Penetrant wondermiddel; De heilzame werking van twee teentjesknoflook per dag

Knoflook bevat wisselende concentraties alliine. Tot twee procent is gemeld, maar 0,5 procent lijkt reeler. Zodra de knoflook wordt geperst, fijngesneden of verhit zet het enzym allinase de alliine om in allicine. Allicine is hoofdverantwoordelijk voor de knoflookgeur, hoewel veel van de andere zwavelverbindingen in verse en gesneden knoflook soortgelijke geuren veroorzaken. Chemici krijgen alliine in handen bij extractie op alcohol beneden 0 graden Celsius, dan is het enzym namelijk niet actief. Kenners herkennen het aminozuur cysteine als onderdeel van alliine. Allicine is zeer onstabiel en de uitgangsstof voor tal van prachtige verbindingen, waaronder allerlei sulfiden, disulfiden en trisulfiden met een hele variatie aangehechte koolstofstaarten. Organisch chemici breken zich nog steeds het hoofd over de mogelijkheden die het molecuul biedt. Door fijnere analysemogelijkheden worden nog jaarlijks nieuwe verbindingen uit knoflook geisoleerd.

Ajoene is een belangrijk knoflookprodukt. Het ontstaat uit drie allicinemoleculen. Daarnaast zijn dithiinen aangetoond. Ajoene en de dithiinen voorkomen bloedklontering. Ajoene heeft een ontsmettende werking.

Dit voorjaar hebben onderzoekers van Los Alamos Laboratories in de Amerikaanse staat New Mexico patent verkregen op de bereiding van een plastic met anti-bloedstollende eigenschappen. Het zou bruikbaar zijn voor kunsthartkleppen en kunstbloedvaten en in dialyseapparatuur. Het plastic is een polymeer van een dithiine en N-vinyl-pyrrolidone, een vrij goedkope grondstof.

In de patentaanvraag wordt gerefereerd aan de knoflookresearch en de daarbij ontdekte anti-bloedstollingseigenschappen van moleculen die uit knoflook ontstaan.

Knoflook bevat wisselende concentraties alliine. Tot twee procent is gemeld, maar 0,5 procent lijkt reeler. Zodra de knoflook wordt geperst, fijngesneden of verhit zet het enzym allinase de alliine om in allicine. Allicine is hoofdverantwoordelijk voor de knoflookgeur, hoewel veel van de andere zwavelverbindingen in verse en gesneden knoflook soortgelijke geuren veroorzaken. Chemici krijgen alliine in handen bij extractie op alcohol beneden 0 graden Celsius, dan is het enzym namelijk niet actief. Kenners herkennen het aminozuur cysteine als onderdeel van alliine. Allicine is zeer onstabiel en de uitgangsstof voor tal van prachtige verbindingen, waaronder allerlei sulfiden, disulfiden en trisulfiden met een hele variatie aangehechte koolstofstaarten. Organisch chemici breken zich nog steeds het hoofd over de mogelijkheden die het molecuul biedt. Door fijnere analysemogelijkheden worden nog jaarlijks nieuwe verbindingen uit knoflook geisoleerd.

Ajoene is een belangrijk knoflookprodukt. Het ontstaat uit drie allicinemoleculen. Daarnaast zijn dithiinen aangetoond. Ajoene en de dithiinen voorkomen bloedklontering. Ajoene heeft een ontsmettende werking.

Dit voorjaar hebben onderzoekers van Los Alamos Laboratories in de Amerikaanse staat New Mexico patent verkregen op de bereiding van een plastic met anti-bloedstollende eigenschappen. Het zou bruikbaar zijn voor kunsthartkleppen en kunstbloedvaten en in dialyseapparatuur. Het plastic is een polymeer van een dithiine en N-vinyl-pyrrolidone, een vrij goedkope grondstof.

In de patentaanvraag wordt gerefereerd aan de knoflookresearch en de daarbij ontdekte anti-bloedstollingseigenschappen van moleculen die uit knoflook ontstaan.

