Een wereldkampioenschap met wapens van Napoleon

LEUSDEN, 3 sept. Met wapens waarmee volgens de voorzitter mr. E. G. Yspeert van de 100-jarige Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie Karl May en Napoleon hebben geschoten is afgelopen week op de Leusderheide het wereldkampioenschap Mussle Loading Arms afgewerkt. Deze discipline wordt door de betrokkenen als 'ambachtelijk schieten' aangeduid. De schutters moeten veel doen voordat ze eindelijk kunnen vuren. Ze moeten zelfs hun eigen kogels gieten. 'Dat is even wat anders dan je patroon in het wapen stoppen en pang', aldus Leo Mertens, teamleider van Nederland. Hij zegt dat voor alle beoefenaars het onderdeel historische wapens een stap terug in de tijd betekent, 'of in de historie van Nederland of met iets anders.' Toch, maakt Mertens duidelijk, mag niet de fout worden gemaakt om deze tak van de schietsport puur als folklore te zien en niet serieus te nemen. 'Er wordt om elk puntje gevochten. Moet je die mannen eens bezig zien op de baan.'

De 'zwart-kruitschutters' komen niet per definitie uit een bepaald millieu of beroepsgroep. 'Iedereen doet het', zegt Mertens. 'Van sommige jongens uit het Nederlandse team weet ik niet eens wat hun beroep is. Het komt voor dat het je verbaasd dat diegene waarmee je al jaren schiet een dokter of tandarts blijkt te zijn.'

Bondsvoorzitter Evert Gerrit Yspeert, advocaat en procureur uit Groningen, zegt dat bij zijn eigen vereniging 'de hulppostbode en de orthopedisch chirurg naast elkaar staan bij het schieten'. Chiel Agterberg is een servicemonteur uit Grubbenhorst. Hij heeft met zijn colt en en zijn vetterly aan het WK meegedaan. Als gepensioneerd veldwachter woonde de vader van Agterberg met zijn gezin op een militair terrein in de buurt van Utrecht. 'Daar kon meer. Je kon zonder problemen een keer schieten', aldus de zoon. Chiel Agterberg, 49 jaar, raakte steeds meer geinteresseerd in de schietsport, ging wapens, vooral antieke, verzamelen. Hij is inmiddels een fanaat en reist met zijn caravan naar wedstrijden en schuttersfeesten. Agterberg geniet vooral van de in Limburg zeer populaire Western-weekeinden. De deelnemers slapen in tenten en zijn verkleed als ze schieten. Agterberg heeft een schitterend pak van een mountainman, inclusief bontmuts, kralen en vellen. Dat heeft zijn vrouw gemaakt. 'Maar tijdens zo'n WK heb ik het niet gedragen. Nu ging het om de punten.'

Leo Mertens, zelfs dit jaar nationaal kampioen op vier onderdelen, maar wegens zijn organisatorische WK-werkzaamheden geen deelnemer op de Leusderheide: 'Die Western-weekeinden zijn puur voor de ontspanning. Schieten is daar maar bijzaak. De laatste keren dat ik er ben geweest heb ik niet eens geschoten.'

Chiel Agterberg lijkt niet bepaald een bloeddorstige man. Hij vindt het vervelend dat het imago van de schietsport over het algemeen niet echt positief is. 'Ik ben aan het oefenen om veel punten te kunnen halen en niet om straks iemand dood te kunnen schieten.'

Volgens Evert Gerrit Yspeert, al 23 jaar voorzitter van de KNSA, hebben veel mensen het idee dat iedereen met een geweer een potentiele moordenaar is. Lachend vertelt hij het verhaal dat er mensen boos hadden gebeld toen de NOS tv-beelden van kleiduivenschieten had getoond. Hoe konden ze dat nou doen, die arme beesten. Een schietvereniging liet meteen balpennen maken met het opschrift 'Stop de kleiduivenmoord'. Vice-voorzitter Piet Hoogeveen: 'Schieten is in Nederland alleen populair in tijd van oorlog.'

Yspeert: 'Als er mensen vragen wat er zo leuk is aan schieten, vraag ik ze wat de lol ervan is om aan een tafel met een groen laken en drie ballen erop te gaan staan. Iedereen zo zijn sport, he.'

Verlof

Yspeert vindt toch dat het onbegrip voor de schietsport veel minder is geworden. Het ledental van de bond is inmiddels naar 30.000 gestegen. De KNSA en de verenigingen doen er alles aan om de kans op excessen met hun leden uit te sluiten. De besturen houden controle. Wanneer iemand van de politie geen verlof voor het houden van een schietwapen krijgt is hij ook niet welkom bij een vereniging. De bond moet op zijn beurt de bestuursleden van de clubs controleren. Volgens Yspeert moet de KNSA het voornamelijk van 'verraderswerk' hebben om een ongeschikte bestuurder op te sporen.

Yspeert kan zich in zijn bestuursperiode maar een geval herinneren dat een vrouwelijk lid van een schietvereniging haar wapen voor een ander doeleinde dan voor de sport gebruikte. Zij hield er een aanrander mee van het lijf. 'Ze werd vrijgesproken, maar formeel zat ze fout.'

Yspeert vraagt zich af wat hij zelf zou doen als hij jagend op varkens op de Veluwe toevallig iemand ontvoerd zou zien worden. 'Ik denk dat ik dan schiet. Ik zou op het wapen van de dader richten, maar in mijn zenuwen kan ik zo'n man in zijn schouder raken of zelfs doodschieten. Dan zit ik natuurlijk fout, maar in zo'n geval zou men mij dat vergeven. Men hangt mij waarschijnlijk zelfs nog een lauwerkrans om en geeft me een fikse beloning toe.'

Yspeert is een verwoed jager. Hij bezit zeventien wapens. Vier keer was de voorzitter in zijn jonge jaren districtskampioen in Noord-Nederland klein kaliber geweer knielend. Yspeert zegt het goed te kunnen vinden met prins Bernhard. 'Wij tutoyeren elkaar. Hij mij tenminste.'

De prins is de beschermheer van de KNSA. En daar komt men graag voor uit. Op het officiele briefpapier van de schutters staat in de bovenhoek vlak onder het bondsembleem de naam van Z. K. H. Bernhard der Nederlanden. De KNSA houdt de prins secuur op de hoogte van alle activiteiten. Yspeert kan het zich nog herinneren dat Bernhard tijdens het EK luchtpistool- en -geweer in Den Haag een deelnemer om zijn wapen vroeg en vervolgens 'het lopende varken' drie dodelijke schoten toebracht. Bij het WK historische wapens was hij de afgelopen dagen niet aanwezig. Hij was verhinderd. Yspeert: 'En we konden het WK helaas niet meer aan de agenda van de prins aanpassen.'

    • Hans Klippus