Ver weg

Het nieuwste boek van Gertie Evenhuis heet Midden in de nacht in Mangalpa. De uiterst groen met blauwe omslagtekening suggereert een nachtelijk bos, waarin een soort Klein Duimpje achter een enorme boom staat te gluren naar twee duistere figuren. Wie niet weet dat Managalpa een plaats in Nicaragua is verwacht op grond van titel en omslag iets spannends en fantasierijks. Evenhuis schreef haar boek echter op verzoek van het Landelijk Beraad Stedenbanden Nederland-Nicaragua. Het verhaal is zeker spannend, maar in de eerste plaats informatief, want berustend op de gecompliceerde realiteit van het hedendaagse Nicaragua. In ongeveer tachtig bladzijden moest heel wat aan de orde komen: het moeizame bestaan van de doorsnee Nicaraguaan, de rol van de Sandinisten, de contra's en de Verenigde Staten, de buitenlandse hulp en ook iets van de kleurrijke Midden-Amerikaanse cultuur. Dat het kleine verhaal niet bezwijkt onder de informatievracht is te danken aan de aardige hoofdpersoon, wiens probleem universeel is: hij krijgt niet genoeg aandacht. Twaalfjarige Fernando is dol op zijn moeder, die in zijn ogen van al haar andere kinderen meer houdt dan van hem. Wanneer ze ook nog zit te lonken naar een andere man dan zijn vader loopt hij in woede en verwarring van huis weg. In het (blauw-groene) oerwoud maakt hij kennis met de bloederige praktijken van de contra's en wordt hij op het laatste nippertje gered door werkers van een cooperatieve boerderij. Het persoonlijke verhaal van de jongen en het politieke verhaal van het land zijn redelijk in evenwicht en worden beide met betrokkenheid en op toegankelijk wijze verteld.

Ellis Mensinga is conservator van de afdeling volkenkunde van het Museon, het Haagse museum voor het onderwijs. Geinspireerd door haar vele reizen naar India stelde zij over dit land een informatief en animerend boekje samen voor de bovenbouw van het basisonderwijs. Ook hier munt de titel niet uit door helderheid: Kieken in Boeh. Boeh is een woestijndorp waar Mensinga het dagelijks leven van een elfjarige tweeling vastlegde in honderden foto's. Van een echt verhaal, zoals bij Evenhuis is geen sprake. Punky en Ganshyam spelen alleen de hoofdrol om het bestaan in India op kinderhoogte te kunnen afschilderen. Dat is aardig gelukt. De informatie is goed gedoseerd en geordend en begrijpelijk opgeschreven. Met spelletjes, raadsels, recepten en knutselwerken wordt geprobeerd de betrokkenheid van Nederlandse kinderen te vergroten. Naast het boekje is er over dezelfde tweeling een kleine film (25 minuten) gemaakt, die uitmunt door eenvoud en rust en door het ontbreken van de eeuwige, alwetende Nederlandse commentaarstem.

Bij beide hier gesignaleerde boeken zijn maatschappelijk geengageerde instellingen financieel en/of organisatorisch betrokken geweest. Over het prentenboek De Toren van Arlette Lavie wordt vermeld dat de NOVIB het aanbeveelt. Het verhaaltje handelt over het vooruitgangsdenken en heeft filosofische pretenties. Een koning en zijn raadgevers besluiten een oerwoud om te kappen om ruimte te scheppen voor de westerse beschaving. De vooruitgang blijkt achteruitgang en na een nachtmerrie komt het wijze gezelschap tot inkeer. 'De koning riep een revolutie uit om de vervuiling snel tegen te gaan' en hij schaamt zich vooral de kinderen niet om hun mening gevraagd te hebben. Men begrijpt het al, vervolgens leeft de hele wereld nog lang en gelukkig. Tot slot vindt de lezer een puntsgewijs voorgekauwde verklaring 'Ik wil een beter leven voor iedereen' etcetera die hij ondertekend naar de Chicoclub van de NOVIB kan sturen. Over de stuitend lelijke tekeningen is nog heen te stappen, maar overigens hoort dit tot de ergste, want onder alle rozengeur en maneschijn in wezen demagogische soort kinderboek. Het is mij een raadsel hoe een club van over het algemeen weldenkende mensen als de NOVIB hier haar naam aan kan verbinden.

    • Bregje Boonstra
    • Irene Wolfferts
    • Kinderboekgertie Evenhuis
    • Videoband Fl