'De verhouding wordt niet bevorderd als je vreemdelingenopjaagt'

ROTTERDAM, 25 aug. De tot dan toe zo rustige vakantie van het hoofd van de Rotterdamse vreemdelingendienst in een klein vissersplaatsje in Yorkshire werd eind juli in de war gestuurd door een telefoontje van een familielid: 'Arie je bent in het NOS-journaal!' Dominee H. Visser van de Rotterdamse Pauluskerk had zich in een vraaggesprek laten ontvallen dat hij incidenteel valse paspoorten voor uitgeprocedeerde asielzoekers financierde. En hoofdinspecteur Arie van der Ven, bekend om zijn progressieve beleid, zou daarvan volgens Visser op de hoogte zijn.

De dominee heeft zijn uitlatingen inmiddels ingetrokken in een 'excuus-brief' aan de Rotterdamse burgemeester, de hoofdofficier van justitie en de korpschef. Van der Ven heeft woensdag te horen gekregen dat hij per 1 september hoofd wordt van het bureau beleidsondersteuning van de Rotterdamse politie. Hij kwam na viereneenhalf jaar als chef van de vreemdelingendienst hoe dan ook in aanmerking voor overplaatsing, zo verzekeren Van der Ven en de korpsleiding, dit staat geheel los van de paspoort-kwestie.

De hoofdinspecteur wil hangende een onderzoek van de rijksrecherche niets over de affaire zelf zeggen, maar wel over zijn opvattingen en werkwijze van de afgelopen jaren. Die baarden herhaaldelijk opzien. Zo verzette hij zich in juni 1988 openlijk tegen het opsporen van illegaal in Nederland verblijvende Surinamers, die volgens de toenmalige staatssecretaris Korte-van Hemel naar hun land moesten worden teruggestuurd toen Suriname weer een democratisch gekozen regering had gekregen.

Het Rotterdamse korps geeft voorrang aan een goede relatie tussen politie en minderheden. 'Vervolgens komt natuurlijk toezicht en opsporing van vreemdelingen. De Rotterdamse bevolking bestaat voor zeventien procent uit allochtonen. De politie is vierentwintig uur per dag op straat, dus de relatie tussen die beide groepen moet goed zijn. En de verhouding wordt niet bevorderd, als je vreemdelingen opjaagt.'

In een brief van 10 augustus 1988 aan het ministerie van justitie liet ook de korpschef zelf weten dat in Rotterdam een goed contact met de etnische minderheden de hoogste prioriteit heeft. Dit zal dus na Van der Vens vertrek niet veranderen.

Agenten van de vreemdelingendienst bezoeken meermalen per maand scholen en vergaderingen. 'Ik ken dan ook de doelstellingen van organisaties die hulp verlenen aan illegale vreemdelingen. Ik praat met hen in algemene zin over hun activiteiten', zegt de hoofdinspecteur. 'We waarschuwen als zij iets onwettigs doen.' Van der Ven fungeert incidenteel ook als intermediair tussen bovengenoemde organisaties en Justitie. Onlangs wist hij te bewerkstelligen dat na afwijzing van een asielaanvraag het dossier van een Pools gezin opnieuw werd geopend omdat er nieuwe medische gegevens beschikbaar waren gekomen. Het gezin kreeg alsnog een verblijfsvergunning.

De grote aandacht voor een goede verstandhouding met minderheden laat onverlet dat de Rotterdamse vreemdelingendienst in het opsporen en uitzetten van illegale vreemdelingen niet onderdoet voor de politie in andere steden, vezekert Van der Ven. Alleen dit jaar heeft zijn dienst al 2500 mensen over de grens gezet. 'Een groepje illegalen mag niet het beeld bepalen van de allochtonen in Rotterdam.' Maar er zijn praktische bezwaren. De vreemdelingendienst telde in 1980, toen er in Rotterdam 30.000 buitenlanders woonden, 58 mensen. In 1990 is het personeelsbestand weliswaar gegroeid tot 60, maar er zijn nu 70.000 Rotterdamse buitenlanders. Op het verouderde hoofdbureau aan het Haagseveer is verblijf voor maximaal vijftig aangehouden vreemdelingen die op hun uitzetting wachten. Het is altijd vol.

De vreemdelingendienst ziet meer in speciale projecten om het probleem te bestrijden. Zo zijn er teams om vrouwenhandel en schijnhuwelijken op te sporen. In 1986 begon Van der Ven met het tegengaan van de misbruik van collectieve voorzieningen. De Rotterdamse sociale dienst overlegt nu wekelijks met de vreemdelingendienst om te voorkomen dat illegalen een uitkering krijgen. Sociale diensten elders zijn vanuit Den Haag al opgeroepen hetzelfde te doen. 'Op termijn levert dit meer op dan een inval om half zeven in de morgen in een pension.'