Organisaties positief over wijziging van Bijstandswet

DEN HAAG, 7 sept. Uitvoeringsorganisaties hebben in beginsel instemmend gereageerd op het voorontwerp nieuwe Bijstandswet dat staatssecretaris Ter Veld (sociale zaken) deze week heeft gepresenteerd. Gemeenten zullen volgens dit voorstel een actievere rol moeten spelen om bijstandsgerechtigden sneller aan het werk te krijgen. Zij moeten hierbij 'maatwerk' leveren. 'Wij zijn in algemene zin positief', aldus hoofd maatschappelijke aangelegenheden L. van de Kerkhof van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Volgens hem is het voorstel een 'nadere accentuering' van een praktijk die bij veel gemeenten reeds groeit. Hij wijst op het Jeugdwerkgarantieplan en de banenpools. De VNG juicht de vereenvoudiging van de regelgeving toe, omdat de bestaande veelheid aan regels een individuele benadering van de bijstandsgerechtigde bemoeilijkt. Van de Kerkhof onderstreept dat de gemeenten voor het succes van de actieve aanpak sterk afhankelijk zijn van anderen. 'Gemeenten doen het voortraject, ze creeren zelf geen banen.' Belangrijk punt voor de VNG is of er voor de door Ter Veld voorgestelde decentralisatie van de uitvoering een voldoende maatschappelijk en politiek draagvlak is. 'Het moet niet zo zijn dat straks iedereen op de stoep staat om te zeggen dat door het maatwerk de rechtsongelijkheid toeneemt'.

In het geval aan de voorgestelde decentralisatie van bevoegdheden wordt geknabbeld, staat voor de VNG het financieringssysteem, waarbij de gemeenten 10 procent van de kosten dragen, opnieuw ter discussie.

Voorzitter Th. Hoppenbrouwers van de Vereniging van sociale diensten (Divosa) staat vooral positief tegenover de mogelijkheden die de nieuwe wet biedt bijstandsgerechtigden (financieel) te helpen bij opleiding en kinderopvang. 'We kunnen straks zelf richting geven aan die middelen.' Hij verwacht dat de vereenvoudiging van de regels de uitvoering zal vergemakkelijken.