Shell tegen onmiddellijk opheffen van sancties tegen Zuid-Afrika

KAAPSTAD, 10 sept. Shell Zuid-Afrika vindt dat de westelijke wereld nu niet ineens alle sancties tegenover Zuid-Afrika moet opheffen. 'Er is een 'carrot and stick'-benadering nodig, waarbij sancties geleidelijk worden opgeheven', zegt president-directeur John G. Kilroe.

Tijdens een gesprek in Kaapstad, waar het Shell-hoofdkwartier is gevestigd, zegt Kilroe dat Shell begrip heeft voor de oproep van de zwarte leider Nelson Mandela om de sancties te handhaven. 'Hij is bang dat anders het proces van de volledige afschaffing van apartheid wordt gestopt. We moeten die angst serieus nemen.' Anderzijds, aldus Kilroe, moet de Zuidafrikaanse economie niet nog verder kapot gaan. 'Bovendien heeft president De Klerk erkenning nodig voor de moedige stappen die hij heeft gezet. Met opheffing van een deel van de sancties zou het Westen dat kunnen doen, zonder dat men alle drukmiddelen uit handen geeft.'

We moeten niet vergeten, zegt hij, dat apartheid 'in niet geringe mate verantwoordelijk is voor de hedendaagse chaos in dit land. Wanneer natuurlijk leiderschap wordt onderdrukt, wanneer gedwongen kunstmatige groepen worden gevormd, is machtsstrijd onvermijdelijk.' De 'carrot', de worst die Zuid-Afrika moet worden voorgehouden, zou naar Kilroe's opvatting kunnen bestaan uit het opheffen van de culturele boycot, het weer toelaten van Zuidafrikanen bij sportontmoetingen en het geven van landingsrechten aan de Zuidafrikaanse luchtvaartmaatschappij. De 'stick', de stok achter de deur, is het handhaven van een belangrijke sanctie als de investeringsstop.

Shell behoort met circa 4000 werknemers (waarvan 2500 zwarten) niet tot de grootste Zuidafrikaanse bedrijven, maar actievoerders in veel landen hebben Shell als symbool gekozen voor hun strijd tegen apartheid. Het bedrijf heeft in Zuid-Afrika zo'n 140 vestigingen. Een aantal bestaat uit zeer grote pompstations, die op kleine dorpjes lijken en waarin de laatste jaren zwarte Zuidafrikanen winkeltjes drijven.

De verschillende divisies van Shell in het land houden zich bezig met olie, transport, delving van metalen, chemie, mijnbouw en bosbouw. De moedermaatschappijen van Shell Zuid-Afrika zijn Royal Dutch Petroleum Company in Nederland (60 procent) en Shell Transport and Trading Company in Engeland (40 procent). De totale omzet steeg in 1989 met 29 procent tot bijna 4,8 miljard rand. John Kilroe (55), een engelstalige Zuidafrikaan, is sinds januari 1989 president van Shell Zuid-Afrika, nadat hij in het begin van de jaren tachtig twee jaar de oliedivisie in het land had geleid. In de tussenliggende periode zat hij bij Shell Nederland.

De sancties hebben volgens de Shell-president 'de structuur van de economie van Zuid-Afrika beschadigd'.

De rentevoet is op dit moment rond 20 procent, de inflatie 13 procent (is boven de 20 procent geweest). 'De economische groei beweegt zich tussen nul en 0,5 procent. Alleen al voor de opvang van de bevolkingstoename hebben we een jaarlijkse groei nodig van 4 tot 5 procent. Een gezonde economie is de grootste waarborg voor grotere kansen voor arme mensen.' Zal de toekomst, zoals vele ondernemers vrezen, bestaan uit nationalisatie van het bedrijfsleven? 'Ik ben daar niet zo bang voor. Ik denk dat ook het ANC zal inzien dat nationalisaties alleen op de zeer korte termijn wat voordelen opleveren, maar over een langere periode de economie kapotmaken. Niet de regering creeert welvaart, maar de prive-ondernemers. Het zal het ANC ook niet zijn ontgaan dat er genoeg voorbeelden in de wereld zijn van hoe slecht nationalisaties zijn.' Het is ook Kilroe opgevallen dat Mandela zich wel duidelijk uitlaat over handhaving van alle sancties, maar dat hij ontwijkende antwoorden geeft wanneer hem specifieke vragen worden gesteld over de eis aan Shell om Zuid-Afrika te verlaten. Bij zijn korte verblijf onlangs in Nederland gaf hij vage antwoorden toen hem daarover vragen werden gesteld.

