Stasi's zouden op wraak uit zijn

BERLIJN, 27 aug. Volgens een Westduits weekblad bereiden oud-medewerkers van de Stasi, de begin dit jaar ontbonden staatsveiligheidsdienst van de DDR, 'wraakacties' tegen de Duitse eenheid voor. Het weekblad Der Spiegel schrijft vandaag dat in de stad Jena voormalige agenten zich hebben verenigd in een organisatie die 'Die Patrioten' heet, en dat het daar en in andere steden al is gekomen tot mysterieuze inbraken, diefstal van belastend archiefmateriaal van de Stasi en geensceneerde auto-ongelukken.

Eerdere berichten over wraakacties van gefrustreerde Stasimedewerkers, tot voor kort een elite van het land, hebben tot nu toe weinig aandacht getrokken.

Binnen de resten van de DDR-politiek gaat evenwel het touwtrekken door over de toekomstige opslag van de Stasi-archieven, waarin gegevens over miljoenen DDR-burgers liggen opgeslagen en waaruit zou kunnen blijken welke, eventueel ook prominente, DDR-burgers als tipgever voor de Stasi zijn opgetreden. De Volkskammer, het Oostduitse parlement, heeft vorige week besloten dat deze Stasi-archieven moeten worden overgedragen aan de toekomstige deelstaten op DDR-gebied. Ook zouden beheerders moeten worden benoemd, omdat deze stukken weliswaar niet door iedereen te raadplegen zullen zijn, maar wel onder voorwaarden kunnen worden ingezien, bijvoorbeeld bij juridische procedures voor schadevergoeding of eerherstel.

Dit besluit van de Volkskammer is zeer tegen de zin van DDR-minister van binnenlandse zaken Peter Diestel, die thans de Stasi-erfenis beheert en die voor de toetreding van de DDR tot de Bondsrepubliek, op 3 oktober, de Stasi-archieven wil laten vernietigen. Diestel heeft op 10 juli een instructie doen uitgaan dat deze stukken niet meer mogen worden geraadpleegd. Een commissie van de Volkskammer, die tot taak had na te gaan in hoeverre leden van dit parlement wellicht bij het werk van de Stasi waren betrokken, kon door deze stap van Diestel niet aan definitieve bewijzen komen voor haar vermoeden dat 68 volksafgevaardigden actieve tipgevers zijn geweest. De kritiek op Diestel komt inmiddels niet alleen vanuit de DDR zelf, maar vooral ook uit West-Berlijn. De Westberlijnse senator voor binnenlandse zaken, Erich Patzold, onder wie de politie ressorteert, heeft Diestel er vorige week van beschuldigd op zijn ministerie, en ook bij de centrale recherche in Oost-Berlijn, de ZKA, een groot aantal hogere Stasi-officieren onderdak te bieden. Zij hebben er, meent Patzold, voor gezorgd dat de stukken over de aanslag op de discotheek La Belle in 1986, waarbij twee Amerikaanse militairen om het leven kwamen en tweehonderd mensen gewond raakten, niet ter beschikking zijn gesteld van de Westberlijnse recherche.

Eerder had Oost-Berlijn gemeld dat bij deze, vermoedelijk door Arabische terroristen uitgevoerde, bomaanslag de Stasi vooraf ingelicht was. De helft van het dossier bleek evenwel al uit de Stasi-archieven verdwenen, de andere helft hebben Westberlijnse rechercheurs wel gezien, maar niet mogen inkijken. Een Libanese verdachte moest daarna, wegens gebrek aan bewijs, uit voorlopige hechtenis worden ontslagen.

Nog groter ergernis bestaat er over de persoon van Dirk Bachmann, het hoofd van de Volkspolizei in Oost-Berlijn. Bachmann, die deze functie ook al voor de omwenteling van vorig jaar bekleedde, in Moskou zijn opleiding heeft ontvangen en als politiechef van de DDR-hoofdstad veel met de Stasi van doen moet hebben gehad, wordt door Diestel blijkens een recent televisievraaggesprek gesteund in zijn conflict met Patzold. Deze Westberlijnse senator eist het ontslag van Bachmann, nadat deze zich eerder deze maand over hem had beklaagd in een brief aan de politiechef van West-Berlijn.

Inzet van deze strijd is de Westberlijnse eis dat het verleden van Bachmann, en trouwens van alle Oostberlijnse politieagenten, wordt nagegeaan voordat zij in de toekomst dienst mogen doen in de te vormen gezamenlijke Berlijnse politiemacht. Bachmann, gesteund door zijn mannen, noemt zo'n procedure onaanvaardbaar en protesteert tegen een eventueel 'beroepsverbod' voor degenen die onder het DDR-regime hogere functies hebben bekleed.