Knoflook bevat wisselende concentraties alliine. Tot twee procent is gemeld, maar 0,5 procent lijkt reeler. Zodra de knoflook wordt geperst, fijngesneden of verhit zet het enzym allinase de alliine om in allicine. Allicine is hoofdverantwoordelijk voor de knoflookgeur, hoewel veel van de andere zwavelverbindingen in verse en gesneden knoflook soortgelijke geuren veroorzaken. Chemici krijgen alliine in handen bij extractie op alcohol beneden 0 graden Celsius, dan is het enzym namelijk niet actief. Kenners herkennen het aminozuur cysteine als onderdeel van alliine. Allicine is zeer onstabiel en de uitgangsstof voor tal van prachtige verbindingen, waaronder allerlei sulfiden, disulfiden en trisulfiden met een hele variatie aangehechte koolstofstaarten. Organisch chemici breken zich nog steeds het hoofd over de mogelijkheden die het molecuul biedt. Door fijnere analysemogelijkheden worden nog jaarlijks nieuwe verbindingen uit knoflook geisoleerd.

Ajoene is een belangrijk knoflookprodukt. Het ontstaat uit drie allicinemoleculen. Daarnaast zijn dithiinen aangetoond. Ajoene en de dithiinen voorkomen bloedklontering. Ajoene heeft een ontsmettende werking.

Dit voorjaar hebben onderzoekers van Los Alamos Laboratories in de Amerikaanse staat New Mexico patent verkregen op de bereiding van een plastic met anti-bloedstollende eigenschappen. Het zou bruikbaar zijn voor kunsthartkleppen en kunstbloedvaten en in dialyseapparatuur. Het plastic is een polymeer van een dithiine en N-vinyl-pyrrolidone, een vrij goedkope grondstof.

In de patentaanvraag wordt gerefereerd aan de knoflookresearch en de daarbij ontdekte anti-bloedstollingseigenschappen van moleculen die uit knoflook ontstaan.

Knoflook bevat wisselende concentraties alliine. Tot twee procent is gemeld, maar 0,5 procent lijkt reeler. Zodra de knoflook wordt geperst, fijngesneden of verhit zet het enzym allinase de alliine om in allicine. Allicine is hoofdverantwoordelijk voor de knoflookgeur, hoewel veel van de andere zwavelverbindingen in verse en gesneden knoflook soortgelijke geuren veroorzaken. Chemici krijgen alliine in handen bij extractie op alcohol beneden 0 graden Celsius, dan is het enzym namelijk niet actief. Kenners herkennen het aminozuur cysteine als onderdeel van alliine. Allicine is zeer onstabiel en de uitgangsstof voor tal van prachtige verbindingen, waaronder allerlei sulfiden, disulfiden en trisulfiden met een hele variatie aangehechte koolstofstaarten. Organisch chemici breken zich nog steeds het hoofd over de mogelijkheden die het molecuul biedt. Door fijnere analysemogelijkheden worden nog jaarlijks nieuwe verbindingen uit knoflook geisoleerd.

Ajoene is een belangrijk knoflookprodukt. Het ontstaat uit drie allicinemoleculen. Daarnaast zijn dithiinen aangetoond. Ajoene en de dithiinen voorkomen bloedklontering. Ajoene heeft een ontsmettende werking.

Dit voorjaar hebben onderzoekers van Los Alamos Laboratories in de Amerikaanse staat New Mexico patent verkregen op de bereiding van een plastic met anti-bloedstollende eigenschappen. Het zou bruikbaar zijn voor kunsthartkleppen en kunstbloedvaten en in dialyseapparatuur. Het plastic is een polymeer van een dithiine en N-vinyl-pyrrolidone, een vrij goedkope grondstof.

In de patentaanvraag wordt gerefereerd aan de knoflookresearch en de daarbij ontdekte anti-bloedstollingseigenschappen van moleculen die uit knoflook ontstaan.

