Hoe men gratis gelukkig wordt

'Bezit is ballast', zei de succesvolle debutant wijsgerig. Hij heeft makkelijk praten: van zijn onverbeterlijke bestseller zijn inmiddels vijftien drukken met een totale oplage van 60.000 exemplaren verkocht. Niettemin heeft hij gelijk. Eigendom is niet zozeer diefstal, zoals Proudhon beweerde, eigendom is veeleer kopzorg, ellende en doorwaakte nachten.

Ik spreek in theorie. Van bezit heb ik geen verstand. Een auto heb ik niet. En mijn huisbaas garandeert mij tegen een alleszins passabel bedrag aan huur het maximale woongenot. Het geld dat mij rest gooi ik op een creatieve wijze over de balk, waarmee ik iedereen blij en tevreden maak, de middenstand, mijn naaste omgeving en niet in de laatste plaats mijzelf.

Bezit is ballast. Terwijl er nota bene een methode is om geheel gratis en voor niets gelukkig te worden.

Let op!Er zijn mensen die zweren bij het bezit van een eigen auto. Ik begrijp daar niets van. Je verkeert in permanent levensgevaar. De prijs van de benzine is door de oliesjeiks tot onbetaalbare hoogte opgedreven. Je betaalt je arm aan wegenbelasting. Je zoekt je een maagzweer naar een parkeerplaats. Geen week gaat voorbij of je voordeur is opengekrikt. Je bent verplicht je schoonmoeder van Schiphol af te halen. En zo'n auto dient werkelijk nergens toe. Waarom zou je je per auto vervoeren? Dat kan even goed en even snel, zo niet sneller, per tram of trein. De auto heeft slechts een functie: het frustreren van je opgeblazen buurman die achter zijn horren groen van jaloezie naar je verchroomde bumper staat te staren. Totdat die andere buurman een deuk in diezelfde bumper rijdt, wat je van zowel de no claim als het plezier in je eigendom berooft.

Het kan anders. Een behoorlijk ogende auto kost tegenwoordig, zo is mij verzekerd, zo'n vijfentwintigduizend gulden. Zet dit bedrag op de bank, met een looptijd van vijf jaar. In ruil krijg je 81/4% rente zijnde fl.2062,50 per jaar, een bedrag waarvoor je je elke week een prachtig boek met een gemiddelde winkelwaarde van fl.41,25 aan kunt schaffen, zelfs de uitgaven van De Arbeiderspers, een firma die principieel slechts boeken op de markt brengt die voor arbeiders onbetaalbaar zijn.

Sommige mensen liggen een leven lang krom voor het bezit van een eigen huis. Waarom eigenlijk? Er is geen filosofisch verschil tussen een huurwoning en een koopwoning. De muren ogen hetzelfde en de vloeren kraken op dezelfde toonhoogte. De eerste dagen beleef je als nieuwbakken eigenaar, starend naar je eigen voorgevel, nog iets van emotie. Dat aangename gevoel verdwijnt al spoedig. Want eerst stort die voorgevel in, dan blijkt de riolering verrot te zijn, wat je je laatste spaarcenten kost en ten slotte word je gedwongen bij de bank een dure lening af te sluiten omdat de najaarsorkaan alle pannen van het dak heeft afgeblazen.

Het kan anders. Een behoorlijk huis, zo begrijp ik uit de advertenties, kost tegenwoordig twee ton. Ook die twee ton zetten wij op de bank, dit keer tegen 83/4% rente, met een looptijd van twee jaar. Dat levert over twaalf maanden uitgesmeerd fl.17.500 rente op, een bedrag waardoor wij ons de excessieve luxe kunnen permitteren elke dag een compact disc te kopen, een zilverkleurig wonder waarvan wij langzamerhand zullen moeten erkennen dat het, met de asperine en de espressomachine, tot de belangrijkste uitvindingen in de geschiedenis van de menselijke beschaving behoort.

Breek vervolgens met de verderfelijke gewoonte om met vakantie te gaan. Het mensentype dat even bruinverbrand als ontspannen op de werkvloer terugkeert bestaat niet. In werkelijkheid zijn de heenreis, de terugreis en het verblijf een zonovergoten marteling. De hotelkamer uit de reisgids blijkt met het visseoog te zijn gefotografeerd. Kakkerlakken spelen krijgertje bezuiden je bezwete legerstede. Het plaatselijke museum is wegens verbouwing gesloten. De plaatselijke bioscoop vertoont een spaghettiwestern uit 1958. Van het regionale voedsel, waarvoor je trouwens twee maal de voorgeschreven prijs betaalt, krijg je buikloop benevens hypergammagiobullnemie. Op de Plaza della Sancta Lucia word je tot de laatste cent uitgekleed, terwijl je vrouw of vriendin ondertussen in de schaduw van het rustieke kerkje door de dorpsidioot wordt verkracht. De enig verkrijgbare krant is het Algemeen Dagblad. De rustieke omgeving is zwartgeblakerd door de bosbranden. Ondertussen weet je met knagende zekerheid: je assistent-bedrijfsleider maakt er een complete puinhoop van, waardoor waarschijnlijk jij straks, na thuiskomst, op de keien zal worden gezet.

Het is allemaal niet nodig. Al die rampspoed kan worden voorkomen, dit keer niet op kosten van de bank, maar op kosten van de werkgever. Je hebt van hem vierduizend gulden vakantiegeld gekregen. Voeg die bij de tweeduizend gulden vakantiegeld van je partner. Het totaalbedrag is ruim voldoende voor een maandelijks culinair weekeinde in Hotel Scheperkamp te Lochem of Hotel Oranjeoord te Hoog Soeren en er resteert zelfs nog genoeg om bij het viergangendiner een geurig flesje wijn te bestellen. Men stelle zich voor: het betekent in de praktijk twaalf x tweeeneenhalve dag = dertig dagen adempauze in het enerverende bestaan, overigens precies de tijdsduur van de gemiddelde vakantie.

Geen auto, geen huis en geen vakantie zo wordt men gelukkig, gratis en voor niets, zo wordt men eigenaar van een hooggekwalificeerde bibliotheek, zo spaart men de klassieken bij elkaar, van de complete Bach tot de volledige Boulez, en zo wordt men vierwekelijks zowel geestelijk als lichamelijk bijgespijkerd. Mensheid, doe uw voordeel met deze suggesties. Of zit er in mijn gecijfer wellicht die ene denkfout, die al het bovenstaande op losse schroeven zet?

    • Martin van Amerongen