van de Britten.

Gosschalk vindt dat zij zeer kritisch is geworden. Toch gelooft zij niet dat er op het ogenblik sprake is van 'een malaise' in de dans. Eerder bevinden wij ons, 'na de dansexplosie van de jaren '80 in een verwerkingsperiode', maar, zegt Gosschalk, 'dat is niet meer dan natuurlijk' ; ook 'de mode en de architectuur grijpen nu immers terug naar het verleden.' In plaats van haar podium voornamelijk beschikbaar te stellen aan buitenlandse gastchoreografen, zoals Gosschalk tot nu toe deed, is het ook mogelijk meer aandacht te schenken aan Nederlands talent. 'Dat zou mijn taak wel verzwaren', zegt Gosschalk. 'Tot mijn 65ste zie ik mij hiermee dan ook niet doorgaan.' Hoe ziet ze haar eigen artistieke toekomst? Gosschalk: 'Ik zou meer willen samenwerken met beeldend kunstenaars en componisten, zoals ik nu bij Beroemde Kinderen heb gedaan met Peter de Kimpe voor het decor en Michel Waisvisz voor de muziek.' De Rotterdamse Dansgroep: Beroemde Kinderen. T/m 15/9 te zien in Frascati, Nes, Amsterdam, 20.30 uur.

In het Amsterdamse theater Frascati gaat woensdag het theater-dansstuk Beroemde Kinderen van De Rotterdamse Dansgroep in premiere. Een gesprek met de choreografe Kathy Gosschalk.