Meer olieprodukten via A'dam naar Z-Afrika

AMSTERDAM, 11 sept. Vanuit de Amsterdamse haven worden in toenemende mate olieprodukten naar Zuid-Afrika vervoerd. In de periode juni 1989 tot april 1990 hebben naar schatting tien geladen tankers in totaal 600.000 ton olieprodukten vanuit de hoofdstad naar Zuid-Afrika vervoerd, met een waarde van ten minste 250 miljoen gulden.

Dit blijkt uit het rapport Fuel for Apartheid, oil supplies to South Africa, de weerslag van een internationaal onderzoek naar het olie-embargo tegen Zuid-Afrika dat het Shipping Research Bureau (SRB) vandaag in Amsterdam heeft gepresenteerd.

Het gaat volgens het rapport vooral om bewerkte olieprodukten als benzine en gasolie, die vanuit de hoofdstad naar Zuid-Afrika worden getransporteerd. Deze produkten vallen niet onder de Nederlandse sanctieregels.

De vraag naar bewerkte olieprodukten vanuit Zuid-Afrika is de laatste jaren toegenomen, hoewel de raffinagecapaciteit in Zuid-Afrika volgens de onderzoekers in voldoende mate aanwezig is. De toegenomen vraag kan enigszins worden verklaard door het produktieverlies bij de Zuidafrikaanse Sasol-fabrieken als gevolg van twee branden in januari en mei 1989, aldus het rapport. In deze fabrieken wordt uit steenkool synthetische brandstof gewonnen. Zuid-Afrika is volgens het SRB-rapport voor bijna een kwart van de olie afhankelijk van de eigen Sasol-fabrieken.

Nederland handhaaft in EG-verband sinds 1985 een beperkte olie-embargo tegen Zuid-Afrika, hetgeen betekent dat de export van ruwe olie is verboden. Bewerkte produkten als petroleum en benzine vallen echter niet onder de boycot en mogen dus vanuit Amsterdam naar Zuid-Afrika worden vervoerd.

Deze 'beperkte' sanctiemaatregelen zijn tijdens de laatste EG-top in Dublin, eind juni, bekrachtigd. Ons land heeft zich in 1989, tijdens de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties tegen een algeheel olie-embargo tegen Zuid-Afrika gekeerd. Een ruime meerderheid stemde destijds voor de olieboycot-resolutie. Nederland onthield zich van stemming. (ANP)