Dit is geen mooie, dit is vooral een 'vuile' zomer

Bestaat er zoiets als een milieufront? Daar lijkt het soms op. Vooral nu zowel het officiele regeringsadviesorgaan, de Centrale raad voor de milieuhygiene (CRMH) als de milieu- en natuurbeweging, consumentenorganisaties, kerken en de vakbeweging allemaal tegelijk te hoop lopen tegen het milieubeleid van het kabinet-Lubbers.

Zij vinden dat dat beleid niet of onvoldoende deugdelijk is. Het aangescherpte Nationaal milieubeleidsplan (NMP) dat minister Alders vlak voor de parlementaire zomervakantie in de vorm van een NMP-Plus heeft gepresenteerd, zou niet scherp genoeg van opzet zijn. Zo stellen voorzitter De Graeff (VNO/NCW) en de leden van de NMP-commissie van de CRMH in een nog niet definitief vastgesteld advies, dat Alders' beleid uit milieu-optiek lang niet ver genoeg gaat. Verder vinden zij dat de door de regering gestelde milieudoelstelling op lange termijn het bereiken van een duurzame ontwikkeling binnen een generatie van twintig jaar in strijd is met het tevens door de regering gehanteerde uitgangspunt dat de collectieve lastendruk niet mag stijgen. Vooral wat betreft de CO-bestrijding gaan Alders' doelstellingen niet vergenoeg, aldus de commissie. Ook toont hij zich te weinig ambitieus in de strijd tegen de verdroging van het land. De gezamenlijke ontevreden Nederlandse milieubeweging die vanmorgen een persconferentie hield 'om het milieutij nog ten goede te keren', voegt daaraan toe, dat 'wij met het NMP-Plus als kompas een vuile en onleefbare toekomst tegemoet gaan'. Het milieuprogramma van het kabinet is echter, in tegenstelling tot wat het milieufront de volksvertegenwoordiging wil doen geloven, goed doortimmerd en wel degelijk eerzuchtig van opzet. Het gaat niet zozeer om de vraag wat gedaan moet worden, maar wat op korte termijn al gedaan kan worden; het gaat vooral om de uitvoering van het beleid. Een nog groter vraagstuk is hoe de regering, minister Alders voorop, de bevolking zover kan krijgen dat zij zich de milieudoelstellingen eigen maakt en daarin zelfs gaat geloven.

De vraag is of men het dan moet hebben van tv-spotjes, brochures, advertenties en van een door minister Alders georganiseerde 'draag-golf-campagne'. Milieubewustwording is een moeilijk proces, zeker als dat van hogerhand wordt geleid. Een niet-paternalistische aanpak die tot een soort 'milieu-spiritualiteit' leidt, zou beter zijn. Dan zou bijvoorbeeld het besef kunnen doordringen dat deze zomer geen mooie, maar vooral een 'vuile' zomer is. Aan zoiets heeft de overheid noch de milieubeweging tot nu toe veel aandacht besteed. Nu de Tweede Kamer vandaag, op 5, 27 september en op 30 oktober hoorzittingen houdt over het NMP-Plus en onderdelen daarvan en daarover binnenkort zelf in beraad gaat, zou zij wat minder naar de zo oprechte milieu-verontrusten moeten luisteren. Zij zou meer geld beschikbaar moeten stellen voor opvoeding tot gedragsverandering. Frits Hesselink van de Stichting Milieu-educatie, misschien de enige milieu-instelling die niet zo zuur doet over het NMP-Plus, heeft over dit probleem een interessante mening. Het aantal boodschappen van de overheid over het milieu, dat de burger direct of via de media over zich heen krijgt, neemt hand over hand toe. Dit leidt naar zijn mening tot een steeds grotere verwarring en apathie. Hesselink verwacht weinig van overheidsvoorlichting en Haagse pr-activiteiten. Hij houdt het liever op een aanpak waarin werkgevers, werknemers, consumenten met hun uiteenlopende voorkeuren en hobby's zelf ontdekken hoe belangrijk het is zuinig en voorzichtig met energie en grondstoffen om te gaan.

Het is niet de bedoeling het bedrijfsleven met allerlei maatregelen schrik aan te jagen; het gaat erom het juist bij de milieuproblemen te betrekken. Een van Hesselinks ideeen: de oprichting van een nationaal natuur- en milieupark, waar men op een prettige manier kan achterhalen wat het kabinet toch in vredesnaam met het begrip 'duurzaamheid' bedoelt. Een uitstekend idee. Uitvoeren!