75 jaar kartonnen doosjes

Vijfenzeventig jaar bestaat het bedrijf nu, en 't is pas in de tweede generatie van de familie. Het ziet er wel naar uit dat het ook de laatste generatie is, want de kinderen hebben duidelijk gemaakt dat ze dit werk niet voortzetten. We zijn op bezoek bij Cartonnagefabriek Brown in Arnhem. Ooit werkten er veertig man voor de fabriek (waaronder een stel thuiswerkers), maar twintig jaar geleden besloten Willy en Els Brown het roer om te gooien. Zij legden zich verder toe op kleine series; en het personeel werd in anderhalf jaar afgebouwd tot nul. Sindsdien doen ze samen al het werk.

De fabriek werd gesticht door een Belg, Julien Brown, die in 1915 uitweek naar Nederland. Hij kocht in Arnhem een statig herenhuis met ruim souterrain, en plaatste daar de benodigde kartonnagemachines. Van die oorspronkelijke machines (deels tweedehands) staan er nog diverse. Ze doen het nog prima. Een van de zoons, Willy, begon in 1932 in het bedrijf. Hij werd door vader Julien opgeleid in het vak. 'Dat gebeurde heel grondig, ' zegt Els, 'ik hoor nu nog vaak: maar Vader deed het zo!' En zo gebeurt het dan. Klassiek perfectionisme.

Het bedrijf groeide uit. Men maakte grote series eenvoudig werk, zoals simpele dozen. Daarnaast veel fijn-kartonnages. Luxe doosjes voor prulletjes of sieraden; mappen; archiefdozen en kastjes; prullenmanden; hoedenstandaards; kartonnen kerkjes voor de banketbakkers-etalage; standaards voor monstercollecties voor de opkomst van het plastic werd er veel meer met karton gedaan. Het basismateriaal (vooral strobord) kon op allerlei manieren worden verfraaid, door beplakken (cacheren), bekleden met stof, bedrukken, vergulden, pr(NOT)gen, persen, stansen, met sierkrammen en -hechters. Voor de creatieve ontwerper en kartonneur waren er nauwelijks begrenzingen.

Luxe fijn-kartonnage vraagt relatief veel gespecialiseerd handwerk. De series zijn meestal klein, waardoor het tijdrovend stellen van machines per produkt te duur zou worden. Of de bewerkingen verschillen van produkt tot produkt zoveel dat er geen universele machine voor te bouwen is. Desalniettemin beschikte de kartonneur over een aardig machinepark van kleinere machines voor standaardbewerkingen. Rolsnijders voor het op breedte snijden van stroken karton (eventueel voorzien van ritsmessen, om gelijktijdig de buigrand te ritsen). Een stapelsnijder waarmee je de platines (de uitslag' van het werkstukje) op maat sneed. Buig-, rits- en ril-machines, alle in gebruik om buigranden te maken. Slitstansjes, uithoekers, vingerholtesnijders, hoekronders en guillotinescharen, alle bedoeld om de platines in de gewenste vorm te snijden. Hoek- en vlakhechters (speciaal-nietmachines), krammenponsen, schroefpersjes, een hoekstrook-lijmapparaat, waarmee doosjes en deksels in de vorm werden gebracht. En allerlei belijm- en aanlijmmachines, een verguldpers, een pragpersje voor het versieren en verfraaien.

Bij Cartonnagefabriek Brown vind je ze bijna allemaal. Sommige machines dateren van het begin van de eeuw, andere uit de jaren 1950. Ze worden door meneer W. (zo noemde het personeel Willy vroeger) in perfecte conditie gehouden. 'Anders kan je er geen perfect werk op maken, ' verduidelijkt hij. Ooit, in 1926, werd het souterrain uitgebreid met een uitbouw, maar nog steeds staat het er barstensvol. De machines staan dicht op elkaar, hoe dat vroeger met al die mensen er aan toe ging? De overstap op kleinschaligheid heeft de Browns geen onoverkomelijke problemen gegeven. Ze maken nu op bestelling flexibel tamelijk eenvoudige doosjes en mappen, zonder veel ornamenten. Voor versiering en luxe-werk is weinig belangstelling meer, of beter, daar willen maar weinig klanten realistische prijzen voor betalen. Hooguit de kunstenaars die ze in de klantenkring hebben. En de creativiteit dan, de vakkennis? Die reageert Willy af in het weekend, wanneer hij prachtig spul maakt. Hij wil het niet verkopen, en geeft het merendeel dus weg als relatiegeschenk.

    • Alex den Ouden