Knoflook remt de opname van vetzuren, verlaagt de bloeddruk, vermindert het cholesterolgehalte in het bloed, voorkomt atherosclerose en reduceert het dodental onder mensen die al eens een hartinfarct hebben doorgemaakt. Dat waren nog maar de spectaculairste resultaten die op het driedaagse World Garlic Congress, vorige week in Washington DC, werden gemeld. Ongeveer 300 biochemici, toxicologen en artsen bespraken er wat knoflook of knoflookpreparaten medisch gezien doen. De claims zijn nauwelijks bij te houden: tegen kanker, voor een vitale oude dag, tegen trombose, cholesterol- en bloeddrukverlagend, tegen vergiftiging door zware metalen, tegen bacterien en schimmels, afweersysteemversterkend, als wegvanger van schadeveroorzakende zuurstofradicalen.

Folklore, traditionele Oosterse geneeskunst en geschreven historische bronnen leggen een stevige basis onder de medische claims. Zo is er het verhaal van de pestepidemie die in 1721 Marseille teisterde. Vier ter dood veroordeelden kregen de kans het er levend van af te brengen als zij de overleden pestlijders uit hun huizen en van de straten haalden en ze begroeven. Regelmatig drinkend van op knoflook getrokken azijn overleefden de vier. De vinaigre des quatre voleurs, een sterke knoflookazijn, is nog steeds bekend in Frankrijk. De anekdote verwijst naar de ontsmettende werking van knoflook. In China wordt gekookte en verse knoflook nog steeds gebruikt om wonden te ontsmetten. A. Vogel, natuurarts en schrijver van het in ons land veel geraadpleegde 'De Kleine Dokter' beveelt knoflookmelk (twee tenen in 1 dl melk warm maken) aan tegen (lint)wormen, ischiaspijn en overtollig voetzweet. Zelfs dat voetzweet is niet gek, want de zwavelverbindingen uit knoflook komen onder andere via onze zweetklieren weer naar buiten. De geur van zweetvoeten wordt door bacterien geproduceerd en van enkele zwavelverbindingen in knoflook is de bacteriedodende werking in de reageerbuis aangetoond. De omgeving van de zweetvoetenlijder moet natuurlijk wel tijdelijk een andere geur tolereren.

Eerste hartinfarct

De Indiase cardioloog prof. dr. Arun Bordia vertelde de sage die in India de herkomst van knoflook verklaart. Toen goden en demonen elkaar in de haren vlogen om het bezit van nectar greep Vishnu in, de schepper van het universum. Hij verdeelde de nectar. De goden kregen eerst een hapje en Vishnu gaf natuurlijk zulke porties dat de nectar op zou zijn als alle goden hadden gehad. Een demon had zich echter naar voren gedrongen en kreeg een schepje nectar in zijn mond. De zon- en maangoden zagen het en waarschuwden Vishnu. Die sloeg de demon zijn hoofd af voor hij kon slikken. Het hoofd rolde op de grond en op de plaats waar de nectar uit de mond vloeide groeide later een plant. Het sap had vele goede eigenschappen van nectar. Maar omdat het in de mond van een demon had gezeten bezat het ook slechte eigenschappen: knoflooksap wekt de seksuele driften op, het stinkt, het veroorzaakt verlies aan concentratievermogen.

Bordia, een aristocraat: ' Mijn moeder at daarom nooit knoflook.'

De mensen uit de hogere kasten doen dat nog steeds niet. Egyptische priesters in de tijd van de farao's aten ook geen knoflook; de oude Grieken vonden de geur van knoflook vulgair. Maar in beide culturen werd knoflook medicinaal gebruikt.

En wie twijfelt aan de Indiase waarneming dat knoflook als afrodisiacum werkt, in ons eigen Westen schreef Anthony Burgess: ' Garlic has become part of my life. Any woman who breathes it, specially if she is elegantly dressed for the evening, her freshly washed black hair in a torrent vaguely redolent of wood smoke, exudes a powerful erotic attraction.'

