Pos

Vroeg of laat, meestal laat, wordt u overvallen. Zegt de statistiek. En de (ochtend)krant. Meer en meer mensen hebben het pistool aan den lijve ondervonden, of zijn uitgeschud zonder schiettuig.

Iemand die ik kende werd in haar eigen deuropening opgewacht door een - laten we het maar rustig zo noemen, we zijn om met de Bonders te spreken in de wereld en van de wereld - junk. De junk had een mes. Het was menens. Geld. Ze trok haar beursje. Er zat een tientje in, maar ook een opgevouwen reclamebiljetje in de vorm van een veel te groot 1000-gulden biljet, later door de Staat verboden omdat het te veel leek. De dief, want dat was het, zag de opgevouwen bedrieglijke nabootsing en eiste hem op. Een korte theater-aarzeling was voldoende. Hij griste het eruit, zij rukte zich los, rende naar binnen en sloeg de deur dicht. Gered door de reclame. Nu is er bij mij op de hoek van de P. C. Hooftstraat (we spreken over Amsterdam) en de Stadhouderskade een klein maar convenient postkantoortje, onontbeerlijk voor de buurt, want de daar weer dichtstbijzijnde is in de Kerkstraat, en de andere postkantoren zijn hier nog verder vandaan. Dit postkantoortje, zo lees ik in de Volkskrant, is binnen een jaar driemaal overvallen. Na de laatste beroving weigerden de lokettisten hun werk te hervatten. Op de deur zit nu een briefje 'wegens bijzondere omstandigheden gesloten' en toen ik het las wist ik: dat gooien ze dicht. Daar is de PTT blij om. Want de PTT-Nieuwe Stijl gaat dichtgooien waar ze kunnen, elke aanleiding is meegenomen.

Officieel heet het: te weinig lokethandelingen. Ik moet dat echter tegenspreken. Ik ben er, zeg eens wat, tweemaal per week en telkenmale staan er twee rijtjes van zes man. De PTT zegt dat er overwegend toeristen komen om postzegels voor hun kaarten te kopen. Wat ze bedoelen is dat juist daar toeristen komen om postzegels te kopen omdat het naast het Stedelijk Museum, het Van Goghmuseum en het Rijksmuseum ligt, in het hartje van het toeristencentrum, tegenover een hotel. Wat er overigens voor minderwaardigs aan toeristen is, weet ik niet, maar het tekent de nieuwe leiding. Persoonlijk koop ik er helemaal nooit postzegels, want ik heb een frankeermachine. Maar ik haal geld, pakjes, aangetekende brieven en hardgekafte telefoonboeken (ik heb de nieuwe nummer 9 overigens nog niet - niet meer te krijgen, wel betaald...) De Achterpagina had in het stukje Postziekte, een uitdrukking van Hans Warren, een relaas over wat er allemaal mis kon gaan met de bezorging en dat de service er zeer op achteruit gaat.

Begin deze eeuw schreef de ene schrijver in Amsterdam aan de andere 'sochtends: kan ik vanavond bij je komen eten? Per kerende post kreeg hij een brief terug: ja, dat kan maar kom dan wat later, zo tegen negenen. Twee bezorgingen derhalve op een dag. In Frankrijk en Belgie wordt er minimaal tweemaal bezorgd, hier wordt het minder en later. Enige tijd geleden beschreef ik het afscheid van 'Johnny', de postbode van de buurt, die 'sochtends een halfuur later mocht komen omdat hij zo snel sorteerde en die vroeger dan iedereen 'bestelde'. Meer en meer krijg ik post van anderen in mijn bus, die ik trouwhartig zelf bezorg of weer in de brievenbus stop. (bij ons is het woord voor brievenbus van je eigen deur en die van de posterijen in de straat hetzelfde nu ik erover nadenk, in de meeste talen). Anderzijds moet ik zeggen dat er noch met mijn brieven noch met mijn giro ooit iets is misgegaan. Mensen die me zeiden: dat is in de post kwijtgeraakt, geloofde ik maar half. Bij mij is altijd alles aangekomen. Zojuist schreef ik een brief naar de Openbare Aanklager in een voorstadje van Seoul, u weet wel, in Zuid-Korea, en die kwam onbestelbaar terug, althans dat stond er in het Koreaans op. Dat hele lange end. Voor fl.1,10. Per luchtpost. Waar de Italiaanse PTT het eveneens laat afweten - verzend nooit iets aangetekend per expresse naar dat land want dat gaat maanden duren - en de Britse ook niet erg vlot is (vijf tot zeven dagen naar Nederland) kreeg ik binnen drie dagen alle post uit Canada, en niet eenmaal, maar driehonderdmaal. Ook de Franse PTT is punctueel. Ze doen af en toe een beetje ingewikkeld, bij het innen van een postcheque schrijven ze op welke datum je paspoort is uitgegeven en dat het stempel sigillum oppidi Amstelodamensis vermeldt, maar het werkt.

Bovendien hebben ze, heel handig en ter navolging, op elke rode brievenbus een aanwijzing met een pijl waar zich het dichtstbijzijnde postkantoor bevindt. Kan dat hier ook niet? Een flinke sticker is voldoende. De PTT maakt veel winst en dat zal nog meer worden als ze de helft van de postkantoren sluiten en slechts eenmaal per week bezorgen voor een gulden per brief, maar als ze daartoe overgaan, en geef toe, het heeft er alle schijn van, dan is er toch iets danig mis met onze ouwe Tante Pos. Dan moet ik alle stukjes inslikken waarin ik in de loop der jaren de loftrompet heb gestoken over de handige giro en de vlotte bestellingen. Maar we hadden het al kunnen vermoeden toen het woord Postbank opdoemde. Wat mijn 'eigen' postkantoor betreft, daar was, zo meldden de lokettisten, nog voor geen dubbeltje beveiligd, behalve dan het kogelvrij glas waar we doorheen moeten schreeuwen. Sluiten is natuurlijk goedkoper dan beveiligen, maar ook beveiligen hoeft niet duur te zijn. De kluis had al een tijdklok, met een Nederlandse mededeling dat het wel eens even kon duren voordat hij open kon. Als ze die mededeling nu ook in het Frans, Duits, Engels, Italiaans en Arabisch laten drukken, mogen we ervan uitgaan dat er natuurlijk Japanse overvallers opdoemen maar dan hebben ze toch hun best gedaan bij de Postbank. En wat overvalgeld betreft, is er geen geld te drukken, zoals dat veel te grote duizendje, dat er opgevouwen of in een bundeltje van twintig net echt uitziet - even?