Blokkade van Irak doeltreffend, zelfs als Saddam morgeninbindt

ROTTERDAM, 1 sept. De economische blokkade van Irak geldt tot dusverre als een van de meeste succesvolle uit de recente geschiedenis. De grootscheepse bevoorrading over land en zee stagneert en vandaag gaat in Irak een aantal voedselprodukten op de bon. In verscheidene berichten werd de afgelopen weken al gesproken over lange rijen wachtenden voor bakkerijen en over exploderende prijzen voor schaarse levensbehoeften als bakolie, suiker, vlees en melk.

Tegelijkertijd verschenen er kinderen op het Iraakse televisiescherm die beloofden geen snoep meer te eten om de nationale economie te ontzien. Toch wordt de aanvankelijke Amerikaanse verwachting dat Saddam Husseins regime al binnen twee a drie maanden door voedselgebrek door de knieen zou gaan, nu steeds meer opgerekt. 'Ik denk dat het nog te vroeg is voor wijd verspreide problemen', tekende de Wallstreet Journal woensdag op uit de mond van een hoge ambtenaar van het ministerie van landbouw in Washington. 'Er kunnen geleidelijk tekorten optreden, maar feitelijk zitten de Irakezen in hun oogstseizoen.' De aanvankelijke Amerikaanse schattingen gingen uit van Iraks graanvoorraden per 1 juli jongstleden en lieten de huidige zomeroogsten buiten beschouwing. Deze week kwam in de Amerikaanse hoofdstad een rapport van de in Bagdad gestationneerde landbouwattache Larry Panasuk boven water, waaruit bleek dat de Irakezen nog zeker voor een half jaar in hun graanbehoefte kunnen voorzien. En wat fruit (dadels) en groenten betreft zijn zij zelfs zelfvoorzienend. Volgens de rapportage van de Amerikaanse attache zal de tarwe-oogst dit jaar uitkomen op 800.000 ton, bijna een verdubbeling van de oogstresultaten van vorig jaar, die nadelig werden beinvloed door droogte. Daarnaast heeft Irak nog een tarwevoorraad van 700.000 ton. Die 1,5 miljoen ton is goed voor vier maanden nationale consumptie. Maar met bezuinigingsmaatregelen kan het waarschijnlijk worden opgerekt tot vijf a zes maanden. Daar komt bij dat de Iraakse bakkers zonodig kunnen overschakelen op gerst, dat normaal wordt gebruikt als veevoer.

De Amerikaanse attache in Bagdad schat dat de gerstvoorraad toereikend is om zeven maanden het vee te voeren en daar komt nu de huidige oogst van 1 miljoen ton bij. Naarmate er meer gerst naar menselijke consumptie gaat, zullen de veestapel en de vleesvoorziening uiteraard teruglopen. De rijstoogst zal dit jaar zo'n 166.000 ton opbrengen oftewel 25 procent van de jaarlijkse consumptie. Samen met uit Thailand en de Verenigde Staten afkomstige voorraden betekent dit dat de Irakezen nog vier maanden normaal rijst kunnen eten en nog een a twee maanden langer als ze het zuiniger aan doen. De oogst van mais, dat voornamelijk wordt gebruikt als kippevoer, zal dit jaar uitkomen op 110.000 ton, slechts 15 procent van Iraks jaarlijkse behoefte. Omdat de bestaande maisvoorraden vrijwel zijn uitgeput, zullen Saddams onderdanen de komende weken hun laatste kippen verorberen. Dus snelde een voor Irak werkende handelsagent vorige week naar de Canadees Robin Smith, die nabij Amman een grote kippenboerderij drijft. Of hij direct een miljoen kippen kon leveren. 'In heel Jordanie zijn nog niet zoveel kippen', zei Smith tegen het Amerikaanse blad Business Week. Verder achtte hij het onverstandig nu zaken te doen met Irak.