Bij mensen

Maar de claims op het gebied van hart- en vaatziekten zijn het best onderbouwd. Twee recente onderzoeken springen eruit. Beide zijn, zoals het hoort bij goed geneesmiddelonderzoek, uitgevoerd bij mensen. Proefdieronderzoek is onontbeerlijk voor voorstudies, maar uiteindelijk telt alleen het resultaat bij mensen. Het zijn redelijk gecontroleerde studies, wat wil zeggen dat er een vergelijking is gemaakt met een groep mensen die een placebo kreeg. De Duitse arts dr. Frank Mader volgde 261 patienten in 30 huisartspraktijken. Patienten hadden een licht tot matig verhoogd cholesterolgehalte, een matig verhoogde bloeddruk (95-105 mm onderdruk) en slikten geen medicijnen tegen hoog cholesterol of hoge bloeddruk. De behandelde groep kreeg 0,8 gram knoflookpoeder per dag, wat de droge rest van een forse teen is. Het poeder zat verpakt in een maagsapresistente ampul, wat de geurproblemen sterk verminderde. Toch had een deel van de patienten in de gaten dat ze geen placebo slikte.

Na 16 weken was het cholesterolgehalte van de knoflookpoederslikkers met een cholesterolgehalte boven de 5,5 ongeveer 15 procent gezakt. Dat resultaat is met een dieet en de oudere generaties cholesterolverlagende geneesmiddelen ook bereikbaar, maar het gemeten effect is in ieder geval medisch van belang.

Drs. Jos Kleijnen van de vakgroep epidemiologie van de Rijksuniversiteit Limburg, als spreker in Washington aanwezig en bekend om de kwaliteitstoetsingen van onderzoek naar alternatieve geneeskunde, zou graag de resultaten zien als de mensen die wisten wat ze slikten niet werden meegeteld. Overigens vindt hij het een keurig uitgevoerd onderzoek.

De Indier Bordia volgt nu al drie jaar 432 mensen die hun eerste hartinfarct overleefden. De helft gebruikt zes tot tien gram knoflook, uitgeperst ingenomen in koude melk. Zomers mag de melk verwarmd worden, omdat veel mensen dan moeite hebben met zo'n grote portie rauwe knoflook. De placebogroep slikt capsules waar een zeer geringe hoeveelheid knoflook op gewreven is. De studie is dus niet goed geblindeerd, maar de artsen die de bloeddruk meten en bloed afnemen om het cholesterolgehalte te bepalen weten niet waarom ze dat doen.

In de behandelde groep overleden 11 mensen, tegen 20 in de placebogroep. In de knoflookgroep overleefden 15 mensen een nieuw hartinfarct. In de placebogroep overkwam dat 22 mensen. De gemiddelde bloeddruk van de mensen in de behandelde groep, en ook hun cholesterolgehalte is tien procent lager dan in de placebogroep.

Bordia is, ondanks zijn beperkte middelen in India, een gerenommeerd knoflookonderzoeker. Maar de therapie zal in het westen niet gauw ingang vinden.

Vette faeces

Over de vraag hoe knoflook precies op hart en bloedvaten inwerkt tast men nog in het duister. Er zijn wel twintig bestanddelen van knoflook genoemd die een effect hebben op het cholesterolgehalte, op de bloedstolling of op het weer oplossen van eenmaal gevormde stolsels. Welke van de bestanddelen waarvoor verantwoordelijk zijn is echter onbekend. Vele ervan zijn pas in het afgelopen decennium gevonden. En door de toegenomen analytische mogelijkheden treft men ieder jaar nog wel nieuwe bestanddelen in verse, gekookte en geprepareerde knoflook aan.

Dr. Claire Cudrey in Marseille verbonden aan een biochemisch laboratorium van de CNRS, de Franse overheidsorganisatie voor wetenschappelijk onderzoek, heeft aangetoond dat het vetsplitsende enzym lipase veel minder goed werkt in aanwezigheid van ajoene, een stof die ontstaat in rauwe en gekookte knoflook. Lipasen splitsen vetten in het maag- en darmkanaal, waarna ze de darmwand kunnen passeren en in het bloed worden opgenomen. Worden de lipasen geinactiveerd, dan komen er uiteindelijk meer vetten rechtstreeks in de faeces terecht.

