Toename van kanker in Westen niet alleen door beterediagnose

Vrouwen in Noord-Amerika hebben een dertigmaal zo grote kans om aan borstkanker te overlijden dan vrouwen in West Afrika en Centraal Amerika, maar de sterfte aan baarmoeder(hals)kanker ligt in Noord-Amerika juist weer de helft lager. Japanse vrouwen die naar Hawaii emigreren hebben een half zo klein risico op maagkanker als hun grootmoeders in Japan hadden toen ze net zo oud waren, maar ze lopen een tweemaal zo grote kans op borstkanker. Europese en Noordamerikaanse mannen hebben een dertigmaal zo grote kans aan longkanker te overlijden als hun leeftijdgenoten in Afrika, maar een viermaal zo lage kans op leverkanker.

Er bestaan grote verschillen tussen de kankerfrequenties in rijke en arme landen. Ook tussen de rijke landen bestaan echter nog grote verschillen in het voorkomen van kanker, zowel wat aantal als kankersoort betreft.

De sterfte aan kanker in de geindustrialiseerde wereld blijft stijgen. Kanker is vooral een ziekte van de rijke landen. Ongeveer eenvijfde van de wereldbevolking woont er, maar ze lijden aan de helft van het totaal aantal kankergevallen dat op de wereld voorkomt.

Een vergelijking tussen de kankergevallen gedurende de laatste twintig jaar in de VS, Engeland, Frankrijk, de Bondsrepubliek Duitsland, Italie en Japan laat zien dat er minder maagkanker voorkomt, terwijl hersen-, borst-, nier-, lymfeklier-, beenmerg- en huidkanker in frequentie toenemen, bijna uitsluitend bij mensen van 55 jaar en ouder. Longkanker, de belangrijkste doodsoorzaak bij mannen, neemt af in Engeland en de VS, maar neemt nog toe in de andere onderzochte landen.

Tot de sterkst toenemende kankersoorten behoren borstkanker en huidkanker (melanoma). Borstkanker is de meest voorkomende kanker bij vrouwen, de toename is het grootst bij vrouwen na de menopauze. Melanoma is een zeldzaam voorkomende kanker. In de VS komen jaarlijks drie procent meer gevallen voor bij mensen tussen de 45 en 84 jaar.

De toename van de kankerfrequentie is niet alleen een gevolg van de verbeterde diagnose en registratie van kanker, ook niet alleen aan de vergrijzing van de bevolkin. Naar de oorzaak van de toename en naar de soms grote verschillen tussen de landen kan nog slechts worden gegist. Natuurlijk zijn er registratieverschillen tussen de landen, maar de cijfers die tijdens een workshop van kankerstatistici uit 15 landen in oktober 1989 werden gepresenteerd, waren zo goed mogelijk aan dezelfde omstandigheden aangepast. In hun verslag (The Lancet, 25 aug.) wijzen de epidemiologen Davia, Hoel, Fox en Lopez op een aantal valkuilen. Culturele normen en waarden hebben bijvoorbeeld een belangrijke invloed op de registratie van sterfte-oorzaken. In Japan mag de diagnose kanker bijna niet worden uitgesproken. Dat keizer Hirohito aan pancreaskanker leed, was in het buitenland geen geheim, maar in Japan werd er pas na zijn dood over gepubliceerd. In fel contrast daarmee staan de twee Reagans die zwaaiend naar pers en publiek het ziekenhuis in en uit gaan voor een ingreep aan een van hun kankers. Nadat presidentsvrouw Betty Ford aan haar borstkanker werd geholpen steeg de incidentie van borstkanker in de VS significant.

Ondanks alle verstoringen denken de auteurs dat de kankerincidentie zo snel stijgt dat het onvoorzichtig zou zijn niet naar de onderliggende oorzaken te zoeken. Zoals gebeurde toen in de jaren na de Tweede Wereldoorlog de toename van het aantal longkankers werd afgedaan als een gevolg van betere diagnosetechnieken. Dat was niet zo, en de sigarettenindustrie heeft nog jaren van deze vergissing geprofiteerd.