Internationaal reisbureau voor vluchtelingen en ontheemden; IOM vervoert evacues gratis naar huis

AMMAN, 10 sept. Voor de repatriering van de Aziatische vluchtelingen uit Koeweit en Irak die in Jordanie zijn gestrand, bestaat dringend behoefte aan vliegtuigen en schepen. De Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) die de repatriering organiseert voor zover de landen van de gestrande vluchtelingen het zelf niet aankunnen, heeft dit weekeinde een noodkreet gericht tot 24 staatshoofden en regeringsleiders, onder wie premier Lubbers, om 'een menselijke tragedie' te voorkomen door onmiddellijk commerciele en militaire vliegtuigen en schepen beschikbaar te stellen.

Voor de komende tien dagen heeft de IOM tot nu toe 77 vluchten kunnen organiseren, waarmee een bedrag is gemoeid van 12,5 miljoen dollar. Hiermee kunnen 25.000 vluchtelingen naar huis worden gevlogen slechts een klein deel van de in Jordanie gestrande Aziaten. De IOM wijst erop dat hulporganisaties het aantal vluchtelingen uit Koeweit en Irak in Jordanie schatten op 100.000, terwijl naar schatting 'op de korte termijn nog een half miljoen mensen' naar Jordanie kunnen komen.

Tot nu toe heeft de organisatie 30 vluchten uitgevoerd, vooral op Bangladesh en Sri Lanka. 'Voor de Bengalen en Sri-Lankezen is de nood het hoogst', zegt woordvoerder Regina Boucault. 'Hun regeringen zijn het armst (al heeft Bangladesh zelf toch 2.000 mensen opgehaald) en ze vormen de grootste groepen. Pakistan, India en de Filippijnen zorgen zelf voor grote repatrieringsprogramma's. 'Als een aantal landen voor ons een of twee weken een vliegtuig aanbiedt, kunnen wij 100.000 mensen in een maand thuis brengen, zegt Boucault. Frankrijk heeft vrijdag een Boeing 747 met 500 plaatsen voor een week beschikbaar gesteld voor de evacuatie. De IOM overweegt ook schepen in te zetten, maar een medewerker wijst erop dat het daarbij wel om grote schepen moet gaan. 'De schepen die we op korte termijn kunnen krijgen, bijvoorbeeld in de haven van Aqaba, kunnen niet meer dan 1.500 tot 2.000 mensen vervoeren. Met een Boeing 767 kunnen we in een week 2.500 mensen repatrieren'.

Reisbureau

De IOM is een intergouvernementele organisatie waarbij 35 landen zijn aangesloten, waaronder Nederland. Ze functioneert als een wereldwijd reisbureau voor vluchtelingen, ontheemden en reguliere migranten. Sinds de oprichting in 1951 heeft de organisatie de emigratie van 180.000 Hongaarse vluchtelingen in 1956 en 1957 verzorgd, van 40.000 Tsjechoslowaken in 1968, 25.000 Chilenen in 1973 en meer dan een miljoen vluchtelingen uit Indochina sinds 1975. Daarnaast legt de IOM zich toe op hulp aan reguliere migranten en remigranten en ook op de georganiseerde migratie van technische en andere deskundigen naar Derde-Wereldlanden om de sociale, economische en culturele ontwikkeling van die landen te stimuleren.

Sinds 25 augustus, twee dagen nadat Jordanie een formeel verzoek tot bijstand in het vluchtelingenprobleem had gericht aan de wereldgemeenschap, houdt een klein team (op dit moment van veertien man) kantoor in een van de internationale hotels van Amman. Van daaruit worden de contacten onderhouden met het hoofdkwartier in Geneve, waar de giften en toezeggingen van vliegtuigen binnenkomen, met de Jordaanse autoriteiten en de internationale hulporganisaties die de vluchtelingen opvangen, met de diplomaten van de landen waarheen de vluchtelingen gerepatrieerd worden, en met de verhuurders van vliegtuigen en schepen. 'We zijn begonnen met eigen geld', vertelt Boucault, 'dat we tijdelijk aan andere projecten konden onttrekken. Nu komen de giften binnen, zij het dat we nog lang niet de 50 miljoen dollar hebben die we in eerste instantie nodig hebben.' De vliegtuigen die de IOM tot nog toe heeft gebruikt konden tussen de 180 en 450 mensen vervoeren. Minder dan 180 mensen per keer kost in verhouding te veel geld en mankracht. Het Russische vrachtvliegtuig Antonov 124 voert tien vluchten uit met steeds 450 mensen in zijn ruim. 'Hoewel we eigenlijk alle mogelijkheden willen aangrijpen huren we toch geen vliegtuigen tegen elke prijs', zegt Boucault. 'In het begin hebben we nogal wat aanbiedingen geweigerd omdat de prijzen veel te hoog lagen. Er zijn altijd mensen die van zo'n situatie willen profiteren. Maar wij zijn gewend alleen vliegtuigen te huren tegen speciale, lage prijzen. Hieraan meewerken is toch ook goed voor het imago van landen en maatschappijen?' De IOM spreekt in de huidige crisis uitdrukkelijk niet van vluchtelingen, maar van evacues. Boucault: 'Vluchtelingen zoeken een land van opvang, en dat is hier niet het geval. Deze mensen moeten alleen worden thuisgebracht. Dat maakt het voor ons veel eenvoudiger te organiseren dan een echte vluchtelingencrisis. Bovendien hebben al deze mensen een paspoort en dat bespaart hen en ons een hoop moeite.' Hoewel sommige vluchtelingen niet onbemiddeld zijn, vraagt de organisatie van haar ontheemde passagiers geen bijdrage in de kosten. 'Bij de eerste vluchten zeiden we: wie het op kan brengen moet betalen, maar niemand bood zich daarvoor aan. Het hele project wordt nu betaald door giften van de internationale gemeenschap.'