Een voorzichtige conclusie is dus dat knoflook in vet eten voorkomt dat al het vet in de bloedbaan wordt opgenomen. Er zijn aanwijzingen dat knoflookbestanddelen niet alleen in het maag-darmkanaal maar ook in de lever actief zijn en daar onder andere de cholesterolsynthese beinvloeden. Dr. Yu-Yan Yeh en dr. Shaw-mei Yeh van Pennsylvania State University hebben in het laboratorium voortgekweekte levercellen van ratten 'gevoerd' met verschillende concentraties knoflookextracten. Ze vonden wel dat de levercellen minder cholesterol aanmaakten dan normaal, maar het effect was niet dosis-afhankelijk. Bij een lage concentratie knoflook werd de synthese bijvoorbeeld sterk geremd, terwijl bij een hoge dosis knoflook de levercellen vrijwel onbekommerd cholesterol aanmaakten.

Met dierproeven is het in het cholesterolonderzoek overigens oppassen geblazen. Ratten hebben een goed cholesterolregulerend mechanisme, terwijl konijnen weer veel gevoeliger zijn dan mensen. Een goed diermodel bestaat niet.

Het vaker geuite vermoeden dat knoflook de stofwisseling in de lever vertraagt ook bij het onderzoek naar kankerpreventie van knoflook is dat aangetoond noopte dr. Joseph Betz, toehoorder namens de Amerikaanse geneesmiddelenbeoordelende Food and Drug Administration (FDA) op te merken dat de FDA genoodzaakt zal zijn voor bepaalde reguliere geneesmiddelen hogere doseringen aan te bevelen voor mensen die knoflookpreparaten gebruiken. Betz, naderhand gevraagd naar concrete voorbeelden: ' Die hebben we absoluut nog niet, maar ik was een paar weken geleden op een fytotherapiecongres in Duitsland en daar was het een belangrijk gespreksonderwerp. In Duitsland worden erg veel knoflookpreparaten gebruikt, vooral door bejaarden. De lever van bejaarden functioneert toch al minder zodat voor sommige medicijnen de dosering al omhoog moet. Als knoflookpreparaten in de VS sterk opkomen, gaan we er goed naar kijken.'

Blokkades

Een ander effect van knoflook op hart en bloedvaten is dat het bloedstolling voorkomt en eenmaal gevormde stolsels weer kan oplossen. Het effect op de bloedstolling is goed beschreven in laboratoriumomstandigheden en ook moleculair gezien is er al iets over het mechanisme bekend. De stof ajoene (spreek uit aho-ien of acho-ien, de naam is afgeleid van aho, Spaans voor knoflook; -ene iets zegt over een chemische eigenschap) is het best onderzocht. De Venezuelaan dr. Rafael Aptiz-Castro en de aan New York State University verbonden dr. Eric Block hebben het meeste werk aan ajoene gedaan.

