PLO aan vooravond van ongekende machtsstrijd

AMSTERDAM, 29 aug. De PLO staat aan de vooravond van een machtsstrijd zonder weerga, waarbij vorige conflicten kinderspelletjes waren en opnieuw het leiderschap van Yasser Arafat in het geding is. Dat zeggen goed ingevoerde Arabische waarnemers. Zij signaleren nu al zeer ernstige onderhuidse spanningen, niet alleen tussen de verschillende groepen die gezamenlijk de PLO vormen, maar ook binnen Al-Fatah zelf, verreweg de grootste, rijkste en belangrijkste PLO-groepering. Het DFLP, het Democratisch Front voor de Bevrijding van Palestina, staat op springen. Vorige week leidden de spanningen tussen de pro- en de anti-Arafat-vleugel binnen het DFLP tot een schietpartij in het Palestijnse hoofdkwartier in Tunis, waarbij een dode en een zwaargewonde vielen. Aanleiding tot de problemen is de Saddam Hussein-koers, waarop Yasser Arafat het Palestijnse volk en de PLO heeft gezet. Binnen het Uitvoerend Comite, het hoogste orgaan van de PLO, heeft Abu Iyad, de Nummer-Twee-na-Arafat, ernstige bedenkingen tegen de omhelzing van Saddams belangen door de PLO. Ook Khaled al-Hassan, die vroeger binnen Al-Fatah zeer belangrijk was maar de laatste jaren aan invloed heeft ingeboet, zou bijzonder ongelukkig zijn over de Iraakse inval in Koeweit. Bij hem tellen ook persoonlijke overwegingen: hij heeft in Koeweit gewoond en gewerkt en is een van de zeer weinige Palestijnen die een Koeweits paspoort hebben gekregen.

Zij staan bepaald niet alleen in hun afwijzing van de door Arafat gevoerde politiek, die gezien het karakter van Saddam Hussein en de aard van zijn regime de PLO erg weinig mogelijkheden biedt om aan de Iraakse berenomhelzing te ontsnappen. Maar zij kunnen zich niet nog niet openlijk tegen Arafat uitspreken. Daarvoor is de populariteit van Saddam Hussein onder de Palestijnen in Jordanie, Libanon, Palestina en Syrie nog te groot, een populariteit die afstraalt op zijn naaste bondgenoten.

Koning Hussein van Jordanie werd nimmer in zijn leven door zijn onderdanen zo bemind. En Arafat kan thans het imago van zich afschudden dat hij te lang had: een man die tot te veel concessies aan Amerika bereid was om een te gering doel te bereiken.

De heersers van Saoedi-Arabie en de andere Golfstaten hebben al tal van seintjes gekregen van hoge en iets minder hooggeplaatste Palestijnen dat zij het totaal oneens zijn met de gevolgde PLO-koers. Anderen durven nog niet zo ver te gaan, zoals Hani el-Hassan, die de afgelopen jaren zijn broer Khaled steeds meer heeft overschaduwd. Hani legde een paar dagen geleden, na een lang onderhoud met koning Fahd van Saoedi-Arabie, uit dat de PLO nog steeds 'een Arabische oplossing' nastreeft voor de crisis in de Golf en binnen dat kader aan een bemiddelingsplan werkt. Hij beloofde tevens dat als die bemiddelingspoging geen succes heeft, de PLO 'ten gunste van de volkeren van de Golf partij zal kiezen'.

Het is de vraag of de Saoedische koning erg tevreden was over die laatste toezegging. Vanaf het begin van de Golf-crisis hebben Arafat en koning Hussein van Jordanie met enkele minimale reserves zich volledig achter Saddam geschaard. Dit alles opdat de Arabische massa's, waaronder de volkeren van de Golf, meer van de olierijkdommen zouden genieten. Het is een oud thema in de Arabische wereld, waar men onder het kleed van eenheid vol jaloezie en afgunst en vooral van minachting elkander op de wangen kust. Het dilemma dat de leus van de Arabische eenheid stelt, wordt in tijden van crisis, zoals de huidige, eenvoudig opgelost: dan blijken de anderen opeens geen Arabieren te zijn. Dat zeggen de Koeweiti's thans over de Irakezen en over de Palestijnen. Maar het kan ook omgekeerd; in 1982 waren hoge PLO-functionarissen zo verbitterd over het gebrek aan hulp van hun Arabische broeders tegen de Israelische invasie in Libanon dat zij onder vier ogen zeiden: 'Wij zijn geen Arabieren.'

