Niet symbolisch, maar heel officieel

VLAARDINGEN, 31 aug. Ze bewonen een flat in de Vlaardingse wijk Holy en bestookten van daaruit alle Nederlandse gemeenten met hun schriftelijk verzoek. Dat betekende circa 1.500 enveloppen met inhoud, want steeds ging de aan B en W gerichte brief gepaard met een afschrift aan de raad. Frans Stello (43) en Gerard Kuipers (40) vormen een homopaar en willen trouwen. Niet symbolisch, maar officieel, in een gemeentehuis ten overstaan van een ambtenaar van de burgerlijke stand, net als heteroseksuele paren.

Ze wonen nu ruim achttien jaar bij elkaar, eerst in Amsterdam, daarna in Capelle aan den IJssel en vervolgens in Vlaardingen. Een borduurwerkje aan de wand vertelt dat ze op 9 maart 1987 hun vijftienjarig samenzijn vierden. Stello, hoofd verzorging in een Rotterdams bejaardenhuis, doet voornamelijk het woord. Kuipers, verpleegkundig manager in het Holyziekenhuis, vult het verhaal van zijn partner waar nodig aan.

Stello: 'Dat wij een officieel, wettelijk huwelijk willen sluiten, heeft een puur zakelijke achtergrond. Wij willen rechtsgelijkheid voor alle buitenhuwelijkse samenlevingsvormen. Het gaat om zaken die we niet via de notaris of anderszins contractueel kunnen regelen, om pensioenrechten, erfrechten, fiscale kwesties, CAO-technische zaken en nog het een en ander. 'Laat ik een voorbeeld geven. Als ik dood ga, zou mijn aandeel in het gezamenlijk bezit naar mijn familieleden gaan en niet naar Gerard. Daarom hebben we allebei onze broers en zusters moeten onterven. Dat klinkt heel vervelend, maar is niet zo bedoeld. We hebben het gedaan om de langstlevende van ons beiden veilig te stellen. Dat neemt niet weg dat onze ouders altijd hun legitieme portie kunnen opeisen'. Deze week werd bekend dat de gemeente Strijen in de Hoekschewaard ernstig overweegt het huwelijk tussen Stello en Kuipers te voltrekken. Alleen moet men nog een ambtenaar van de burgerlijke stand zien te vinden die daartoe bereid is en dat kan problemen geven. De kans is namelijk groot dat zo'n ambtenaar in conflict komt met de wet, in casu het Burgerlijk Wetboek, en zich voor de rechter moet verantwoorden.

Strijen heeft overigens nog niet formeel gereageerd op de brief van het Vlaardingse koppel. Een kleine 200 andere gemeenten deden dat wel. Stello: 'De reacties varieerden van ontvangstbevestigingen tot een volmondig ja en verwijzingingen naar de rijksoverheid. Een plaats die graag het eerste homohuwelijk zou willen voltrekken, is Beverwijk, dat zich gesteund weet door gelijkgezinde gemeenten als Emmen, Delft, Leiden, Utrecht en Groningen. Of wij een voorkeur hebben? We wachten voorlopig rustig af tot ze allemaal hebben geantwoord en dan kijken we verder'. Begin vorig jaar deden Stello en Kuipers al een vergeefse poging in Amsterdam te trouwen. Ze hadden die stad gekozen om haar 'progressieve imago', maar kwamen bedrogen uit. Stello: 'Toen we in ondertrouw gingen, kwamen we bij mr. J. Geuzinge, hoofd afdeling burgerzaken en ambtenaar van de burgerlijke stand, terecht. Hij zei dat hij niet aan een huwelijk kon meewerken en deed daarbij een beroep op de rechtshistorie. De wet mag dan nergens expliciet vermelden dat alleen mensen van verschillende sekse met elkaar mogen trouwen, het huwelijk is wel duidelijk voor man en vrouw bedoeld. Aldus de heer Geuzinge. Wij vinden dat een volstrekt achterhaalde opvatting. Die wet dateert, geloof ik, uit de Napoleontische tijd. Wat is er sindsdien niet veranderd? Er bestaan tegenwoordig zoveel andere relatievormen, maar de wet is nog steeds niet aangepast'. Stello en Kuipers lieten het er niet bij zitten en spanden bij de Amsterdamse rechtbank een civiele procedure tegen de gemeente aan. Verzocht werd de weigering van de ambtenaar nietig te verklaren. Maar ook deze manoeuvre liep op niets uit. Stello: 'De rechtbank erkende weliswaar de gronden waarop ons verzoek was gebaseerd, die rechtsongelijkheid, maar wilde Amsterdam niet dwingen. Een waarom niet? Omdat dit maatschappelijke repercussies zou geven die de rechtbank niet kon overzien. Men verwees naar de wetgever, de overheid, om de rechtsongelijkheid op te heffen'. Hoger beroep werd niet aangetekend, omdat er al een soortgelijke zaak van twee vrouwen bij de Hoge Raad diende, maar de Vlaardingers ijverden ook op eigen kracht door, nu met hun brievenactie. Stello: 'Zolang er geen deugdelijke relatiewetgeving bestaat, is het huwelijk het beste samenlevingscontract'.