Fregatten mogelijk voor controle-taak naar kust Bahrein

DEN HAAG, 30 aug. De twee Nederlandse fregatten kunnen opdracht krijgen door te varen naar de Golf om voor de kust van Bahrein vrachtschepen aan te houden voor controle in het kader van het VN-embargo.

Het internationale overleg en de resolutie van de Veiligheidsraad over het gebruik van minimaal geweld hebben ertoe geleid dat op het ministerie van defensie niet langer uitsluitend wordt gesproken over een taak ten oosten van de Straat van Hormuz. Ook opereren diep in de Golf ten zuiden van de zevenentwintigste breedtegraad behoort tot de opties waarover het kabinet morgen beslist. Alles hangt af van de samenstelling van een multinationale eenheid, de bescherming van de fregatten en overeenstemming over militaire gedragsregels. Morgen wordt daar opnieuw overleg gevoerd in het kader van de Westeuropese Unie (WEU) in Parijs. Daar wordt ook gesproken over logistieke steun en havenfaciliteiten die in Bahrein en Oman voorhanden zijn. Zijn die voldoende dan is het onwaarschijnlijk dat het bevoorradingsschip Zuiderkruis, met 200 opvarenden, wordt gestuurd, al is ook die mogelijkheid nog niet geheel van tafel. Een moeilijkheid is dat het bevoorradingsschip wordt gerepareerd en niet voor half oktober in de Golf zou kunnen zijn. Ook is het de vraag of Nederland op dit moment een politieke beslissing nog een derde marineschip naar het Golf-gebied te sturen opportuun acht.

Vannacht passeren de twee Nederlandse fregatten het Suez-kanaal. Na een tocht door de Rode Zee en de Arabische Zee moet dit weekeinde duidelijkheid bestaan over de opdracht aan de Koninklijke Marine. 'Natuurlijk kunnen ze nog wat tegenwind krijgen, maar de commandanten dienen langzamerhand te weten waar de regering de Nederlandse eenheid wil inzetten', zegt een van de medewerkers die bij het overleg is betrokken.

Krachtiger

Mochten afspraken in WEU-verband onvoldoende zijn, dan probeert Nederland met een aantal landen tot een akkoord te komen over de operatie en de beveiliging van de schepen. Buitenlandse zaken en Defensie willen dat zoveel mogelijk Europese landen gezamenlijk optreden. 34 Schepen van WEU-landen zijn op weg naar het Golf-gebied of reeds daar aanwezig. Bundeling van militaire middelen maakt ook het politieke signaal krachtiger, menen de ministers Van den Broek en Ter Beek. Een aantal landen van de Westeuropese Unie verzet zich tegen een commandocentrum in Parijs voor de operatie in de Golf. De Belgische minister van defensie Coeme liet maandagavond weten dat aan zo'n centrum wordt gedacht. In werkelijkheid spraken de chefs van staven maandag in Parijs alleen over vestiging van een klein coordinatie-kantoor. Zowel over een Westeuropees operationeel commando in het Golf-gebied als over afstemming met de Amerikanen worden nog steeds ideeen uitgewisseld.

Over Frankrijks bedoelingen in het Golf-gebied bestaat bij sommige WEU-landen nog onduidelijkheid. Met name de Britten, die een grote eenheid naar de Golf hebben gestuurd, weigeren een te dominante Franse rol bij het gezamenlijke Westeuropese optreden. Mogelijk rouleert straks het operationale commando onder de verschillende Westeuropese commandanten ter plekke en worden in Parijs inlichtingen verwerkt. Uiteindelijk houden de individuele landen het volledige commando over hun eigen schepen en zullen in WEU-verband alleen de coordinatie en logistiek worden geregeld. 'We varen niet onder een vlag, maar houden misschien een parapluie op', aldus een van de onderhandelaars. Gezocht wordt naar regels over het gebruik van geweld bij het afdwingen van het handelsembargo. Ook zijn er nog geen sluitende afspraken over het te hulp komen van marineschepen die door vijandelijkheden worden getroffen. Hoewel de marine-experts de controle op het handelsembargo geen geringe taak achten, zijn zij wat minder beducht voor Iraakse tegenmaatregelen.

De Iraakse marine vormt geen groot gevaar. Wel beschikt de Iraakse luchtmacht over Mirages met trefzekere Exocet-raketten en over Sovjet-Sams en Frans-Duitse Roland-raketten. Maar in tegenstelling tot 1987, toen het Amerikaanse oorlogsschip USS Stark in de Golf werd getroffen door een in Frankrijk vervaardigde Exocet, kunnen met hulp van Amerikaanse en Saoedische AWACS-radarvliegtuigen Iraakse aanvalsvliegtuigen eerder worden geidentificeerd en tegenaanvallen vooral met elektronische middelen worden voorbereid. Ook beschikken de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk nu over vliegtuigen en raketten in de regio die met meer vernietigingskracht een tegenaanval tegen de Iraakse luchtmacht en vliegvelden kunnen inzetten.