Ook de afgelopen week, toen Mandela daarover in Johannesburg een vraag kreeg van Nederlandse journalisten na afloop van zijn gesprek met een delegatie van de Tweede Kamer, zei hij: 'Laten we het nu niet over Shell hebben, ik ben hier gekomen om Nederlandse parlementsleden te informeren over de situatie.' Kilroe glimlacht als hij dit laatste hoort. 'Mandela is politicus, maar hij is ook realist. Hij wil niet zeggen dat de actie tegen Shell moet worden stopgezet, omdat hij denkt zich dat nog niet tegenover zijn achterban te kunnen veroorloven. Het is echter duidelijk dat het ANC er al enige tijd geleden mee is opgehouden publiekelijk Shells vertrek te eisen. Dat is verheugend.' De Shell-president verklaart deze voorzichtige positieve opstelling uit Shells sociale activiteiten voor de zwarte bevolking. De bij het gesprek aanwezige directeur voor 'human resources', een soort sociaal directeur, de Brit Clive Mether, overhandigt een lijst met 23 projecten, waarbij Shell concreet heeft bijgedragen, zoals erboven staat, 'aan de eliminatie van intolerantie tussen rassen, onrechtvaardige wetten en onaanvaardbare mensenrechtenpraktijken'. Het aantal zwarten in leidinggevende posities op alle niveaus binnen het concern is in tien jaar van 7 naar 25 procent gestegen, zo laat Mether zien op een tabel. De meeste van deze projecten zijn samen met zwarte groeperingen opgezet, die als voorwaarde hebben gesteld dat Shell er geen public relations mee bedrijft. Volgens Methers cijfers waren er het afgelopen jaar 1,3 miljoen zwarten betrokken bij door Shell georganiseerde of gefinancierde scholingsactiviteiten.

Kilroe: 'Onze hele houding is gericht op het beschermen van mensenrechten. Daarbij kun je apartheid niet aanvaarden. Ik kan een voorbeeld geven van wat wij hebben gedaan. Door allerlei censuurmaatregelen kwam het voortbestaan van een vrije pers in de knel. Wij zijn toen begonnen regionale kranten te subsidieren en dat doen we nog. Daarmee hebben we bij rechtse groepen veel klanten verloren. Bij de zwarte bevolking hebben we echter ons marktaandeel bij de benzineverkoop aanzienlijk kunnen vergroten.' Politieke partijen mag Shell volgens haar statuten niet subsidieren. Op de vraag of het ANC ook geld aan Shell heeft gevraagd, geeft Kilroe een ontwijkend antwoord. 'Ik heb een keer met Mandela en twee keer met Sisulu (de officiele ANC-voorzitter R. M.) gesproken. Het ANC heeft ons bedankt voor onze activiteiten om zwarten in leidinggevende posities te zetten. Wij kunnen het ANC niet rechtstreeks steunen, maar we doen veel op praktisch niveau.'

Kilroe geeft geen verdere details, maar ANC-medewerkers geven aan dat het bedrijf in een aantal gevallen de verdediging heeft gefinancierd van politieke gevangenen. Als het Shell-medewerkers betrof, werden hun lonen doorbetaald en konden zij naderhand direct weer in het bedrijf aan de slag.

Had Shell dit nu ook allemaal gedaan als er geen sancties waren ingesteld en er geen boycotacties tegen het bedrijf waren gevoerd in de westelijke wereld? Kilroe zoekt naar woorden voor zijn antwoord: 'U zou verbaasd staan van de sociale houding die Shell over de hele wereld tegenover zijn medewerkers inneemt', zegt hij dan neutraal. 'Maar ik zal nooit ontkennen dat Shell een onderneming is die winst moet maken en dat voor ons de politieke ontwikkeling in Zuid-Afrika zo slecht verliep, dat ons bedrijf daardoor in de verdrukking dreigde te komen.'

    • Rob Meines