DE HOGERE WAARDE VAN HET GELD; Economen op zoek naarspirituele dimensies

De wereld van geld en materie wankelt. Wetenschappers ontwikkelen theorieen over een 'hogere' werkelijkheid. Religie en spiritualiteit zijn niet langer zaken voor buiten werktijd. Kunstenaars lopen met hun 'afscheid van de materie' op de ontwikkelingen vooruit. En nu zijn de economen aan de beurt.

Het wordt tijd dat economen zich ontworstelen aan de trivialiteit vanhet geld en zich gaan bezinnen op een 'hogere' werkelijkheid. Dit althans is de filosofie van 'Art meets science and spirituality in a changing economy', een opmerkelijk en controversieel congres in de aula van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Zaterdag is de opening, door de Dalai Lama van Tibet, sinds 1959 vorst-in-ballingschap. De organisatie beschikt, dankzij steun van bedrijven en overheid, over een budget van 1,8 miljoen gulden. De congresdeelnemers - de aula heeft plaats voor 225 personen - zijn per persoon duizend gulden per dag kwijt.

Vooraanstaande figuren uit de wereld van het bedrijfsleven (Fentener van Vlissingen van SHV, Wagner - voorheen Shell), van de banken (ex-minister Van den Brink - voorheen Amro- en Scherpenhuijsen Rom van de NMB/Postbank) en van de politiek (commissaris Lammers van Flevoland) zitten in het Comite van aanbeveling. De opzet is dan ook ambitieus. De organisatoren spreken over het loslaten van het driedimensionale en mechanistische wereldbeeld in kunst en wetenschap, van dogma's in de religie en van zekerheden in de economie. In de 'nieuwste ontwikkelingen' van kunst, wetenschap en spiritualiteit zouden 'opmerkelijke parallellen' herkenbaar zijn. Daarom komen volgende week beeldende kunstenaars, natuurwetenschappers, religieuze denkers en economen van over de hele wereld vijf dagen lang bijeen 'om te komen tot een coherente cultuur, die inzichten verschaft voor gefundeerde toekomstvisies'.

Volgens de organisatoren wordt het tijd dat de zorg voor Moeder Aarde de plaats inneemt van beheersing en uitbuiting. We moeten niet langer concurreren maar samenwerken. Fritjof Capra, de voorman van de Nieuwe Tijd (New Age) die in Amsterdam present is, hekelt het kapitalisme als de bron van alle ellende, van vervreemding tot grondstofschaarste.

Initiatiefneemster Louwrien Wijers, publiciste en kunstmedewerkster van het Financieele Dagblad, werd ge(i..)nspireerd door de inmiddels overleden Duitse kunstenaar Joseph Beuys. Wijers: 'Beuys vond musea niet belangrijk, het ging om de mensen, de politiek moest kunst worden. Hij was mede-oprichter van de Groenen. Je moet, stelde hij, geld en waarde loskoppelen.'

In 1982 ontmoette Beuys de Dalai Lama, waarna het idee ontstond van een ontmoeting tussen kunstenaars, wetenschappers en spirituele denkers. Wat zijn nu de 'parallellen' waarover de organisatoren spreken? Wie zich verdiept in de opvattingen van de twintig panelleden (per dag vier) tast in het duister. Op het congres passeren termen als New Age, holisme en postmodernisme de revue. Helaas lijken ze eerst en vooral brouwsels uit de trendy keuken. De Amerikaanse theoloog en filosoof Huston Smith, in Amsterdam een van de vijf spirituele denkers, voelt dat haarfijn aan. Hij beschrijft in zijn laatste boek 'Beyond the Postmodern Mind' de huidige epoche als een 'tussentijd'.

Smith is het eens met Capra dat de mechanistische visie van het moderne tijdperk na ruim drie eeuwen instortte als gevolg van de relativiteitstheorie en de kwantumfysica. Maar, stelt hij, we hebben nog geen nieuwe visie op de wereld, geen nieuw beeld van het wezen van de realiteit. 'De wetenschap en de natuur lijken zo vreemd te zijn geworden dat ze in strijd zijn met onze intu(i..)tie.'

Toegankelijk

Maar zonder wereldbeeld kan de mens niet leven. Dus gaan wetenschappers onverdroten door met de ontwikkeling van nieuwe theorieen. Fritjof Capra, de 51-jarige Amerikaanse natuurkundige van Oostenrijkse afkomst die furore maakte met 'The Tao of Physics' (1975) en 'The Turning Point' (1982), treedt daarbij op als synthesizer die de inzichten van anderen combineert tot een synthese die voor de gewone lezer toegankelijk is. Capra's pleidooi voor een organische en holistische systeemvisie op de wereld hangt nauw samen met de ontwikkelingen in de wetenschap.

