Kritiek op voorstellen WVC voor betaling van orkesten

AMSTERDAM, 8 sept. De Nederlandse toonkunstenaarsbond heeft ernstige kritiek op de voorstellen van de minister van WVC om te komen tot een nieuwe 'bekostigingssystematiek' voor de orkesten. In een brief aan de Vaste Kamercommissie voor welzijn en cultuur stelt de bond dat het begrip 'normbetrekking' dat het ministerie voor orkestmusici wil invoeren, in de praktijk niet zal leiden tot de gewenste deeltijdbanen, maar bijvoorbeeld tot het verdwijnen van een vaste bezetting van harp- of tuba-plaats.

De normering van overheadkosten, het tweede onderdeel van het bekostigingssysteem, houdt te weinig rekening met de situatie van de orkesten ten aanzien van reizen, omvang van de zalen en de muzikale functie van het orkest, bijvoorbeeld het begeleiden van ballet en opera-uitvoeringen. De normering heeft, volgens de Toonkunstenaarsbond, bovendien onaanvaardbare financiele consequenties voor het Residentie Orkest, het Rotterdams Philharmonisch en het Brabants Orkest. De bond vraagt daarom de Kamercommissie de plannen van de minister in de komende vergadering van 12 september af te wijzen.