Nieuw-Zeelandse premier Palmer afgetreden, Moore is zijnopvolger

ROTTERDAM, 4 sept. De Nieuw-Zeelandse premier, Geoffrey Palmer, is vandaag afgetreden. Hij heeft plaatsgemaakt voor Mike Moore, die minister van buitenlandse zaken en overzeese handel was. Palmer nam de beslissing omdat hij vond dat zijn Labour-partij onder Moore een betere kans zou hebben de parlementsverkiezingen van 27 oktober te kunnen winnen. Ook voor de populaire Moore Die is dat een zware opgave: de intern verdeelde Labour-partij staat volgens de laatste opiniepeilingen 35 procent achter op de conservatieve oppositie. Die achterstand betekent een record in de geschiedenis van Nieuw Zeeland.

De weinig charismatische Palmer zag nooit kans zijn landgenoten in vervoering te brengen op de manier waarop zijn afgetreden voorganger, David Lange, dat tot vorig jaar wel wist te doen. Palmer is een voormalig hoogleraar in de rechten en kwam op de televisie veel te afstandelijk over. 'Palmer praat niet met de interviewer, maar geeft college', vonden Nieuw-Zeelandse journalisten.

Mike Moore doet het beter bij de gewone man. Hij wordt omschreven als 'de enige Labour-minister die in een arbeiderscafe niet uit de toon valt'. Moore geniet in zijn land ook veel aanzien voor zijn nooit aflatende ijver om te pleiten voor de toegang van Nieuw-Zeelandse landbouwprodukten tot buitenlandse markten. De verklaring van de leiders van de zeven rijke landen na hun bijeenkomst in Houston enige maanden geleden dat de handel en landbouwprodukten aan minder beperkingen onderhavig moesten worden gemaakt, werd in Nieuw-Zeeland als een persoonlijke prestatie van Mike Moore gezien.

De enorme achterstand van Labour is overigens niet uitsluitend het gevolg van Palmers persoonlijke gebreken. De Nieuw-Zeelanders hebben geen enkel vertrouwen meer in Labours marktgerichte economische hervormingen, die wel veel extra werkloosheid opleverden, maar die de belofte van sterke economische groei nooit inlosten. De als een obsessie van financien-minister David Caygill geziene wens om de inflatie naar een tot twee procent terug te dringen krijgt ook weinig waardering van de gemiddelde kiezer. Het krappe monetaire beleid dat Caygill nastreeft, betekent hoge rentepercentages die de hypotheekrentes onaanvaardbaar hoog hebben gehouden. De aanhoudende beloften dat het licht in de depressieve economische tunnel bijna zichtbaar is, worden niet meer geloofd.

Het economische beleid van de conservatieve Nationale Partij, onder de weinig inspirerende leider Jim Bolger, verschilt principieel niet van dat van Labour. De conservatieven zullen hooguit het tempo van de hervormingen willen vertragen. Die toezegging lijkt voor de Nieuw-Zeelandse kiezer die de radicale aanpassing van het economische beleid van Labour beu is, echter voldoende om de verkiezingen te winnen.

Labour raakte eerder dit jaar een belangrijke troefkaart kwijt. Met het oog op het einde van de Koude Oorlog vond de Nationale Partij het tijd geworden Labours anti-kernwapenbeleid te omarmen. Dat beleid was door David Lange in Nieuw Zeeland zo populair gemaakt, dat dat vraagstuk alleen de verkiezingen kon beslissen. Die luxe heeft Mike Moore nu niet. Hij zal in de komende zeven weken zijn persoonlijke populariteit maximaal moeten benutten, want anders wordt hij de kortst regerende premier in de geschiedenis van zijn land.

    • Hans van Kregten