Volgens Aptiz-Castro stokt het verdere onderzoek omdat niemand bereid is het te financieren. ' Er zijn wel eens farmaceutische industrieen langs geweest, maar het patent op de isolatie is in handen van de New York State University. Het staat op mijn naam, maar ik kon het zelf niet betalen, dus zij hebben de licentie. Volgens de industrie vragen ze er veel te veel geld voor. De preparaatproducenten hebben weinig belang bij onderzoek naar de aparte bestanddelen en geven er weinig geld aan uit. Ik zou dolgraag met ajoene verder willen. We weten nu ook dat het een uitstekend anti-schimmelmiddel is, maar we komen nauwelijks verder.' In de Bondsrepubliek Duitsland is een knoflookpoederpreparaat van fabrikant Lichtwer officieel als lipideverlagend geneesmiddel geregistreerd, terwijl hetzelfde preparaat in iets lagere dosering als vrij verkrijgbaar geneesmiddel tegen hart- en vaatziekten is geregistreerd. Zo'n registratie is in Nederland en in de Verenigde Staten ondenkbaar omdat daarvoor uitgebreide studies bij proefdieren en mensen op tafel moeten komen. Van alle bestanddelen in het preparaat (in knoflook zit alleen al een dertigtal verschillende zwavelverbindingen) moet het medisch effect worden vermeld en de zin van de mengverhouding van de verschillende bestanddelen moet worden aangetoond. In gekweekte menselijke cellijnen lijkt knoflook het ontstaan van kanker te voorkomen. Let wel: er zijn enige aanwijzingen dat kanker ermee te genezen is, maar het vermoeden dat het ontstaan ervan wordt voorkomen is veel sterker. Sommige geisoleerde afweercellen worden actiever onder invloed van knoflookpreparaten. Er is dus ook reden om aan te nemen dat de infectieremmende werking van knoflook een betere verklaring kent dan die welke zegt dat verkouden en grieperige mensen wel uit je buurt blijven als je knoflook hebt gegeten.

Knoflook werkt dus, maar mensen die ter voorkoming van hart- en vaatziekten een op dat gebied actief knoflookbestanddeel zouden willen slikken zullen toch naar de hele teen (minstens twee teentjes per dag, rauw of gekookt maakt niet veel uit) of naar het voedingssupplement knoflook moeten grijpen. Het betekent dat ze meer slikken dan ze eigenlijk willen. Voor wie gelooft in rationeel geneesmiddelenontwerp is het geen aanlokkelijke gedachte om ter preventie van hart- en vaatziekten een middel te slikken dat ook nog bacteriedodend werkt.

Ongezond

De preventieve consumptie van rauwe knoflook kan snel doorslaan naar een hoeveelheid die schadelijk is. Meer dan drieeneenhalve teen rauwe knoflook per dag is ongezond. Gekookt, gebakken en gedroogd is knoflook echter ongevaarlijk.

Sap van rauwe knoflook veroorzaakt in een bepaalde concentratie in ratten schade aan het zuurstoftransporterende bloedeiwit hemoglobine. Omgerekend naar een mens van 70 kilo komt de bij ratten schadelijke dosis neer op 350 milliliter, ongeveer een pilspijpje knoflooksap per dag. Bij het vaststellen van normen voor de mens is het gebruikelijk een veiligheidsmarge van een factor honderd te hanteren: zo komen we op 3,5 milliliter knoflooksap.

De rekensom van milliliter naar tenen gaat uit van een gemiddelde teen van 2 gram, die voor 60 procent uit vocht (voornamelijk water, zeer weinig olie) bestaat. Stel dat bij persen 80 procent van het vocht wordt gewonnen, dan wordt 3,5 milliliter sap gelijk aan evenzoveel tenen.

Vers sap is onontbeerlijk voor het effect. Een salade met drie tenen knoflook per persoon, en een teen voor de kom, die twee uur voor consumptie is bereid en bij kamertemperatuur bewaard, levert absoluut geen gevaar meer op. Bovendien moet de consumptie van ruim drie tenen per dag zeker een week worden volgehouden om echt boven de norm te komen.

Gekookte knoflook, gebakken knoflook en knoflookpoeder kunt u in iedere gewenste hoeveelheid tot u nemen. Pas als de hoeveelheden ongelooflijk schijnen dreigt er weer gevaar voor de gezondheid. Over de lichte bijwerkingen spreken we hier overigens niet. Die neemt u natuurzlijk voor lief. Sommige mensen krijgen last van hun maag en darmen. Knoflookconsumptie maakt winderig en dorstig. Knoflooketers tenslotte verspreiden een geur. Stank noemen sommigen het. Knoflookpreparaten, al of niet in maagsapresistente capsules, zeggen de geur tegen te gaan, maar via zweet en anus komen de zwavelgeuren toch naar buiten.

    • Wim Köhler