SHV-topman Fentener van Vlissingen over het congres 'Art Meets Science'; Managers doen de gordijnen open

UTRECHT, 8 sept. Niet minder dan honderd managers van het SHV-concern uit Utrecht plus nog eens honderd gasten van SHV gaan volgende week naar het congres Art Meets Science and Spirituality in a changing Economy. Deze bijeenkomst, die in het Stedelijk Museum in Amsterdam wordt gehouden en waar bekende en minder bekende mensen uit de kunst, wetenschap, religie en economie een open discussie aangaan, trekt ruim duizend belangstellenden, hoofdzakelijk managers. SHV is verreweg het sterkst vertegenwoordigd.

SHV-topman P. Fentener van Vlissingen ziet de bijeenkomst als een soort management-development programma. 'Je kunt ze naar Harvard sturen en daar studeren ze dan op de vraag waarom het met de koekjesfabriek misging. Dat is ook nodig. Maar nu krijgen ze een ruimere horizon dan je normaal op een business-school krijgt (...) Het congres geeft onze managers de gelegenheid om de gordijnen verder open te trekken dan ze normaal doen; kijken naar het landschap, waar we het anders wat te druk voor hebben.' Het congres wordt ook gesteund door vooraanstaande vertegenwoordigers van het bedrijfsleven als J. R. M. van den Brink, (oud-minister van economische zaken, voormalig topman van de Amrobank), W. E Scherpenhuijsen Rom, voorzitter van de raad van bestuur van de NMB Postbank en ex Shell-topman G. A. Wagner. Fentener van Vlissingen is telg uit een van de geslachten die de Steenkolen Handels Vereniging (SHV) hebben opgericht. Hij zit uit dien hoofde al jaren aan de top van de onderneming, een van de grootste Nederlandse familiebedrijven met een omzet van 13,4 miljard gulden en belangen in de energiesector (gas) en in de groothandelsbranche (Makro). Fentener van Vlissingen mag zich graag laten gaan in levensbeschouwelijke bespiegelingen en filosofische gedachten. Het kan dan ook geen verwondering wekken dat juist hij gegrepen is door het komende congres waar vertegenwoordigers van de vier genoemde 'cultuurdragers' hun licht zullen laten schijnen over een breed scala van onderwerpen. Het gaat volgens de organisatoren om het loslaten van het driedimensionale en mechanistische wereldbeeld in kunst en wetenschap, van dogma's in de religie en van zekerheden in de economie.

Hoe het congres er uit zal zien? Duidelijk is dat de managers van SHV geheel andere materie voorgeschoteld krijgen dan de gebruikelijke congressen over de marketing van LPG-gas, de inrichting van winkelformules of vijandige overnemingen van beursgenoteerde ondernemingen om een paar gewilde congresonderwerpen te noemen. 'Het is een geestelijke produkt, elke dag weer opnieuw gemaakt. Dat is juist het leuke', zegt Fentener van Vlissingen.

Voor hem kan het congres als geslaagd worden beschouwd als de deelnemer over een of twee jaar nog eens terugdenkt aan de ontmoetingen in het Stedelijk. 'Zo van: ja daar ben ik bijgeweest, ik heb dat boek gelezen, het heeft me geraakt.' Het heeft Fentener van Vlissingen verbaasd dat aanvankelijk zo weinig bedrijven bereid waren om geld in het projekt te steken. 'Het idee voor het congres sprak ons onmiddellijk aan, evenals een paar andere bedrijven, vooral softwarebedrijven en de NMB Bank. Daarna bleek het een heel grote moeite om nog meer sponsors te vinden.'

De zware industrie wist volgens de SHV-topman niet goed wat ze met Art Meets Science and Spirituality in a Changing Economy aanmoest. 'Veel mensen zeiden mij dat ze het persoonlijk een mooi initiatief vonden, maar dat ze niet wisten hoe ze binnen hun raad van bestuur er geld voor los konden krijgen.' Ook Philips, belangrijk sponsor van veel evenementen in Nederland, wilde niet meedoen. 'Dat is natuurlijk zijn volste recht. Daar kan ik verder geen commentaar op geven. Maar in het algemeen kan ik wel zeggen dat een bedrijf als het onze op de verkeerde weg zou zitten als het zich zou afsluiten van de samenleving in plaats van open te staan voor andersdenkenden en andere culturen.' Fentener van Vlissingen constateert dat ondernemers gewend zijn te veel in kwantificeerbare en te weinig in kwalitatieve grootheden te denken. 'We kwantificeren in herkenbare groepen, in balansen van cijfers. Daarmee meten we ons succes. Wat we nergens in de balans tegenkomen zijn bijvoorbeeld de kwaliteit van het produkt, de kwaliteit van het management, de cultuur van het bedrijf.' Hij zou niet weten hoe dergelijke kwalitatieve grootheden in balansen te vatten zijn en in de jaarrekening van SHV zijn aan te geven, maar hij is naar eigen zeggen wel al enkele jaren op zoek naar mogelijkheden in deze richting.

Fentener van Vlissingen memoreert het compliment van het organisatie-adviesbureau McKinsey dat indertijd SHV vertelde nog nooit een bedrijf te hebben meegemaakt 'waar zo ontzettend veel wordt gelachen'.

Dat vind je dan weliswaar niet terug op de balans van SHV, maar heeft zeker op de lange termijn wel degelijk een waarde. Hoe serieuzer het bedrijf, hoe chauvinistischer, hoe meer het zich afwendt van de markt, aldus zijn redenering.

Succesvol ondernemen is voor Fentener van Vlissingen niet alleen 'in hoog tempo dingen doen' zoals managers vandaag de dag zijn gewend, maar daarnaast ook 'bij tijd en wijlen even oefenen in het niet-doen, in het denken en in het bredere verbanden zien waarin wordt gewerkt'.

Oefenenen in het niet-doen maakt straks het doen veel beter, aldus Fentener van Vlissingen. Even inhouden om vragen te stellen en open staan voor de ander.

Fentener komt met een voorbeeld. Toen SHV een Makro wilde bouwen in Thailand is het bedrijf eerst naar een waarzegger gegaan, wat in die cultuur heel gebruikelijk is. Toen de waarzegger adviseerde de ingang van de Makro twintig meter meer naar links te bouwen, paste SHV de bouwtekeningen aan.

Of om in de woorden van Fentener van Vlissingen te spreken: de gordijnen open doen, even denken, niet onmiddellijk het gebouw neerzetten, de tijd nemen om te luisteren en naar de waarzegger te gaan.

    • Geert van Asbeck