'Het voetbaldoel moet halve meter breder'

ROTTERDAM, 24 aug. Meer dan ooit wordt er gediscussieerd over de toekomst van de populairste sport in de wereld, voetbal. Het saaie wereldkampioenschap in Italie heeft wel degelijk voor bezorgdheid over de amusementswaarde van het spel gezorgd. Volgens de FIFA, de wereldfederatie, ligt het lot van het voetbal in handen van de heren oefenmeesters. Zij bepalen, aldus secretaris-generaal Blatter, 'de kleur van een wedstrijd'. Johan Cruijff, door velen als de bekwaamste Nederlandse voetbalprofessor beschouwd, vreest echter dat trainers de verdedigende vondsten van hun WK-collega's zullen naapen. 'Maar', zegt Cruijff, 'het is te hopen dat niemand het in Italie leuk heeft gevonden zodat we nu met z'n allen weer normaal kunnen gaan voetballen.' Het zijn natuurlijk vooral de neutralen en de verliezers die bezorgd zijn. Voor de winnaars vergoedt spanning en succes veel, zoniet alles. Uit West-Duitsland, de nieuwe wereldkampioen, werden de afgelopen tijd vrijwel geen klachten over het hedendaagse voetbal vernomen. Ook PSV-trainer Bobby Robson die met Engeland de halve finale in Italie bereikte en veel lof oogstte spreekt achteraf van een kwalitatief goed WK. 'Maar', geeft hij toe, 'het was ook weer niet geweldig. Dat komt omdat er geweldige spelers ontbraken.'

Robson heeft echter voetballers in actie gezien die volgens hem straks wel vedetten zullen zijn. Hij noemt de Italiaan Baggio en Paul Gasgoigne uit zijn eigen ploeg. 'Gasgoigne is volkomen geschift, maar hij heeft het in zich om een mega-star te worden.' Volgens Cruijff ligt de 'redding' in het opleiden van een ander type voetballer. Er moeten weer meer spelers in het veld komen zoals hij er zelf een was. 'Spelers die alles met een bal kunnen en initiatief durven te nemen.'

Dat is, aldus de trainer van Barcelona, de taak van de opleiders, de jeugdtrainers. Cruijff: 'Tegenwoordig moeten de rechts- en linksback voor het meeste aanvallende gevaar zorgen. Zo'n speler moet dan wel eerst zestig meter afleggen. Je hebt dus eigenlijk marathonlopers in plaats van voetballers nodig. Maar om als speler je fijne techniek te kunnen gebruiken, moet je lucht hebben, mag je niet moe zijn.' Tienduizenden voetballiefhebbers over de hele wereld geloven er echter niet in dat de trainers in de nabije toekomst massaal een andere, mooiere weg zullen inslaan. Zij zoeken de oplossing dan ook in wijzigingen van de spelregels die de aantrekkelijkheid van het spel zouden kunnen vergroten. Uit alle windstreken kregen de FIFA en de nationale bonden na het WK suggesties toegezonden. Er zaten erbij die eerder in de ideeenbus bij een circus thuishoren; het plaatsen van een tweede doel op het bestaande doel bijvoorbeeld. Maar er kwamen ook voorstellen binnen die wel degelijk hout snijden en het overdenken tenminste waard zijn.

Doel breder

Ook onder de professionals leven ideeen in die richting. Het hanteren van zuivere speeltijd is erg populair. Leen Looyen, trainer van de Nederlandse eredivisieclub NEC, stelt voor om de doelen een halve meter breder te maken. Dat is volgens Looyen de meest simpele ingreep die er te bedenken valt. 'Het scoren van doelpunten wordt op die manier eenvoudiger en daar draait het toch allemaal om. Je krijgt weer meer schoten van afstand en bij vrije trappen ben je dan meteen van dat muurtje af. Met zo'n groot doel heb je namelijk zeker dertien spelers nodig om alles af te dekken.'

Ook voor FIFA-secretaris Blatter is 'het muurtje' een doorn in het oog. Persoonlijk zou hij het willen verbieden. De Zwitserse bestuurder staat in het FIFA House in Zurich echter bekend als progressief.

Bij de spelregelcommissie van de FIFA, de International Rules Board, die voor de helft uit vertegenwoordigers van de Britse landen bestaat, hebben enigszins gewaagde voorstellen geen schijn van kans. Over de kleinste wijzigingen van de regels wordt jarenlang nagedacht. Ooit werden er talrijke vergaderingen gehouden met als onderwerp de breedte van de kalklijnen. Volgens velen is die voorzichtigheid terecht. Er moet, vindt die groep, niet met de Laws of the Game worden gerommeld. Die mening is ook Cruijff toegedaan. Volgens hem werken regelveranderingen meestal averechts.

