Oprichtingscongres van 'orthodox bolwerk' een fiasco; Partij Rusland: doodgeboren kind

MOSKOU, 7 sept. De nieuwe communistische partij van Rusland was bij de oprichting, eerder dit jaar, bedoeld als orthodox bolwerk tegen de perestrojka van Gorbatsjov en diens overkoepelende CPSU. Maar ze is uiteindelijk niet veel meer geworden dan een doodgeboren kindje.

Gisteren sloot de partij haar oprichtingscongres af. In juni was het voor een eerste 'etappe' bijeengekomen en deze week had de stichting van de Communistische Partij van Rusland (CPR) feestelijk afgerond moeten worden. Maar daar is het toch niet van gekomen. Want de partij bestaat nog altijd niet uit meer dan een secretaris-generaal (de 55-jarige conservatief Ivan Polozkov die al in juni was gekozen) en de bestuurlijke organen (een 272 man tellend Centraal Comite en een 96-koppige Controlecommissie) die gisteren werden gekozen. Dat is het enige tastbare resultaat van drie dagen congresseren in het Kremlin. Over een inhoudelijk programma en statuten, die de partij op zijn minst een maatschappelijk doel zouden hebben kunnen geven, beschikt de CPR namelijk nog steeds niet.

Waartoe de partij formeel bestaat, behalve dan als 'onderdak' voor het oude bureaucratische apparaat, is derhale niet duidelijk. 'Gaan we nou vooruit of achteruit', vroeg een afgevaardigde zelfs in arrenmoede aan de collega-gedelegeerden. Hij kreeg geen antwoord. De meningsverschillen bleven de afgelopen dagen zo groot dat de bijna 2500 gedelegeerden toch maar besloten de beslissing uit te stellen tot december.

Dat is een succesje voor de gematigde vleugel van de CPSU. Want het centrum rond Gorbatsjov, nog steeds leider van de CPSU, was tijdens het oprichtingscongres van de Russische partij maar op een ding uit geweest: de CPR mocht vooral geen zelfstandige pretenties krijgen, ze moest zich schikken in haar rol als onderafdeling van de CPSU. Anders zou de partij ook in Rusland, de grootste republiek van de unie met de meeste partijleden, nog haar laatste integrerende krachten verliezen.

Politburolid Joeri Prokofjev, tevens partijchef van Moskou (nog altijd de omvangrijkste in het land) en loyaal aanhanger van Gorbatsjov, kwijtte zich van die taak. Als voorzitter van de 'redactiecommissie' kon hij de discussie over het programma effectief reguleren.

Weigering

Net zoals in juni, tijdens het eerste deel van de bijeenkomst, was het congrespaleis in het Kremlin ook deze week weer het toneel van woeste discussies. Zowel de aanhangers van Gorbatsjov als de radicale conservatieven roerden zich. De eersten namen Polozkov onder vuur. Zijn verkiezing eerder dit jaar had de Russische communisten geen goed gedaan, betoogden zij. Met hem als leider had de elf miljoen leden tellende partij, die dit jaar bovendien toch al kampt met een begrotingstekort van 58 miljoen roebel (ongeveer 200 miljoen gulden), alleen maar maatschappelijk prestige en leden verloren. Dat Polozkov zich in zijn nieuwe functie veel gematigder en minder anti-perestrojka gedroeg dan voordien had daar niets aan afgedaan. Enkele afgevaardigden poogden daarom zijn verkiezing alsnog ter discussie te stellen en hem te bewegen zich te onderwerpen aan een uitspraak van het congres. Polozkov weigerde dat met een beroep op de 'legitimiteit' van het eerste deel van het congres resoluut. Hij keerde zich juist tegen de 'campagne' die door 'destructieve krachten' tegen hem is gevoerd.

Ook de andere zijde van het spectrum luchtte voor de zoveelste maal haar hart over het beleid van Gorbatsjov. De perestrojka was geen 'revolutie maar een contra-revolutie', zoals de Leningradse afgevaardigde Michail Popov gisteren zei. Ook van die voormalige bondgenoten nam Polozkov afstand, zeggend dat hij geen principieel tegenstander is van een 'gereguleerde markteconomie' maar dat de partij wel moet blijven opkomen voor de belangen van de werkende klasse. 'Ik ben voor democratische en verantwoordelijke machtsuitoefening in het land. Ik ben tegen chaos en voor orde', aldus Polozkov.

Buiten het congresgebouw wond overigens niemand zich bovenmatig op over het congres. De partijpers berichtte er niet al te uitvoerig over en in het televisiejournaal werd het congres pas na twintig minuten aangesneden. Voor de niet-communisten is de partij al helemaal een verwaarloosbare en anachronistische factor geworden. Een mijnwerkersleider uit de Koesbass vertolkte die gevoelens aldus: 'Wij, kompels, hebben niets met dat congres van doen. De partij heeft zich in de ogen van het volk al lang geleden in diskrediet gebracht. We lossen onze problemen nu zelf wel op'.

    • Hubert Smeets