Golfstaten in greep financiele onzekerheid

ROTTERDAM, 4 sept. Sinds Amerikaanse militairen zich na Iraks annexatie van Koeweit gingen ingraven in de Saoedische woestijn, kwam de financiele paniek in Golfstaten als Bahrein, de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabie enigszins tot bedaren. Er worden weer wat zaken gedaan en de banken worden niet meer bestormd door kopers van buitenlandse valuta en goud. 'In het begin was er veel consternatie en raakte het financiele leven verlamd', vertelt drs C. R. Bakhoven, economisch onderzoeker bij de ABN-Amsterdam. 'Nu is de zaak afgekoeld en draaien de zaken weer, zij het op een lager niveau.' Toch kon de spectaculaire tussenkomst van Amerikaanse en andere militairen niet voorkomen dat de financiele markten en instellingen in het Golfgebied rake en soms moeilijk herstelbare klappen opliepen. Zo kwam direct na Saddam Husseins vertoon van expansie op 2 augustus jongstleden vanuit de Golfregio een omvangrijke kapitaalvlucht op gang richting Zwitserland, Londen en New York. 'Wij hebben nu een menigte nieuwe klanten, die wij in juli nog niet kenden', aldus een tevreden functionaris van een Amerikaanse bank in Zurich.

En in het Britse Buckinghamshire mocht een opslagbedrijf van luxe auto's de afgelopen maand zowaar twaalf nieuwe bolides uit het Golfgebied ontvangen, waaronder verlengde Mercedessen van de Saoedische koninklijke familie en twee Lamborghini's ter waarde van een half miljoen dollar uit Bahrein.

Tegelijkertijd werden na het uitbreken van de crisis belangrijke Westerse en Japanse kredietlijnen naar de Golfstaten abrupt doorgesneden. Verschillende Amerikaanse en vooral ook Japanse bankinstellingen lichtten snel hun hielen en nogal wat Golfbanken moeten nu vrezen voor reorganisatie, fusie of ondergang.

De kleine eilandstaat Bahrein, die met zo'n vijftien plaatselijke en 55 offshore-banken als het voornaamste financiele centrum van de regio geldt, liep verreweg de grootste schade op. Volgens Londense analisten verloren de plaatselijke banken dertig a veertig procent van hun deposito's.

Dezelfde bronnen wagen zich niet aan cijfermatige schattingen over de verliezen in Bahreins offshore-sector, waar voor de crisis 72,6 miljard aan tegoeden was geparkeerd. Zij omschrijven die verliezen wel als 'reusachtig'. Econoom Bakhoven van de ABN wijst er overigens op dat het financiele centrum van Bahrein, dat jaren lang fungeerde als de voornaamste toegang tot Saoedi-Arabie, toch al op zijn retour was. Reden: de zaken worden geleidelijk overgenomen door het Saoedische bankwezen zelf dat zich de laatste jaren snel ontwikkelde. Banken in de Verenigde Arabische Emiraten zagen sinds 2 augustus 25 a 40 procent 3,7 a 5,9 miljard dollar aan tegoeden verdwijnen. En in Saoedi-Arabie viel het met 10 a 15 procent 1,6 a 2,4 miljard dollar nogal mee.

Belangrijker nog dan de kapitaalvlucht en de verbroken kredietlijnen met de rijke wereld is het geschokte vertrouwen in het financiele systeem van de Golf. Verscheidene Golfstaten koesterden ambitieuze plannen om zelf krachtige financiele markten te ontwikkelen, om daarmee de particuliere sectoren van hun economieen te stimuleren en minder afhankelijk te maken van de olie. Deze plannen hingen vooral af van het teruglokken van de kolossale bedragen die steenrijke Golfbewoners overzee hebben belegd. 'Het gaat om zo'n 150 miljard dollar', aldus Stephen Timewell van het Londense periodiek Arab Banker. 'De regeringen van de Golfstaten hadden gehoopt op een terugkeer van dat kapitaal om meer arbeidsplaatsen te scheppen voor hun jeugdige bevolkingen. Die kans is voorlopig verkeken'. Volgens Timewell is het moeilijk in te zien hoe het vertrouwen in het banksysteem van de Golf binnen enkele jaren kan worden hersteld. 'Zelfs als Saddam Hussein vandaag zou worden vermoord.'

