's Konings 'apenhuis' nu hoeder van het dualisme

DEN HAAG, 24 aug. Zou Nederland behalve aardgas en kaas ook de Senaat kunnen exporteren? Tijdens de wetenschappelijke bijeenkomsten deze week bij het 175-jarig jubileum van de Eerste Kamer begon het koopmansbloed van menig staatsrechtgeleerde te stromen. De parlementaire democratie is in Oost-Europa immers in opmars.

En ook het Europarlement mist nog een Eurosenaat. Zou men in het buitenland wel voldoende beseffen wat een Hogerhuis een kamer van heroverweging voor parlementaire besluitvorming kan betekenen? Je kunt er in Oost-Europa in elk geval de niet langer gewenste elite in opbergen, merkte een congresdeelnemer schertsend op in de wandelgangen. Zo ontstond immers in 1815 ook de Nederlandse Senaat als de Menagerie du Roi, 'des konings apenhuis', aanvankelijk bestemd voor de erfadel en bedoeld ter bescherming van de kroon tegen nieuwlichterij. Maar de gedachte aan de communistische nomenklatoera in plechtige Oosteuropese 'Houses of Lords' die daar dan zouden waken tegen het oprukken van de perestrojka was wel leuk maar niet reeel. Ook een Hogerhuis moet gelegitimeerd zijn en dat kan anno 1990 alleen nog door verkiezingen. Van beschermers van de heersende klasse tegen de waan van de dag in de 19de eeuw ontwikkelden de senatoren zich in de 20ste eeuw tot ware hoeders van het dualisme. Geen last van een regeerakkoord (zeggen ze), bijna net zo dicht bij de kiezer als de Tweede Kamer en parttime dus met een been in de buitenwereld, dicht bij de burger. Het zelfbewustzijn in de Eerste Kamer groeit naarmate de Tweede meer naar het kabinet kruipt en het partijbelang vereenzelvigt met het publieksbelang. Zelfs de voorzitter van de Tweede Kamer, Deetman, zei vorig jaar bij zijn aantreden dat door het groeiende binnenkamercircuit het 'echte politieke debat' steeds minder in zijn vergaderzaal plaats had. In die lacune begint de Senaat te voorzien, constateerde hij. Zulke taal hoort men graag aan de overkant van het Binnenhof. Fractievoorzitter Kaland (CDA) nam de uitspraak van Deetman in januari tot uitgangspunt voor wat een historische aanvaring met premier Lubbers zou worden. Hij zei bij de algemene politieke beschouwingen ronduit dat er 'wel eens een verschuiving kan ontstaan in de politieke taak' tussen Tweede en Eerste Kamer.

Vanmiddag hield vice-voorzitter De Rijk (PvdA) in de slottoespraak tot Hare Majesteit deze toon vast. Het moet de volksvertegenwoordiger om 'democratische courage' gaan. Dat laat zich niet 'door coalitie-afspraken overwoekeren', zo plaagde hij de Tweede Kamer. Ook het kabinet kreeg een tik. De 'glaszuivere en glasharde staatsrechtelijke notie van ministeriele verantwoordelijkheid lijkt te denatureren tot een zaak van nogal plooibare morele toerekening'.

De Senaat in de rol van hoeder van staatsrechtelijke zuiverheid en van democratisch gehalte. Voor kabinetten is deze trend slecht nieuws. Bij twee politieke kamers verantwoording afleggen is een onmogelijke opgave, zei de Britse hoogleraar V. Bogdanor van Oxford University. Een Senaat functioneert bij de gratie van terughoudendheid een sobere controle op recht- en doelmatigheid, niet op politieke wenselijkheid. Alleen bij zeer grote bezwaren wordt er op de rem getrapt. Bogdanor beschreef de ideale Senaat als stootkussen tussen partij, regering en burger. Een Hogerhuis dat alleen is toegerust met het wapen van uitstel van wetten kan al heel wat bereiken, vond hij. De media en daarmee de publieke opinie kunnen dan alsnog vat op de discussie krijgen. Een Hogerhuis kan zich tot hoeder van de grondwet maken en de burgerrechten van minderheden bewaken. De democratische staatsvorm is immers niet per se sterk of zelfreinigend. 'De meeste dictaturen komen voort uit democratieen', aldus Bogdanor.

In federale staten kan een senaat ook voor de bescherming van regionale belangen zorgen. Maar het is dan wel nuttig als de senatoren zelve niet tot 'het speelgoed der politieke partijen' gaan horen. Anders kan men beter de rechter opdragen de wetten aan de grondwet te toetsen. Ook kan het referendum verplicht worden gesteld bij bepaalde onderwerpen. De rechter en de burger zelf waken dan tegen het werk van die Kamerleden die, zoals De Rijk het vanmiddag noemde, 'graag vooruit willen komen' en zich daarom uitsluitend conformeren aan fractie- en partijstandpunten.

Maar de spanning blijft een politieke Senaat gaat volgens Lubbers 'een gevaarlijke weg' op. Hoe macht uit te oefenen zonder vuile handen te krijgen, lijkt de vraag. In de commissie-Deetman, die voorstellen schrijft voor nieuwe staatsrechtelijke regels, wordt inmiddels gesleuteld aan een terugzendingsrecht. Heeft de Senaat grote bezwaren dan stuurt het de wetsvoorstellen terug naar de Tweede Kamer, alwaar dan een definitieve beslissing wordt genomen. Zo blijft er ruimte voor onpartijdigheid en blijft de politieke verantwoordelijkheid bij de direct gekozen volksvertegenwoordiger. Dat vond De Rijk vanmiddag echter 'een overhaast gekozen vluchtweg'.

Als er politiek gevaar in de Senaat dreigt dan moeten er in de eerste termijn van het debat maar harde klappen vallen. Het kabinet 'moet niet wijken en geen stip of jota wijzigen. Een prudente Eerste Kamer zal in tweede instantie dit feit meewegen'.

Want zo luidt zijn Wet van de democratische courage: 'Wenst men ondervonden tegenwicht niet doorslaggevend te laten zijn, dan moet men het eigen gewicht daar weer tegenover plaatsen'. Er is natuurlijk ook een andere weg: ervoor zorgen dat het met dat tegenwicht wel meevalt. 'Voor mij is de toetssteen de komende kandidatenlijst van het CDA', zegt een senator uit de oppositie. Want zou de politieke courage van de Kalands, Boorsma's en Postma's in het CDA straks wel worden gewaardeerd?