Onvoldoende antwoord

Hoe we ook over de zaak zelf mogen denken met het antwoord dat ds. Van der Zee in NRC Handelsblad van 3 september op mijn 'indringende' het woord is van hem vragen heeft gegeven, kan niemand genoegen nemen. Het is namelijk geen antwoord op die vragen.

Wat is het geval? In het weekblad Hervormd Nederland van 25 augustus schreef ds. Van der Zee dat de uitspraken van de kerken 'wel eens te veel gericht waren op de dingen van de dag' en dat de les van de afgelopen tijd voor hem was 'bescheidener en terughoudender te zijn waar het gaat om de dingen van de dag'. Dat vond ik heel interessant, want ds. Van der Zee is secretaris van de Raad van Kerken in Nederland, iemand dus die heel veel met die uitspraken te maken heeft. Was hier dus sprake van hand in eigen boezem? Het lag daarom voor de hand hem te vragen in welke gevallen de kerkelijke uitspraken te veel op de dingen van de dag gericht en te weinig bescheiden en terughoudend waren geweest. Dat lag te meer voor de hand omdat ds. Van der Zee in zijn artikeltje in HN geen voorbeelden had gegeven van te geringe kerkelijke bescheidenheid en terughoudendheid waar het ging om dingen van de dag. Mij dunkt dat ieder lidmaat van een van de bij de Raad van Kerken aangesloten kerk wat ik overigens niet ben er geinteresseerd in is te weten waar die kerken, volgens de secretaris van de Raad zelf, hebben gefaald.

Ik stelde hem dus die vraag in mijn artikel van 28 augustus, en ik vroeg, om hem op weg te helpen, of hij bijvoorbeeld achteraf vond dat de kerken ietwat bescheidener en terughoudender konden zijn geweest in hun uitspraken over de kruisraketten of over Zuid-Afrika of over de PLO. Nee, dat was niet het geval, antwoordt ds. Van der Zee vervolgens in de krant van 3 september. Goed, dat weten we dus. Over de uitspraken in deze zaken hebben de kerken heeft althans de secretaris van de Raad van Kerken achteraf geen spijt. Maar over welke dan wel? In zijn antwoord zegt ds. Van der Zee dat zijn vermaan tot meer bescheidenheid en terughoudendheid diegenen gold die 'vragen om een reactie van de Raad van Kerken op de Golfcrisis'.

Daarvoor is het nog te vroeg, zegt hij: 'We kunnen alleen maar wat zeggen als we enig zicht hebben op de ontwikkelingen en als we een wezenlijke bijdrage kunnen leveren'. Dat is redelijk. Zijn vermaan tot meer bescheidenheid en terughoudendheid slaat dus niet op het verleden, maar op het heden. Maar hoe zit het dan met 'de les van de afgelopen tijd', waar hij het over had? En hoe zit het met zijn uitspraak in HN: 'Maar ik denk dat we wel eens te veel gericht waren op de dingen van de dag'.

Dat slaat wel op het verleden. De vraag blijft dus staan: wanneer waren de kerken te veel gericht op de dingen van de dag? Zolang die vraag, die ds. Van der Zee zelf heeft uitgelokt met zijn artikeltje in HN, niet is beantwoord, moet het antwoord dat hij op deze pagina gaf, op z'n best als voorlopig en op z'n slechtst als ontwijkend worden beschouwd. In elk geval: niet als voldoende.

Tja, dat krijg je als je als kerk de actualiteit wilt volgen en met commentaar begeleiden. Zelfs als je dat op een zekere afstand doet wat ds. Van der Zee nu aanraadt te doen moet je, overrompeld door de ontwikkelingen, eerdere uitspraken inslikken. Dat doet je reputatie als verkondigster van eeuwige waarheden geen goed.

Nee, dan doet de paus dat over het algemeen beter. Die verkondigt 'waarheden' waar weliswaar niemand zich aan stoort, maar dat hindert niet: dat tast hun waarheidskarakter niet aan. De fout ligt dan niet bij die waarheden of bij hun verkondiger, maar bij degenen die ze in de wind slaan. De eeuwigheidspretentie blijft ongeschokt.

Overigens: hebben de kerken al een uitspraak gedaan over de val van de communistische regimes in Oost-Europa, meer in het bijzonder van dat in de DDR, dat nogal wat kerkelijk actieven zagen als een bemoedigend alternatief voor het kapitalisme? Op die ontwikkeling lijkt, anders dan op de Golfcrisis, toch langzamerhand wel enig zicht te zijn gekomen en deze zou dus een kerkelijke uitspraak kunnen uitlokken eventueel vergezeld (gedachtig aan de dubbele standaard die de Wereldraad van Kerken placht te hanteren) van een mea culpa. Dat laatste is ook christelijk.