Begin deze eeuw bleek dat elektronen soms als deeltjes, maar soms ook als golven verschijnen, afhankelijk van de vragen die de waarnemer stelt. De waarnemer en zijn object zijn dus moeilijk te scheiden. Later bleek dat elektronen elkaars gedrag be(i..)nvloeden, ook als ze niet door een 'band' met elkaar worden verbonden (het Einstein-Podolsky-Rosen-experiment). Capra concludeert hieruit dat de afzonderlijke delen in wezen een zijn. Alle stucturen binnen het heelal - van elektronen tot melkwegstelsels en van bacterien tot mensen - zijn 'manifestaties van de dynamische zelforganisatie van het universum'.

Die zelforganisatie stelt hij gelijk aan 'de kosmische geest'.

De andere wetenschappers die in Amsterdam hun opwachting maken volgen in zekere zin dezelfde lijn. Ilya Prigogine, in 1917 in Moskou geboren maar in Brussel en Texas docerend en winnaar van de Nobelprijs scheikunde in 1977, verdedigt de stelling dat niet alleen in levende, maar ook in dode materie sprake is van 'zelfordening'.

Volgens de Britse bioloog Rupert Sheldrake hebben alle mensen, dode en levende, een 'collectief geheugen' gemeen. 'Elke diersoort, elk levend wezen schept gedurende de evolutie zijn eigen wereld, ' zegt de Chileense neurofysioloog Francisco Varela.

Met dit soort theorieen ben je als wetenschapper vanzelfsprekend meer dan welkom in de Nieuwe Tijd. Dat geldt nog meer voor David Bohm, de 72-jarige expert in de kwantumfysica, volgens wie de driedimensionale orde der dingen die wij waarnemen slechts een 'projectie' is van een hogere, multidimensionale 'impliciete' orde (implicate order). Deze orde moet als een geheel worden onderzocht, want zij bestaat uit meer dan de som der delen. Ons bewustzijn is volgens Bohm onze meest onmiddellijke ervaring van deze impliciete orde. Bohm, mede-uitvinder van het AB-effect in de atoomfysica, voerde over zijn werk intensieve discussies en correspondenties met Niels Bohr en Albert Einstein.

Bohm put zijn inspiratie niet alleen uit de kwantumfysica maar ook, al sinds de jaren zestig, uit ontmoetingen met de Indische geestelijke Jiddu Krishnamurti en de Dalai Lama van Tibet.

Een uurwerk

De werkelijkheid kun je in de optiek van bovengenoemde wetenschappers niet langer beschouwen als een uurwerk, als een stoommachine of als een computer, maar als een kosmisch orgaan met een eigen gedrag. De Big Bang-theorie over de aarde die uit de kosmos ontstaat, en, nog meer, de Gaia-theorie over de 'levende aarde' passen naadloos in die visie. Maar wat betekent dit alles nu voor de praktijk van alle dag, de economie in het bijzonder? Capra beschrijft in 'The Turning Point' de gevolgen zoals hij die ziet voor de gezondheidszorg, de psychologie en de economie. Artsen die de huidige reductionistische, mechanistische visie opgeven zullen minder vertrouwen op medicijnen en meer persoonlijke aandacht schenken aan hun patienten. Economen zullen hun preoccupatie met geld en produktie loslaten en zullen zich meer interesseren voor mens en milieu.

In 1982 voorspelde Capra nog dat er tegen het eind van de jaren tachtig 'dramatische veranderingen' zouden optreden. Het nieuwe wereldbeeld werd al uitgedragen door de milieubeweging, de vredesbeweging en de feministische beweging, nu de massa nog. Inmiddels heeft de auteur zijn Amerikaanse optimisme wat moeten temperen. Zelfs al lijkt het milieubewustzijn tot Margaret Thatcher te zijn doorgedrongen, de wereld werd er de afgelopen tien jaar bepaald niet minder materialistisch op.

Dat de vijf economen die in Amsterdam optreden de radicale ideeen van Capra overnemen, lijkt uitgesloten. Toch hebben ze ieder op eigen wijze hun bijdrage geleverd aan het oplossen van wereldvraagstukken. Stanislav Menshikov spande zich als lid van het Centrale Comite in de Sovjet-Unie in voor de glasnost, en de Duitser F. Wilhelm Christians nam al tijdens de Koude Oorlog als topman van de Deutsche Bank het voortouw voor nauwere handelscontacten met de USSR. Ook H. J. Witteveen, voormalig minister en topman van het Internationale Monetaire Fonds, maakt in Amsterdam zijn opwachting.

Soefi

Witteveens aanwezigheid hangt samen met de betekenis die de organisatoren van 'Art meets science' hechten aan een meer spirituele benadering van de economie. Witteveen is lid van de Nederlandse Soefi Orde, die zich baseert op de boodschap van Murshid Inayat Khan. Enkele citaten uit een uniek interview dat Wim Wennekes in 1986 in deze krant en zijn boek 'Geloof in zaken' publiceerde dienen ter verduidelijking. Witteveen: 'Iedere dag neem ik de tijd voor mijn meditaties, keer ik mij af van het uiterlijk leven om mij in het innerlijk leven te verdiepen. Alles valt van je af zodra je je openstelt, contact zoekt met het Goddelijke, de Verlichting. (...) Mystiek en geldverkeer gaan heel goed samen. Hoe meer je je innerlijk verdiept, tot stilte en ontspanning komt, hoe meer kracht en energie in je werk. (...) Mystiek is een zegen voor de mensheid.'

