Regering Zuid-Afrika kondigt noodtoestand af rond Johannesburg

JOHANNESBURG, 25 aug. De Zuidafrikaanse regering heeft gisteren een beperkte noodtoestand afgekondigd in zeventien districten rondom Johannesburg. De maatregel is genomen in reactie op de golf van geweld tussen zwarten onderling, die in de afgelopen twaalf dagen aan meer dan vijfhonderd mensen het leven heeft gekost. De minister van wet en orde, Adriaan Vlok, heeft een strikt verbod ingesteld op het dragen van wapens en hij kondigde aan dat de sterkte van de politie in de betrokken gebieden 'drastisch wordt vergroot' om een einde te maken aan het geweld.

Het ANC heeft scherpe kritiek laten horen op de maatregelen, waarnaar president F. W. de Klerk in een gisteravond gehouden toespraak al verwees. Het ANC vindt de maatregelen niet goed overwogen en ineffectief. ANC-leider Nelson Mandela, die gisteren opnieuw een ontmoeting had met De Klerk, zei dat ze volledig 'nutteloos' zouden zijn en protesteerde tegen het feit dat zijn organisatie niet was geraadpleegd voordat de maatregel werd uitgevaardigd. 'Het ANC maakt bezwaar tegen het principe dat de regering eenzijdig handelt in de kwestie van het oplossen van het geweld', aldus Mandela.

Ondanks deze kritische reactie waren er geen aanwijzingen voor een tegenmaatregel van de kant van het ANC die het delicate onderhandelingsproces met de regering in gevaar zou kunnen brengen. Dit wijst erop dat beide partijen vast van plan zijn het onderhandelingsproces op gang te houden.

De afkondiging van de noodstand kwam op het moment dat de golf van geweld wat leek af te nemen. Voor de tweede achtereenvolgende dag was het betrekkelijk rustig in de zwarte woonwijken van Witwatersrand tot Johannesburg, afgezien van enkele sporadische botsingen tussen aanhangers van Zulu-leider Mangosuthu Buthelezi en het ANC. Bij een van de incidenten die zich gisteren voordeden, staken radicale jongeren een fabriek en enkele bijgebouwen in brand bij de wijk Kasgiso, ten westen van Johannesburg, die eerder het toneel was van zeer ernstige uitbarstingen van geweld.

Een regeringswoordvoerder, die op voorhand negatieve internationale reacties probeerde te voorkomen, legde er de nadruk op dat de nu door minister Vlok genomen maatregelen niet neerkomen op het opnieuw instellen van de noodtoestand, die drie jaar van kracht is geweest totdat deze op 8 juni werd opgeheven. Overigens laat nauwkeurige bestudering van de genomen maatregelen wel zien dat de nu opgelegde beperkingen vrijwel identiek zijn met die van de noodtoestand. Politieke protestbijeenkomsten, demonstraties en vergaderingen zijn weer verboden en de politie heeft het recht mensen voor dertig dagen zonder vorm van proces in hechtenis te houden. Aan de media worden echter geen beperkingen opgelegd.