Verwarring bij Zwitsers witwasproces

GENEVE, 28 aug. Na twee jaar voorarrest is in een speciaal verbouwde turnzaal in het Zwitserse kanton Tessino gisteren de rechtszaak begonnen tegen de gebroeders Jean en Barkev Magharian, geldwisselaars van Libanees-Armeense komaf. Zij worden ervan beschuldigd twee miljard franc, grotendeels drugsgeld, te hebben witgewassen.

Deze witwas-affaire, in Zwitserland beter bekend als de Libanon-connectie, heeft eind 1988 al geleid tot het aftreden van de minister van justitie, Elizabeth Kopp, en procureur-generaal Rudolf Gerber. Het is het grootste schandaal dat Zwitserland ooit gekend heeft. Zowel de regels voor bankcontrole van clienten, als het wetboek van stafrecht zijn ingrijpend gewijzigd na het bekendworden van de opzienbarende details van de transacties van de twee.

De vragen worden gesteld in het Italiaans, de antwoorden in het Arabisch. De verdachten bezigen Armeens en Turks, en dan weer Arabische woorden. Deze klassieke babylonische spraakverwarring heeft de eerste dag de verdediging in de kaart gespeeld. De broers worden ervan verdacht tussen eind 1985 en de zomer van 1988 een geldstroom van gemiddeld 1 miljoen franc per dag naar Zurich te hebben geleid, waar het geld, deels afkomstig uit de drugshandel, werd witgewassen. Het geldwisselkantoortje van de beide broers was opgezet in een klein apartement in Zurich, waar ze vrijuit en zonder verbijfsvergunning vijf jaar lang hebben kunnen opereren, onder de ogen van politie en justitie.

Twee bij de drugshandel betrokken Turken leverden 500 miljoen aan goud en baargeld, dat in Zurich werd omgezet in Zwitserse francs. Met bussen werden de drugsopbrengsten uit Turkije naar Sofia gesmokkeld, en vandaaruit per koerier verder naar Zurich getransporteerd, direct in de kluizen van de twee grootste Zwitserse banken.

Een tweede geldstroom kwam op gang vanuit de VS, waar ten minste 32 miljoen dollar aan cocaine-opbrengsten van het Colombiaanse Medellin-kartel hun weg vonden naar Zurich voor 'recycling' in Zwitserse banken.

Witwassen van geld is vooralsnog niet strafbaar in Zwitserland. De broers staan dan ook niet terecht wegens overtreding van de bankwetten, maar op verdenking van misdrijven ingevolge de wet op verdovende middelen. De officier van justitie moet aantonen dat de twee broers willens en wetens drugsgeld hebben schoongewassen, en dat is geen eenvoudige opgave.

De verdediging die zestig getuigen laat opdraven, boekte gisteren het eerste succes. Gebruikmakend van de spraakverwarring kregen John en Tuto Rossi, twee gehaaide advocaten, van de rechter gedaan twintig volumes met belastende verklaringen in het Italiaans nietig te verklaren, aangezien de Magharians zich niet van de inhoud hadden kunnen vergewissen.

Jean en Barkev ontkennen dat zij op de hoogte zijn geweest van de afkomst van het geld. Geen van hun zakelijke partners in Turkije hebben een strafblad, evenmin als zijzelf.

Ze zijn bij toeval met jusititie in aanraking gekomen, nadat een jonge procureur, Dick Marty, in een agenda van een veroordeelde drugshandelaar op de naam Magharian stuitte. Het proces gaat zeker vijf maanden duren. De straf die beide broers kunnen krijgen overtreft naar verwachting verre de tijd van hun voorarrest.