Dat laatste is al lang geleden, want nu voelen de Palestijnen zich wederom helemaal Arabieren. In dat kader heeft Arafat, samen met koning Hussein, een plan opgesteld om de crisis in de Golf te bezweren en het Midden-Oosten tot een oase van vrede en rust om te toveren. Krachtens dit plan wordt een Arabische vredesmacht naar Koeweit gestuurd. De aanwezigheid van die Arabische krijgsmacht staat er garant voor dat de Westerse troepen meteen uit Saoedi-Arabie kunnen worden weggehaald en dat Koeweit het politieke systeem krijgt dat de inwoners het liefste willen. De Arabische vredesmacht blijft zes maanden ter plaatse, voldoende tijd om verkiezingen in het gebied te organiseren. Het nieuwe politieke systeem van Koeweit zou, als de inwoners werkelijk de emir terug willen hebben, moeten lijken op dat van het prinsdom Monte Carlo een constitutionele monarchie die krachtens een gesloten verdrag innig met Frankrijk is verbonden en aan dat land een aantal fundamentele soevereine rechten heeft afgestaan. Het nieuwe Koeweit zou volgens de ideeen van Arafat en koning Hussein een semi-autonome status hebben binnen Iraaks staatsverband. Zo levert de inlijving van deze '19de Iraakse provincie' geen problemen op.

Het plan is volstrekt onaanvaardbaar voor alle andere Arabieren in de Golf, alsmede voor Egypte en Syrie. Daarom heeft Yasser Abed-Rabbo, die namens het DFLP in het Uitvoerend Comite van de PLO in Tunis zit, gezegd dat de PLO en Jordanie altijd open staan voor andere suggesties voor 'een regeling die is gebaseerd op het plan van president Saddam Hussein om alle problemen tegelijkertijd te regelen'. Hij doelde op het voorstel van Saddam om over Koeweit te praten, nadat Israel zich uit de bezette gebieden en Syrie zich uit Libanon heeft teruggetrokken.

Dezelfde Yasser Abed-Rabbo, die namens de PLO de inmiddels afgebroken dialoog met de Verenigde Staten voerde, is al sinds enige tijd in een strijd op leven en dood verwikkeld met zijn baas, Nayef Hawatmeh, die in de Syrische hoofdstad Damascus zetelt. Voorheen kreeg Abed-Rabbo van zijn baas te horen dat hij met zijn dialoog de PLO aan de Amerikanen verkocht. Maar sinds de Iraakse inval in Koeweit zijn de rollen omgekeerd, zoals blijkt uit de communiques waarmee de partijen elkaar sinds drie weken bestoken. Zo beschuldigde Abed-Rabbo vorige week Hawatmeh ervan een boodschap te hebben gestuurd aan de emir van Koeweit met een aanbod van steun 'om het Koeweitse grondgebied te bevrijden van de Iraakse binnenvallers'.

Daarmee had Hawatmeh zich, volgens Abed-Rabbo, 'in het kamp van de Amerikanen geplaatst'. Geen geld De interne problemen waarmee Arafats PLO thans kampt, zullen in de nabije toekomst nog veel erger worden. Want de Palestijnen in de door Israel bezette gebieden kregen voor de Iraakse inval per jaar zo'n 125 miljoen dollar uit de Golfstaten. Naar verwachting zullen zeker 20.000 Palestijnen binnenkort naar huis terugkeren en de toch al gigantische werkloosheid nog verder aanzwengelen.

Saddam Hussein, die de afgelopen maanden rijkelijk met de geldbuidel zwaaide om niet alleen de pro-, maar ook de anti-Arafat-Palestijnen naar Bagdad te krijgen, zit thans op zwart zaad. Van Saddam kan de PLO in de nabije toekomst dus geen geld verwachten. Ook niet van de heersers in de Golf, die openlijk blijk geven van hun wantrouwen tegen alles wat Palestijns is. In de bezette gebieden staan de Palestijnen nog als een man achter Saddam en dus achter Arafats politiek. Wie het waagt bedenkingen te uiten, wordt met geweld het zwijgen opgelegd zoals een aantal malen is gebeurd met imams (religieuze voorgangers) in de moskeeen.

Alle propaganda dat de olie-Arabieren zich nooit iets gelegen lieten liggen aan het lot der Palestijnen kan niet verhullen dat met name Koeweit altijd zeer veel geld heeft overgemaakt aan de Palestijnen in de bezette gebieden. Het belangrijkste Palestijnse ziekenhuis in Oost-Jerzualem, al-Mokassad, deelde een paar dagen geleden (zonder verder commentaar) mee dat 75 procent van zijn budget door Koeweit werd gefourneerd, ongeveer 15 miljoen dollar. 'Wij kunnen alleen nog de komende twee maanden rondkomen.'

Het Abu Diss-college, even buiten Jeruzalem, was geheel van Koeweit afhankelijk. Vorige week besloten de bestuurders om de bankaandelen die de school heeft te verkopen teneinde de komende herfst de leraren te kunnen betalen. Het is geen toeval dat de intifadah, de Palestijnse volksopstand, op een haar na is ingeslapen. De animo om de intifadah door te zetten is, op aandrang van de PLO, vervangen door toejuichingen aan het adres van Saddam. Over slechts enkele weken zullen de Palestijnen de gevolgen daarvan merken. Hun zondebok zal daarvan zijn velen nu al in stilte overtuigd geen ander zijn dan Yasser Arafat, voorzitter van de PLO, president van Palestina.