Groep Nederlandse vrouwen en kinderen terug uit Koeweit; Bezorgd, maar toch opgelucht

AMSTERDAM, 3 sept. Vermoeid en bezorgd, maar toch ook opgelucht is een groepje van dertien vrouwen, dertien kinderen en een man gisterochtend vroeg uit Koeweit via Irak aangekomen op Schiphol. Vermoeid na de spanning van de afgelopen weken en de uitputtende reis, die voor de meesten vrijdag begon met een veertien uur durende busreis van Koeweit naar de Iraakse hoofdstad Bagdad. Bezorgd over het lot van de achterblijvende echtgenoten, die van de Iraakse autoriteiten nog altijd niet mogen vertrekken. En toch ook opgelucht, omdat ze een maand na de Iraakse invasie van Koeweit eindelijk terug zijn in Nederland, ver van de politieke en militaire spanningshaard aan de Golf.

De 26 vrouwen en kinderen werden opgewacht door familieleden en vrienden met bloemen, applaus en een spandoek ('Rosita, Dirk, Marieke en de rest, welkom in het enige echte Koe-wijd'), en door journalisten met camera's, flitslichten, microfoons en notitieblokjes. Ook stonden er twee deskundigen van de GG en GD van Amsterdam en Den Haag en een vertegenwoordiger van het ministerie van WVC om psychische bijstand te kunnen verlenen, 'maar dat bleek niet nodig', aldus een woordvoeder van WVC. Wat verdwaasd lieten de meesten de ontvangst over zich heenkomen. 'Wat voor dag is het eigenlijk?', vraagt iemand.

Rosita Lobbes (33), was op 17 juli met man en twee kinderen in Koeweit aangekomen voor een verblijf van een jaar. Toen ze eind vorige week hoorde dat de Nederlandse ambassade een bus naar Bagdad georganiseerd had, aarzelde ze geen moment zich vrijdagochtend met haar twee kinderen te melden bij het vertrekpunt, de residentie van de ambassadeur. Daar vertrok de bus, overigens zonder dat Iraakse militairen zich lieten zien. 'Alles was door de ambassade goed geregeld', zegt Lobbes. 'Bij de road blocks onderweg was men ervan op de hoogte dat er een bus met vrouwen en kinderen langs zou komen.' De 48 vrouwen en kinderen naast Nederlanders ook een groep Belgen en een paar Zweden hadden op advies van hun ambassades voor drie dagen eten meegenomen, voor het geval men niet per vliegtuig maar over de weg het land zou moeten verlaten.

Een vrouw die elf jaar in Koeweit heeft gewoond en aanvankelijk weigerde te vertrekken zonder haar echtgenoot, vertelt: 'Hij wilde perse dat ik zou gaan. Hij heeft me gewoon weggestuurd.'

De enige man in de groep kon Koeweit samen met zijn vrouw verlaten omdat hij beschikte over een paspoort van Trinidad.

Na de busreis ('een vreselijke tocht, we stopten in die veertien uur maar een keer') werd het gezelschap in Bagdad ondergebracht in het Sheraton-hotel, in afwachting van formele toestemming voor vertrek. Na lang wachten in het hotel en op de luchthaven kon men zaterdagmiddag om half twaalf lokale tijd eindelijk vertrekken met een toestel van Lufthansa, dat ook 66 Westduitsers en 219 andere passagiers van verschillende nationaliteiten naar Frankfurt bracht. Daar stonden enkele leden van het crisisteam van het ministerie van buitenlandse zaken met een NLM-Cityhopper te wachten, die het gezelschap zondagochtend om tien over vijf afzetten op Nederlandse bodem. 'Eigenlijk had ik in Frankfurt al het gevoel: nu is het over', zegt mevrouw Lobbes. 'De mensen van buitenlandse zaken hebben ons daar fantastisch opgevangen. Ze namen onze baggage meteen over en ontfermden zich over de kinderen. Dat was echt perfect.' De situatie in Koeweit was voor het oog betrekkelijk rustig, zegt de enkeling die er iets over wil zeggen. 'Veel militairen, maar gevechten heb ik niet gezien. In het begin schijnt er wel verzet geweest te zijn, maar wij woonden in een rustige wijk en hebben daar niets van gemerkt.'

In Bagdad heeft men niet meer gezien dan het Sheraton-hotel. Maar de meesten willen ook liever niets zeggen over de situatie in de Golf, noch over de manier waarop ze zijn behandeld door de Iraakse autoriteiten, bevreesd om de achterblijvers op de een of andere manier in gevaar te brengen. 'We moeten verder maar weer afwachten, zoals we eigenlijk sinds 2 augustus voortdurend hebben gedaan.' Gisteravond bleek een Nederlands gezin uit Koeweit, bestaande uit vader, moerder en twee kinderen, erin geslaagd te zijn de Iraaks-Turkse grens te passeren. Hun vluchtauto hebben de achtergelaten voor de grens, die ze te voet overgekomen zijn. Volgens Buitenlandse Zaken zijn er nog 180 nederlanders in Irak en Koeweit.