Surrealistische horror in beeldenstroom van Studio Hinderik

Een man woont alleen in een ruimte. In een voorstelling van Studio Hinderik kan dat geen gewone ruimte zijn. Een hydraulisch systeem creeert drie beweegbare niveaus: een kamer, een kelder en een zolder. Ze stellen een psychiatrische inrichting voor, waarin de fantasie van de bewoner (Henk van Loenen) de gedaante aanneemt van surrealistische horror.

Via een luidspreker citeert de stem van zijn onzichtbare vrouw haar brieven aan hem. Zij spreekt van een foto van haar echtgenoot als jongetje op het strand. Achterop staat in zijn handschrift: 'Als ik eenzaam ben, vraag niet waarom. Maar troost me.' Dit beeld draagt de voorstelling en bepaalt het gedrag van de man. Het zand uit zijn jeugd, symbool van zijn eenzaamheid, stroomt uit kieren en gaten zijn kamer binnen. Aanvankelijk lijkt zijn eenzaamheid nog hanteerbaar. Een laddertje verbindt de man met de buitenwereld, maar als hij bezoek gehad heeft, haalt hij de sporten eruit.

Dit zelfgekozen isolement is de opmaat tot een nachtmerrie. Onder de vloer woedt een zandstorm en uit het plafond ruist zand naar beneden. Het meubilair in zijn kamer beweegt en in slow motion vallen plafonddelen naar beneden. Talloze personages dringen zijn huis binnen.

De man vindt een meisje in een berg prikkeldraad hij grossiert in dat materiaal en koestert haar. Maar zij ontsnapt via een luik in de vloer. Hij volgt haar en verliest het in de zandstorm tegen haar plotselinge agressie.

Zijn leefwereld wordt steeds onveiliger. Zieleknijpers in het wit glijden als bouwvakkers langs touwladders van zolder naar kelder om zijn huisje te verbouwen. Zij ondermijnen de bakstenen fundamentjes in de kelder en sjouwen de restanten naar de zolder, die topzwaar de kamer verplettert.

De slotscene benadert de foto: op een idyllisch strand spelen de man en het meisje. Maar de lucht is te blauw, het meisje te lief. De man is verdronken in zijn kinderlijke hallucinatie.

Hinderik de Groot bewijst in deze voorstelling opnieuw dat hij beelden kan creeren van een zeldzaam dramatische kracht. Toch bereikt zijn beeldenstroom nog niet de coherentie die hij, blijkens de zo nadrukkelijk als leidraad gepresenteerde tekst, wel beoogt.

De gewenste en ongewenste bezoekers zijn nu eens droombeelden, dan weer reele personages en dat werkt verwarrend. Zo is het meisje duidelijk een droombeeld, maar wat te denken van het moment waarop zij, zonder dat de man het ziet, zelf hallucinaties krijgt? Van een van de sterkste dramatische momenten, de zolder die de kamer verplettert, krijgt de toeschouwer een onnodig voorproefje opdat een zolderbewoner een acrobatische toer kan uithalen. Een inbreuk op de vorm, die beter weggelaten kan worden. Hinderik de Groot heeft genoeg in huis om zich een nog kritischer selectie van zijn beelden te permitteren.

Voorstelling: Zandbak van Studio Hinderik. Tekst, regie en ontwerp: Hinderik de Groot. Spelers: Henk van Loenen, Herman Zumpolle, Amos de Haas, Pieter Smit, Yvette Weissman. Gezien: 6/9, De Meervaart, Amsterdam. Herhaling t/m 24 /1/1991.

    • Christien Boer