Dat de anti-Iraakse sancties gaan bijten, meldde ook Yussef Amru, eigenaar van Al Nasser Clearing and Transport Comp. Hij nam tot voor kort met zijn 300 vrachtwagens ongeveer de helft van de tarwetransporten van de Jordaanse haven Aqaba naar Irak voor zijn rekening. Volgens Amru is er sinds 21 augustus jongstleden geen graan meer in de haven van Aqaba afgeleverd en ligt zijn hele vrachtwagenvloot stil. Hoewel de Jordaanse koning Hussein Aqaba niet heeft gesloten, tonen de reders nu respect voor het VNembargo en hebben zij weinig vertrouwen meer in Iraks huidige solvabiliteit.

Volgens Business Week functioneert het embargo eveneens langs Iraks noorderflank met Turkije en stagneert de levenslijn naar Turkse landbouwprodukten, Europese machinerieen en reserve-onderdelen. In Zuid Turkije liggen steden langs de normaal drukke hoofdweg E24 de Zijderoute er nogal uitgestorven bij. Reizigers meldden zelfde beelden uit Noord-Iraakse steden. Ondanks Saddam Husseins vredesouverture naar Iran zijn er vooralsnog geen aanwijzingen dat voedsel en andere voorraden hun wederzijdse grens passeren. Volgens ingewijden is een zekere mate van smokkel vanuit Turkije en Iran onvermijdelijk. Maar die zal relatief beperkt blijven door het lastige terrein en de waakzaamheid van Amerikaanse spionagesatellieten.

Het embargo valt via de lucht vrijwel zeker te omzeilen. Een oficiele Amerikaanse zegsman vermoedde vorige week dat er via het vliegveld van Frankfurt goederen naar Bagdad gaan. Ook Khartoem wordt geregeld genoemd. En de Israeliers verdenken Noord-Korea van de levering van militaire reserve-onderdelen door de lucht. Daarmee kan het verlies van massale scheeps- en vrachtwagentransporten echter op geen stukken na worden gecompenseerd.

Een omstreden kwestie blijft het voornemen van het Comite van het Internationale Rode Kruis om Irak in geval van nood toch voedselhulp en andere humanitaire bijstand te bezorgen. Wat leidde tot afwijzende reacties van Amerikanen en Engelsen die met lede ogen zouden moeten aanzien hoe hulpverlening van het Rode Kruis aan de Iraakse burgerbevolking door de mazen van embargoresolutie 661 zou glippen. Daarin maken de VN een uitzondering voor voedsel en andere humanitaire voorzieningen. Wel zegt het Rode Kruis toe mogelijke Iraakse hulpverzoeken voor te leggen aan het VNsanctiecomite dat per geval besluit over de uitvoer van produkten naar Irak. Een andere kopzorg voor Saddan Hussein moet het vertrek van hele contingenten buitenlanse arbeiders en technici zijn, die evenvele steunpilaren vormden voor zijn ontwikkelingsplannen. Zo lieten Zuidkoreaanse ingenieurs voor bijna een miljard dollar aan onvoltooide projecten achter. En de bouw van de op 2,5 miljard dollar begrote Bakhmadam in Noord-Irak stagneert door het vertrek van Turken en Joegoslaven. Om nog niet te spreken over de lamgeslagen olieindustrie.

Het meest knellende probleem vormt waarschijnlijk het vertrek van 200.000 Egyptische arbeiders, van wie de helft in de Iraakse landbouw werkte. Volgens Kairo zullen er nog vele van de in totaal 1,2 miljoen in Irak werkende Egyptenaren volgen. Bovendien zal het gijzelen van duizenden Amerikaanse en Westeuropese werknemers de houding van het internationale bedrijfsleven ten opzichte van Irak voor lange tijd kleuren. Business Week: 'Zelfs als de confrontatie in de Golf morgen eindigt, heeft Saddam jaren aan economische ontwikkeling verloren'.