Spiritualiteit wordt vaak gekoppeld aan ecologische bewustwording. Bijvoorbeeld in 'Tao, Teilhard en Westers Denken' van Allerd Stikker, voormalig topman van RSV, die zich in dat boek bekeerde tot de grenzen aan de groei. Of, meer recent, 'Gaiasofie' van topambtenaar Kees Zoeteman, plaatsvervangend directeur-generaal milieubeheer op het ministerie van VROM. Zoeteman schroomt zelfs niet personen die als 'medium' fungeren voor een boodschap uit 'hogere sferen' uitvoerig aan het woord te laten. Wie nu verwacht dat de vijf spirituele denkers in Amsterdam wijdse visies zullen presenteren die de gehele kosmos omvatten, komt bedrogen uit. De boodschap voor zakenmensen en politici van de Amerikaanse Moeder Tessa Bielecki van de Carmelitesser Orde laat niets aan duidelijkheid te wensen over. Ze moeten niet altijd aan geld denken. Wie voedselvoorraden vernietigt in een hongerende wereld, wie weigert in Oost-Europa te investeren als daar de deuren open gaan, en wie toestaat dat kinderen sterven doordat ontwikkelingslanden hun schulden moeten betalen, is verkeerd bezig, zegt Bielecki. Initiatiefneemster Louwrien Wijers heeft haar hoop gevestigd op de kunst. Als ons wereldbeeld verschuift, lopen de beeldende kunstenaars daarbij voorop, stelt ze. Descartes en Newton ontwikkelden een driedimensionaal, mechanistisch wereldbeeld toen de beeldende kunst al eerder, aan het eind van de middeleeuwen, was overgeschakeld van twee naar drie dimensies. Er werd niet langer 'plat' geschilderd maar met diepte.

Wijers: 'In de twintigste eeuw liet de wetenschap het driedimensionale beeld weer los. Maar eerder, halverwege de negentiende eeuw na de komst van de foto-camera, was in de kunst het impressionisme ontstaan. Later kreeg je het kubisme, Mondriaan, de conceptuele kunst. De dada(i..)sten stelden dat de materie niet echt grijpbaar is, dat je dus creatief moet zijn in de geest. De fluxuskunstenaars opperden dat niet de materie maar de kwaliteit voorop moet staan in het leven. Zulke ideeen zijn tot de wetenschap doorgedrongen en misschien straks ook tot de maatschappij.'

Schroot

De vijf kunstenaars in Amsterdam dienen als voorbeeld. De Amerikaan John Cage ging zelfs zover stilte tot muziek te verheffen. Zijn landgenoot Robert Rauschenberg exposeert wereldwijd geschilderd schroot, omdat alle objecten hun eigen geschiedenis met zich meedragen en in die zin waardevol zijn. Lawrence Weiner exposeert uitsluitend ogenschijnlijk inhoudsloze teksten (zoals 'Over the edge'). Bij doeken van de Nederlander J. C. van der Heyden lijkt de verwarring van tijd en ruimte centraal te staan. De Joegoslavische Marina Abramovic tenslotte wil mensen aan het denken zetten door duizenden kilometers over de Chinese Muur te lopen en door vier dagen lang in een museum op een met goud bedekte tafel te zitten. Tja. Het congres gaat gepaard met een tentoonstelling van beeldende kunst in museum Fodor, terwijl in een paviljoen in de museumtuin kunstenaars vertegenwoordigers van andere disciplines ontmoeten. Maar loopt de beeldende kunst inderdaad voorop bij onze speurtocht naar een nieuw wereldbeeld? 'Spiritueel denker' Huston Smith denkt er anders over. Hij houdt het erop dat dit een chaotische tijd is en dat de kunstenaars daarvan een beeld geven. Maar stel nu dat we toch een nieuwe visie ontwikkelen, dat er na deze 'tussentijd' een echte Nieuwe Tijd komt, waarin we de kosmos als 'levend' beschouwen. Zal de maatschappij dan drastisch veranderen, zoals Capra voorspelt? Wetenschapper Rupert Sheldrake, de man van het 'collectief bewustzijn', geeft het antwoord. Hij blijft nuchter. Sheldrake: 'Kijk naar Japan. De Japanners hebben een wereldvisie die de natuur als levend beschouwt. Ze hebben Shinto-tempels, het land is heilig, ze kennen de gedachte van de heilige aarde, of in ieder geval het heilige Japan, en toch weerhoudt dat ze er niet van de walvissen uit te moorden, de zeeen leeg te vissen en de tropen te ontbossen.'

De mens is goed, maar de mensen zijn slecht.

    • Kees Calje