Ruim drie miljard plastic koffiebekertjes dragen bij aanmilieuverval

ROTTERDAM, 27 aug. Het komt zeer regelmatig voor: men tapt een plastic beker koffie of thee aan de automaat en laat het bekertje in een identieke, lege beker zakken. De dubbele wand moet isolatie bieden tegen de hete vloeistof, want men is bang zijn vingers te branden.

Als alle Nederlanders die dagelijks uit de automaat drinken op kantoren, in fabrieken, bij particuliere bedrijven en overheidsinstellingen, in ziekenhuizen, op universiteit en school dat 'dubbelsysteem' toepasten, zou het aantal plastic wegwerpbekers zeker de vijf miljard per jaar overschrijden. Nu zijn het er volgens een grove, maar tegelijk voorzichtige schatting zo'n 3,2 miljard: ruim twee miljard automaatbekers en een miljard zogeheten drinkbekers, die een huishoudelijke toepassing vinden, bijvoorbeeld voor de limonade op kinderfeestjes. Daar komen nog een slordige zestig miljoen kartonnen bekers met plastic coating aan de binnenkant bovenop.

Dus meer dan drie miljard stuks, per jaar, wat neerkomt op een vracht van 15.000 ton, die, samen met al die nodeloze plastic tasjes, aan de toch al onrustbarend groeiende berg afval wordt toegevoegd. De bekers komen vroeg of laat op de stort of bij de vuilverbranding terecht en dragen langs die weg (maar ook tijdens het produktieproces) bij aan het milieubederf. In metaalbedrijven doen ze, na gebruik en in prullenbak of container geworpen, afbreuk aan de kwaliteit van het schroot en op kantoren vermengen ze zich met oud papier tot een moeilijk te recyclen cocktail.

Wat in de volksmond plastic heet, is in het geval van de automaat- en drinkbekers polystyreen, een stof die uiterst moeizaam afbreekt in het milieu en dus vooral een probleem vormt als de vederlichte voorwerpen bij het zwerfvuil belanden. Nederland telt verscheidene producenten van dit artikel, Tedeco in Deventer, Veriplast te Apeldoorn, KIB in Waalwijk en Automatic Holland bij Gorcum, terwijl importeur-groothandel Zodiac in Zeist een deel van de Nederlandse markt met een Franse produkt bedient. De firma Sweetheart in Groenlo is fabrikant van de 60 miljoen kartonnen bekers, die van binnen een glimmend laagje polyetheen (zes procent van het totaalgewicht) bevatten om te voorkomen dat koffie, thee of chocola naar buiten lekken. De grondstof, karton met dat laagje, wordt betrokken uit Finland.

Vooral het produkt van polystyreen, uitgevoerd in onder meer wit en beige, beleefde in Nederland en ook elders een ongekende opmars, die rechtstreeks verband houdt met het wijdverbreide gebruik van de koffie-automaat. Dit apparaat wist tot in alle uithoeken van het bedrijfsleven en ambtelijke regionen door te dringen ter vervanging van het 'koffiemeisje', dat doorgaans om financiele redenen moest wijken: arbeid werd duurder dan techniek. Maar die ontwikkeling werd niet overal op prijs gesteld en inmiddels is sprake van een groeiende aversie tegen de plastic beker, die het ongunstige voorvoegsel 'wegwerp' met zoveel andere artikelen deelt.

Bij de milieutelefoon van de Vereniging Milieudefensie in Amsterdam komt het onbehagen vrijwel dagelijks tot uiting. Veel mensen informeren hoe schadelijk die bekertjes zijn voor de leefomgeving en wat ze er zelf aan kunnen doen. Het gangbare antwoord luidt dat een afwasbare koffiebeker, aardewerk kopje, mok of kroes veruit de voorkeur verdient. 'Dit bespaart een aanzienlijke hoeveelheid grondstoffen, afval en energie', zegt Henk Venner van de sectie afval.