J. de Jong van het Economisch Onderzoeks Bureau van de Amro-Amsterdam deelt dat pessimisme. Hij zegt: 'Van welk toekomstig scenario wij ook uitgaan herstel van de oude situatie, normalisering van de huidige toestand of oorlog in alle gevallen zal het vertrouwensprobleem een langdurig karakter hebben'. Arabische banken erkennen de problemen, maar zien niettemin een florissante toekomst. Hun sterkste argument is natuurlijk de stijging van de olieprijs tot meer dan 25 dollar per vat, alsmede het ervaringsfeit dat de winsten van de Arabische banken de olieprijs plegen te volgen. 'Hoe het conflict ook wordt opgelost, onze toekomst is met een hoge olieprijs veelbelovend', zo liet een Saoedische bankier, de Financial Times onlangs weten.

Verder rekenen Arabische bankiers in de toekomst op meer mogelijkheden, omdat de buitenlandse concurrentie wat uitdunt. Verschillende Japanse en Amerikaanse banken keerden bij voorbeeld Bahrein al de rug toe. Het contract voor de financiering van een nieuw kantorencomoplex in het Saoedische Jeddah ging vorige maand onverwacht naar een plaatselijke bank, nadat buitenlandse belangen zich schielijk hadden teruggetrokken.

Tegelijkertijd valt echter te vrezen dat civiele bouw- en ontwikkelingsprojecten in het huidige klimaat zullen stagneren door nervositeit van de potentiele investeerders. 'Bestaande projecten zullen worden afgemaakt, maar ik vrees dat nieuwe investeringsplannen voor geruime tijd de ijskast ingaan, zeker als de impasse voortduurt', aldus een Saoedische zakenman tegenover The Economist. Een voorbeeld is Jubail, de nieuwe petrochemische en industriele stad in het hart van de Saoedische Oost-provincie. Het zou een perfect doel kunnen vormen voor binnenvallende Irakezen. Eerder dit jaar ontwikkelde plannen om Jubail voor 5 a 6 miljard dollar uit te breiden, staan nu naar verluidt op losse schroeven.

Daar staat weer tegenover dat nieuwe militaire projecten waarschijnlijk als paddestoelen uit de grond zullen schieten. Saoedi-Arabie wilde dit jaar 14 miljard dollar 36 procent van de regeringsbegroting uittrekken voor defensie en dat zal zeker scherp worden opgevoerd. Aan middelen is geen gebrek. Door een combinatie van groeiende olieproduktie en stijgende olieprijzen (25 dollar per vat) kan het koninkrijk dit jaar rekenen op een meevaller van naar schatting 11 miljard dollar. Volgend jaar kan dat oplopen tot 33 miljard dollar. Geen wonder dat Golfbanken hun voordeel hopen te doen met het doorsluizen van een nieuwe vloed petro-dollars naar Westerse investeringen.

Toch blijft de crisis als een donderwolk boven de financieel-economische wereld van de Golf hangen. Een oorlog zou een regelrechte ramp betekenen. Maar ook als Saddam Hussein zich uit Koeweit terugtrekt, blijft het wantrouwen bestaan. Hij zou er in de toekomst immers in luttele uren kunnen terugkeren. 'Het ziet er daarom naar uit dat de Amerikaanse militairen lange tijd in Saoedi-Arabie en de Emiraten zullen moeten blijven', meent onderzoeker C. Bakhoven van de ABN. Hij vervolgt: 'De vraag is of zo'n Amerikaanse militaire aanwezigheid zal worden gezien als een welkome paraplu of juist als een domper op de financieel-economische bedrijvigheid. Zo lang twee legers tegenover elkaar staan blijft een schot immers voldoende'.

Volgens Bakhoven resteert er een vraag die nog belangrijker is: 'Wat zullen de Arabieren er uiteindelijk van vinden dat de Amerikanen vanaf Saoedisch grondgebied zichzelf en in feite ook Israel beschermen?' Dit was het tweede en laatste artikel uit een serie van twee. Het eerste artikel verscheen op 1 september.

    • Ferry Versteeg