Olie zat

Scientific American. Septembernummer: Energy from planet Earth. Verkrijgbaar in de kiosk voor fl.13,95. Het jaarlijkse themanummer van Scientific American gaat over energie. Dat lijkt actueler dan het is (zoals ook het augustus-nummer met een beschouwing over de raket-arsenalen in het Midden-Oosten een voltreffer leek) want de tekst moest kennelijk al ver voor 2 augustus binnen zijn. Daardoor staat het nummer nog uitsluitend in het teken van de eindigheid van de energievoorraden en het broeikaseffect. Over een acuut tekort aan brandstof, over stijgende olieprijzen wordt nog niet gerept. Voor de stabiliteit van de oliemarkt en voor diversificatie ('energy security') was geen ruimte. ('We have not enough space to discuss them'). Behaaglijk achteroverleunend maakten de diverse auteurs begin deze zomer de balans op.

De Nederlandse lezer, die al een Brede Discussie over energie achter de rug heeft en sinds 1982 in de eigen taal op niveau over het onderwerp wordt voorgelicht door bladen als Energie Spectrum, Duurzame Energie, Nieuwe Beta, Gas, Natuur en Techniek en daarbij de milieu- en consumentenbladen, zal weinig nieuws ontmoeten.

Indeling en inhoud van het themanummer zijn obligaat. Er is weinig natuurwetenschap of techniek maar des te meer statistiek, analyse, beleidsvoorstellen en zo maar mooie plannen. Een vreemde mengeling van review en nieuws in hapsnap configuratie.

Het interessantst is het nummer nog door het beeld dat het geeft van de Amerikaanse energie-situatie en de Amerikaanse visie op de problemen. Het kan geen kwaad te noteren hoe buitensporig hoog het Amerikaanse (en Canadese) energieverbruik is en hoe bitter weinig men aan energiebesparing doet. Per hoofd van de bevolking wordt in de VS nu jaarlijks het equivalent van ruim 40 vaten olie aan energie verbruikt. Dat is twee keer zoveel als in Europa. (In India heeft men maar twee vaten nodig.)Het energieverbuik per woning is in de VS sinds 1973 ook nooit gedaald (zoals in Nederland) maar heeft zich hoogstens tot 1982 gestabiliseerd en neemt sindsdien weer jaarlijks met ruim 3 procent toe. Dat zit hem vooral in het geweldige elektriciteits-verbruik want het energieverbruik voor verwarming liep, dankzij isolatie, per vierkante meter vloeroppervlak sinds 1973 met 50 procent terug.

Het adviesbureau voor energiebesparing dat het artikel over het energieverbruik van woningen en kantoorgebouwen schreef, schoten uitsluitend technische oplossingen voor het gigantische elektriciteitsverbruik te binnen. De regelcentrale die nu in de gemiddelde Amerikaanse woning de HVAC-eenheid schijnt te bedienen (HVAC = Heating-Ventilation-Air Conditioning) kan subtieler worden afgesteld. Men zou sensors kunnen aanbrengen die aan- of afwezigheid signaleren en na een paar minuten het licht uitdraaien. Spaarlampen en spectraal-selectieve beglazing doen de rest. Het bureau is bang dat de VS een aantal goede besparings-oplossingen zal missen omdat de Amerikanen zich blind staren op terugverdientijden van drie jaar of minder. Overigens sluiten energie-adviesbureaus in de VS met het bedrijfsleven contracten af (van tien jaar) waarbij ze bedingen de helft van de aangebrachte besparingen in eigen zak te mogen steken.

Ook het artikel over fossiele brandstoffen brengt weinig onthutsends. Men stelt voor met oog op het broeikas-effect voorlopig maar wat meer aardgas in te zetten en intussen uit te zoeken of dat effect wel echt bestaat en of andere brandstoffen schoner zijn te verbranden dan nu het geval is. Kolenvergasing, wervelbedverbranding. Het verwijderen van CO uit rookgassen (om dat vervolgens naar oceaan of ondergrondse holtes te leiden) lijkt vooralsnog te duur, maar de auteurs zijn het onderzoek aan de universiteit van Utrecht op het spoor gekomen dat zou aantonen dat het de elektriciteitskosten maar 30 procent zou doen stijgen.

De auteurs van het artikel over alternatieve energie geloven in het 'al doende leert men'. Men stelt vast dat het gebruik van windenergie opvallend goedkoop is geworden en waarschijnlijk al op korte termijn kan concurreren met fossiele brandstof. (De cijfers die men opgeeft voor de produktiekosten van een kilowattuur conventionele elektriciteit, 5 dollarcent, en wind-elektricteit, 7 dollarcent, komen vrijwel overeen met opgaven voor de Nederlandse situatie). De kosten-reductie heeft niets te maken met verbeterde molen-ontwerpen maar bijna alles met een toegenomen standaardisatie en het op gang komen van serie-produktie. Zonneboilers zouden langs dezelfde weg snel goedkoop kunnen worden. Ook gebruik van biomassa als energiebron kan al bijna concurreren met fossiele brandstoffen. Het biedt geen enkele oplossing omdat teveel landoppervlak nodig zou zijn.

Auteur Wolf Hafele nam de kernenergie voorzijn rekening. Hij wil het aantal reactoren (nu nog geen 450) snel uitbreiden tot 2500. Maar er is een probleem. Volgens 'engineers' zou de kans op een flinke kernsmelting bij een lichtwaterreactor (het meest gangbare type) nu eens in de 20.000 jaar zijn. De kans dat daarbij bovendien veel radioactief materiaal vrij komt schatten ze op 1 op de 100.000 jaar. Met het huidige bestand aan 450 reactoren wordt dat in totaal eens op de 222 jaar. Staan er 2500 reactoren dan wordt dat opeens 40 jaar. ' Clearly, such a frequency is not acceptable', denkt Hafele. Vandaar zijn conclusie dat die hele risico-analyse (toch maar gepikt van het verzekeringswezen) maar eens op de helling moet. Het themanummer energie is bestemd voor de lezer die zich tot nu toe nauwelijks in het onderwerp verdiepte. De andere lezer biedt het meer 'oh, ja' dan 'Aha' Erlebnisse. En er is wel meer te klagen: de bronvermelding is minimaal, de literatuurverwijzing lukraak. De hardnekkigheid waarmee Amerikanen vasthouden aan eenheden als gallons, miles en BTU's wordt zo langzamerhand ronduit ergerlijk.

    • Karel Knip