Kosto wijzigt wetsvoorstel alimentatie

DEN HAAG, 1 sept. Staatssecretaris Kosto (justitie) zal het al door de Tweede Kamer aangenomen wetsvoorstel dat het betalen van alimentatie in praktisch alle gevallen bindt aan een maximale termijn van twaalf jaar grondig aanpassen.

Het door het vorige kabinet ingediende wetsvoorstel bepaalde dat ook alimentatieverplichtingen die voor het in werking treden van de nieuwe wet waren opgelegd in principe met terugwerkende kracht alsnog aan een termijn van twaalf jaar zouden worden gebonden. Kosto vindt dat deze bepaling onbillijk kan uitpakken voor met name oudere vrouwen die door het verliezen van hun alimentatie-inkomsten opeens op een bijstandsuitkering zouden zijn aangewezen. De termijn van twaalf jaar zal in principe daarom alleen nog maar gelden voor toekomstige gevallen. Op grond van het oude voorstel dreigden volgens de Stichting Landelijke Ombudsvrouw in Den Haag tienduizenden oudere gescheiden vrouwen 'bijstandsoma's' te worden, omdat het op oudere leeftijd nauwelijks mogelijk is eigen inkomsten via een baan te verwerven.

Het wetsvoorstel van de vorige minister van justitie Korthals Altes is al in 1987 door de Tweede Kamer aangenomen. De Eerste Kamer maakte vorig jaar echter duidelijk grote bezwaren te hebben tegen de voorgestelde alimentatiebeperking waardoor de behandeling werd vertraagd.

De Eerste Kamer en verscheidene vrouwenorganisaties hadden ook ernstige kritiek tegen de bepaling dat vrouwen in alle gevallen hun recht op alimentatie zouden verliezen zodra ze op 65 jarige leeftijd in aanmerking zouden komen voor een AOW-uitkering. Kosto zal ook deze bepaling herzien zodat de mogelijkheid ontstaat dat vrouwen bovenop hun AOW (voor alleenstaande vrouwen ongeveer 1.000 gulden) nog alimentatie kunnen ontvangen.

Het ministerie van justitie bestudeert nog de mogelijkheid hoe tegemoet kan worden gekomen aan de problemen van wat de 'alimentatie-veteranen' worden genoemd. Veelal mannen die ondanks een betrekkelijk kort huwelijk al tientallen jaren alimentatie moeten betalen. In deze gevallen zullen mannen onder voorwaarden van hun alimentatieverplichtingen worden ontslagen.

De Stichting Landelijke Ombudsvrouw dringt er bij het ministerie van justitie op aan dat tegelijk met de nieuwe alimentatieregeling ook de kwestie van pensioenverreking wordt geregeld. In 1981 bepaalde de Hoge Raad dat vrouwen na scheiding ook een deel kunnen claimen van het pensioen dat hun echtgenoot tijdens het huwelijk opbouwde.

In een wetsvoorstel wordt nu aan deze uitspraak van de Hoge Raad tegemoet gekomen. Deze wet zal echter geen terugwerkende kracht hebben. 'Daardoor dreigen tienduizenden vrouwen van de vooroorlogse generatie die geen of niet meer alimentatie krijgen ook op hun 65ste volledig te worden aangewezen op een AOW-uitkering', aldus een woordvoerster. De stichting hoopt dat deze vrouwen nu in plaats van een deel van het pensioen alsnog alimentatie krijgen op hun AOW.