Ausputzer

Zo wijst Cruijff erop dat de onlangs gewijzigde buitenspelregel, waarbij het op gelijke hoogte staan van de aanvaller en de verdediger niet meer als offside geldt, nadelig is voor de positief ingestelde teams. Deze nemen in de achterhoede vaak veel risico en spelen met de defensie op een lijn. Maar in de nieuwe vorm zal iedere verstandige trainer toch enige zekerheid inbouwen. De laatste man wordt dan weer meer ausputzer. In Nederland lijkt met name FC Den Haag de dupe te worden. Trainer Co Adriaanse liet zijn ploeg altijd een aanvallend en origineel model spelen dat in de voetbalwereld bekend stond als het 'kerstboom-systeem'. Door de veranderde regel zegt Adriaanse dat zijn hele speelwijze wordt aangetast. 'Het kan mij zelfs mijn carriere kosten', oordeelt hij. 'Ik heb de laatste jaren toch iets anders dan anderen laten zien.'

In Wales wordt dit seizoen uit naam van de FIFA met een nieuwe verandering van de buitenspelregel geexperimenteerd. Deze houdt in dat een speler niet meer offside kan staan als hij de bal uit een pass van eigen helft ontvangt. Cruijff noemt dat 'een lachertje'.

Hij oordeelt dat ook deze wijziging een groot voordeel voor de 'negatieve' partij zou zijn. 'Dan kunnen de spelers helemaal achterin blijven staan en met een lange hijs hun mensen voorin bereiken.'

Belangrijke tijd

Cruijff acht de huidige regels gewoon toereikend. Maar hij vindt wel dat die door de arbitrage naar behoren moeten worden toegepast. Indien dat gebeurt zal het spel volgens hem aan snelheid en aantrekkelijkheid winnen. Het stoort Cruijff bijvoorbeeld dat er regelmatig door behoudend spelende ploegen op de keeper wordt teruggespeeld. 'Dat kost belangrijke tijd. Het is gewoon spelbederf, maar er wordt niet tegen opgetreden. De scheidsrechters moeten durven fluiten.'

Hij wijst op de WK-wedstrijd tussen Nederland en Ierland die beide in de slotfase tevreden waren met de 1-1 stand en de bal risicoloos in hun verdediging heen en weer schoven. 'Geef je dan een keer een vrije trap dan is het meteen afgelopen', aldus Cruijff.

Ook Gunder Bengtsson, de technische directeur van Feyenoord, rekent voor de toekomst op de arbitrage. Indien volgens de ervaren Zweed de nieuwe, strakkere richtlijnen tegen ruw en hard spel goed en consequent door de scheidsrechters worden nageleefd zal dat spelers met individuele klasse de kans geven zich te ontplooien. 'Zo'n topper zal altijd voor kleur en opwinding zorgen; in wat voor een ploeg en in welk systeem dan ook.' Bengtsson zegt dat de dirty players geen toekomst in het voetbal mogen hebben.

Inmiddels is de rol van de arbitrage in het voetbal steeds groter geworden. Hun taak is er door de invloed van de tv-beelden bovendien niet eenvoudiger op geworden. Elke fout komt groot en duidelijk in beeld, meestal ook nog in de vertraagde herhaling. Dat heeft de druk alleen maar doen toenemen. Leo van der Kroft, de per 1 november scheidende Nederlandse scheidsrechtersbaas, vindt het typerend dat zelfs als toppers bekend staande arbiters in de fout gingen tijdens het laatste WK. Het van diverse kansen geopperde idee om in het vervolg de wedstrijden door twee mensen te laten leiden vindt Van der Kroft nog steeds niet uitvoerbaar. 'Dan krijg je twee stijlen, twee gedachten.'

Persoonstraining

Van der Kroft is er wel voorstander van om de arbitrage te professionaliseren. Hij beseft dat dat absoluut geen garantie geeft dat een scheidsrechter beter zal worden als het fluiten zijn beroep is. Van der Kroft is echter van mening dat de arbiter zich zo goed mogelijk moet kunnen voorbereiden en zelfs de kans moet worden gegeven aan mentale persoonstraining te doen. Vele betrokkenen zouden professionalisering van de arbitrage toejuichen, onder anderen Joseph Blatter van de FIFA die al in Italie heeft geroepen dat alle scheidsrechters bij het volgende WK prof zouden moeten zijn. 'Van mij', zegt Jan Reker, trainer van UEFA-Cupdeelnemer Roda JC, 'mag een scheidsrechter 5.000 gulden per wedstrijd verdienen. Die man is tegenwoordig zo belangrijk. Als hij nu in een wedstrijd een fout maakt gaat hij op maandag gewoon weer naar zijn baas en is er eigenlijk niets aan de hand. Maar is hij in dienst bij de KNVB dan is dat toch anders. Dan zal hij de verantwoordelijkheid meer voelen.'