Wat dat laatste betreft baseert hij zich vooral op een rapport van TNO, waar men reeds jaren geleden uitrekende dat het gebruik van kop en schotel, ondanks het dagelijks afwassen, zo'n 25 procent energetisch voordeel oplevert vergeleken met wegwerpplastic. Daarbij is de hele cyclus die zo'n voorwerp doormaakt, dus vanaf fabricage tot vuilnishoop of verbranding, in beschouwing genomen.

Henk Venner: 'Wat ons natuurlijk ook dwars zit, is die grenzeloze verspilling van grondstoffen en daar komt bij dat polystyreen zowel bij de produktie als bij de verbranding kooldioxide oplevert en dus meewerkt aan het gevreesde broeikaseffect.'

Blijkens schriftelijke informatie van Milieudefensie wordt bij de produktie bovendien het kankerverwekkende benzeen toegepast, terwijl in die beginfase ook een kleine hoeveelheid relatief schadelijk afval vrijkomt.

Een ook voor de milieubeweging dankbaar alternatief is het gebruik van de koffie-automaat waar men zelf een afwasbare, niet-plastic beker onder zet. De gemeente Den Bosch bijvoorbeeld heeft voor die oplossing gekozen. Kop en schotel kunnen ook om representatieve redenen de voorkeur genieten: men zet bezoekers liever geen plastic bekertje voor en het drinkt ook niet lekker. In verreweg de meeste gevallen echter blijven bedrijfskoffie en -thee nauw gelieerd aan wegwerp. Menigeen die de milieutelefoon raadpleegt, wil op het kantoor of de werkvloer het porselein terug, maar krijgt volgens Venner van de bedrijfsleiding te horen: 'Het is te duur en wie wast er af?' Experimenten met de herinvoering van het klassieke materiaal, onder meer in het Rotterdamse ziekenhuis Dijkzicht, mislukten door dezelfde bezwaren.

Inmiddels wordt ook voorzichtig beproefd of kartonnen bekers met hunbinnenlaagje van polyetheen bij het oud papier kunnen. Oud papier mag maximaal een procent van die stof bevatten, wil men er nog karton en dergelijke van kunnen maken. Directeur J. H. van Alfen van producent Sweetheart kan dat bevestigen. Volgens hem bestaan er ook technische mogelijkheden om karton en polyetheen later van elkaar te scheiden, waarna beide elementen zich voor hergebruik lenen. Maar dan mag het materiaal niet te vuil zijn. De praktijk leert dat er vaak nog aanzienlijke resten koffie en suiker aan kleven.

Bekers van polystyreen komen in beginsel ook voor recycling in aanmerking. Deze kunststof laat zich verwerken tot bijvoorbeeld bermpalen, laadvloeren van vrachtauto's, complete stallen en beschoeiingen. De vraag is alleen hoe men al die miljoenen, zo niet miljarden gebruikte bekertjes terugkrijgt.

Zodiac in Zeist, importeur en distribuant van het Franse produkt , heeft kort geleden voor dat doel de recup-bak geintroduceerd. Het is een kleine container met ronde gaten als verzamelplaats voor circa 500 afvalbekers, die zich vanzelf opstapelen, terwijl resten koffie of thee worden opgevangen. De inhoud gaat weer in retourdozen, die worden opgehaald. Zodiac brengt ze vervolgens naar een bedrijf in Tilburg, waar men de bekers verwerkt tot tuinbouwartikelen, in het bijzonder bloempotten.

M. Gillissen, marketing-manager bij Zodiac: 'We verzetten ons tegen de opvatting dat polystyreen zo schadelijk is voor het milieu, maar kunststof ligt nu eenmaal gevoelig op de markt en daarom willen ook wij eraan meewerken de afvalstroom in te dammen. Vandaar die recup-bak, die iedereen bij ons of via de grossier kan bestellen. De vraag is groot. Diverse bedrijven gebruiken hem al en met succes, al vergt het natuurlijk enige organisatie'.